37) Verdriet en pijn

55 3 0
                                    

(  The time flies ayway. Everyday, every minute, every second we get closer to the future but when i saw what you mean for me everything stopped. )

*37) Verdriet en pijn. 

{ LIA }

Dit is niet de eerste keer dat ik  'weg loop van huis'. Vroeger, een jaar of vijf geleden, heb ik het ook wel gedaan. Maar dat was anders dan nu. Dat was om iets kleins en doms. Dit is serieus. Mijn moeder is nooit thuis maar nu ze thuis is gaat ze zich wel met mij bemoeien? Ze verpest alweer een droom van me. 

Het begint steeds kouder te worden en zonder erbij na te denken loop ik door tot dat ik een bekend gezicht zie.  "Michael." Zeg ik zachtjes. "Hey Narcisje wat doe jij hier? Waarom heb je geen jas aan." Vraagt hij verbaasd. Ik haal mijn schouders op. Snel doet hij zijn eigen jas uit en legt hem om mijn schouders. "Dankjewel." Zeg ik zachtjes terwijl ik de jas aan doe.  "Vertel me nu wat er is." 

"Ik heb net ruzie gehad met mijn moeder."  "Waar ging de ruzie over.?  "Ik heb haar vertelt dat ik kunst ga studeren samen met jouw en dat vond ze niet echt leuk." Ik word alleen al boos als ik eraan denk. "Ze gunt mij nooit iets wat ik wil en ik word er echt gek van!" 

"Je bent duidelijk boos op haar." Ik knik.  "Kom je met me mee? Dan laat ik je iets moois zien." Zegt hij dan. Ik kijk hem aan en knik.  "Goed. Eigenlijk kom ik hier nooit met iemand. Jij bent de eerste." Zegt hij dan als we het bos in lopen. Het is al donker maar hier in het bos is het nog donkerder.  "Waar the hell gaan we naar toe?" Vraag ik dan. Hij lacht. 

"We zijn er." Hij duwt een paar takken opzij en we lopen naar het open gedeelte van het bos. Je ziet de maan schijnen en weerspiegel op het meertje. Het is er rustig en zeer ruim. 

"Wauw." Zucht ik uit terwijl ik om me heen kijk. Door de maan is er genoeg licht en alles ziet er zo mooi uit ook al is het maar gewoon een bos, nee dit is wel een bijzonder stuk bos.  

"Ik kom hier altijd als ik even helder moet denken, om inspiratie te zoeken of om gewoon rust te vinden." Ik kijk hem aan. Hij blijft me maar verbazen.  "Dit is zeg maar mijn geheime plek maar nu weet je er ook van dus is het niet meer zo geheim." Ik lach zachtjes.  "Waarom breng je me hier naar toe dan."  "Zodat we rustig kunnen praten. Alleen wij tweeen zonder iemand die ons hoort of kan storen." Het klinkt zo serieus en de manier waarop hij praat doet me lichaam tintelen. Ik wil hem alles vertellen. 

"Ik voel me alleen." fluister ik zachtjes en kijk weg van hem naar de maan boven ons. Hij draait zich ook om.  "Waarom voel je je zo?"  "Omdat het lijkt alsof ik niemand meer heb die er echt voor me is. Mijn vader niet, mijn moeder niet. Niemand." Waarom vertel ik hem dit? Ik wil niet dat hij weet dat ik depressief ben.    

"Dus je bent een soort van depressief?"   "Ja...Nee....Ik weet het niet." Zucht ik.  "Je twijfelt te veel Narcisje." Ik zucht. Hij heeft gelijk.  "Maar je bent niet alleen."  "Je hebt mij nog Narcisje." Als hij dat laatste zegt draai ik me om naar hem. Hij draait zich ook om en we kijken elkaar lang aan. Er hangt een vreemde spanning om ons heen.

"Dankjewel Mike. Voor alles." Fluister ik omdat ik verder niks kan. Mijn keel lijkt dicht te zitten. "Je hoeft me niet te bedanken." Zegt hij schor. Zijn stem klinkt zo sexy en ik voel mijn hart steeds snellen kloppen als hij steeds dichterbij komt. Hij slaat voorzichtig zijn armen rond mijn heupen en ik doe hetzelfde terug maar dan om zijn nek. Onze voorhoofden botsen tegen elkaar en zo blijven we een paar seconde staan. 

