Hoofdstuk 2:

42 4 0
                                    

Als ik de school in loop zoek ik gelijk mijn kluisje op. Hij is ergens vlakbij de ingang kluisje 246. Ik doe mijn rugzak (een mooie blauwe met sterentjes) open om mijn boeken in mijn kluisje te doen maar er loopt net iemand tegen mij aan waardoor mijn spullen op de grond vallen. Ik denk zacht in mijn hoofd ' een goed begin voor dit nieuwe jaar '. Ik pak mijn spullen van de grond en doe ze weer in mijn rugzak. Dan komt er een meisje naar me toe en helpt me, als ik al mijn spullen in mijn rugzak heb gedaan staan we allerbei op en stelt ze zich aan mij voor. Ze zegt met een aardige stem dat ze Sanne heet. Ik ben Emma, en ik ben hier nieuw' zeg ik tegen haar. Ze glimlacht en vraagt of ik toevallig ook eerst Wiskunde heb. En toevallig is dat ook zo dus lopen we samen naar de les en dan zegt ze dat ze het leuk zou vinden als ik naast haar kom zitten en dat doe ik dan ook want veder ken ik niemand. Als de les begint schrijft de leraar gelijk een moeilijke som op het bord en vraagt wie het antwoord weet. Ik steek mijn hand op want ik weet het antwoord maar ik begin gelijk al te twijfelen of ik mijn hand weer naar beneden zal doe want Sanne kijkt me verbaasd aan en steekt daarna gelukkig ook haar hand op. Zo te zien is zijn ook wel goed in wiskunde en daar ben ik blij mee want ik wil niet de wiskunde nerd van de klas zijn en ik wil ook graag vrienden worden met Sanne.

Later in de les geeft de leraar een opdracht met z'n 2e op en ik en Sanne doen die opdracht samen. We spreken af dat ik na school mee naar haar huis ga en dat we daar de opdracht gaan doen. Eigenlijk ben ik ook wel benieuwd naar haar huis en familie want een familie heb ik niet en waar ik alleen woon noem ik ook geen echt huis.

Later in de middag, als school uit is, loop ik samen met Sanne naar haar huis, vreemd is dat je eerst door een maïsveld moet voor je bij Sanne's huis komt, dat is mijn huis zegt ze en ze wijst naar een groot kleurig huis maar dan stopt ze ineens. Ik kijk haar vragend aan. 'mijn familie is soms een beetje apart maar trek je daar niets van aan' zegt ze dan met een zenuwachtige stem en dan loopt ze weer verder en ik loop natuurlijk gewoon met haar mee. Tussendoor vraag ik nog iets over haar familie onder andere:  'heb je ook nog broertjes of zusjes ?'. Sanne: ja ik heb een broertje van 11 en één van 16 en ook nog een zusje van 9. En toen vroeg zij mij hetzelfde en ik zei dat ik enigskind was. En dat ben ik ook, letterlijk, want ik ben alleen één kind zonder ouders of broertjes of zusjes maar dat zei ik natuurlijk niet hardtop. Dan zijn we eindelijk bij haar huis aangekomen. Ik ben eigenlijk wel benieuwd naar haar familie. Ze doet haar sleutel in het slotgat en draait de deur open. Eenmaal binnen wilt ze mij gelijk naar haar kamer meenemen, ik vraag me af of ze zich schaamt voor mij of voor haar familie of wilt ze gewoon dat we die opdracht snel af hebben zodat ik snel weg ben?

Daarom vraag ik aan haar of haar ouders thuis zijn om me aan hun voor te stellen. Maar ze schut haar hoofd maar of ze nou liegt of de waarheid spreekt is moeilijk te zien aan haar gezicht. Dus loop ik dan toch maar mee naar haar kamer om de opdracht voor wiskunde te maken.


♡Familie♡Waar verhalen tot leven komen. Ontdek het nu