Zoen me. Zoen me please. 

Ik zie dat hij zijn lippen al een stukje opent dus ik doe hetzelfde. Ik wil hem nu meteen. En dan gebeurt het. Zachtjes drukt hij zijn volle lippen op de mijne. Het voelt zo goed dat ik erin mee ga. Het tempo versnelt zich en al snel zoenen we ruig maar vol passie. Zijn handen glijden over mijn rug heen. De zoen word steeds intenser en ik weet dat hij meer wilt. Dan drukt hij voorzichtig zijn lippen op mijn nek. Hij heeft me allemaal kleine kusjes op mijn nek en hals. Ik zucht van genot. Ik wil meer. Hij drukt weer zijn lippen op de mijne en ik ga met mijn hand onder zijn shirt. Zijn six-pack voelt hard aan wat me nog meer opwind. Ook zijn handen glijden onder mijn shirt naar mijn bh beugel. Net wanneer hij hem wilt openen, denk ik, hoor ik mijn telefoon af gaan. Fuck! 

Geschrokken van het geluid laten we elkaar los en ik doe een stap naar achteren. Wow wat is er zo net gebeurt? Zonder na te denken neem ik de telefoon op.  "Hallo." Snauw ik.  "Hey Nathalia, ik ben het." Die stem ken ik uit duizenden en heb ik voor het laatst nog een paar weken geleden gehoord. Mijn vader. Ik probeer iets te zeggen maar dat lukt me niet. Michael ziet dat ik het moeilijk heb en vraagt fluisterend wie het is. Ook hem kan ik niet beantwoorden. Hij wilt duidelijk een antwoord want hij pakt mijn telefoon af.  "Hallo met wie spreek ik?" Vraagt hij beleeft en zet zijn shirt die ik wat omhoog had getrokken weer recht.   "Oh de vader." zegt hij verbaasd en kijkt mij aan.  "Nee meneer ik ben een vriend van haar." 

Dat deed pijn. Een vriend. Een dood normale vriend. Stiekem had ik gehoopt dat hij iets anders ging vertellen. Misschien de vriend. Dat zou me geen pijn hebben gedaan maar dit? Beteken ik dus niks voor hem? Voelde hij het effect niet wat ik had tijdens onze zoen van? 

Sinds ik hem voor het eerst zag wist ik dat hij anders was dan andere. Hij had iets. Ik haatte hem toen maar alsnog was er iets tussen ons. Is het waar wat mensen van ons dachten? Ben ik verliefd op Michael? Ik ben verdrietig en heb pijn. Is dit dan wat ze noemen liefde?  Teveel vragen gaan rond in mijn hooft en ik heb zin om te huilen. Hard te huilen en weg te rennen van Michael. Hij maakt alles alleen nog maar ingewikkelder. Ik kan dit niet meer aan. Snel draai ik me om en wil weg lopen. 

"Hey?" Roept Michael me achterna. Ik negeer hem en loop door.  "Wat is er?" roept hij. De tranen rollen al over mijn wangen.  "Praat tegen me!" Hoe moeilijk dit ook is ik blijf doorlopen. 

"Gaat dit over onze zoen van daarnet." Dat laat mij stilstaan maar ik durf me nog steeds niet om te draaien maar dat hoeft ook niet want hij gaat al tegenover me staan.  "Praat tegen me." Zegt hij met nog mijn telefoon in zijn hand. Ik veeg mijn tranen weg en schudt mijn hooft.  "Er is niks." Fluister ik. Hij gelooft me duidelijk niet.  "En kan je nu opzij gaan. ik wil naar huis." Hij blijft er maar zo hulpeloos bij staan maar ik heb geen zin om met hem te praten. Ik weet niet wat er met me is. 

"Dag Michael." Eerst pak ik mijn telefoon uit zijn hand en loop langs hem heen en kijk niet meer om. Ook al wil ik dat wel. Ik wil naar hem toe gaan en hem nog eens zoenen. Maar dat kan niet. In plaats daarvan loop ik weg uit het bos naar mijn huis en laat Michael helemaal alleen achter in het donker.  

~

Sorry dat het zo lang duurde voor een nieuwe update! Ik had het erg druk...Maar nu ben ik in Nederland dus zal deze week meer updaten en gaan schrijven! <3

Hij is onvermijdelijkWaar verhalen tot leven komen. Ontdek het nu