Ik heb niet zolang om mij weer helemaal te kalmeren of er wordt op de kamerdeur geklopt. Aan het zachte, maar snelle klopje kan ik merken dat Felice degene is die aanklopt. Wacht... waarom let ik daar überhaupt op?! Ik schud mijn hoofd, sta op en doe de deur open. Zoals ik al had voorspelt staat daar Felice,
"Hey, voel je je al wat beter...?" Vraagt ze voorzichtig met een bezorgd gezicht. Ik frons en denk even na; want ondanks de nachtmerrie voel ik me wel goed uitgerust, en het overgeven is ook zo slecht nog niet, want dan is het er tenminste uit. "Ja, op zich wel, eigenlijk..." Zeg ik terwijl ik tegen de deuropening aanleun.
Felice loopt naar binnen en ik doe de deur netjes achter haar dicht. Ze pakt een stoel, zet die naast mijn bed neer en gaat erop zitten. Ik zucht, ga zelf op mijn bed zitten en kijk haar dan aan, "Er is iets wat je wilt zeggen." Zeg ik met een neutraal gezicht. Felice knikt, "Ja, ehm... wat voor droom had je?" Ik kijk nerveus weg.
"Je... je hoeft het ook niet allemaal te vertellen- je was gewoon soms opeens aan het schreeuwen in je slaap ik maakte me zorgen... de anderen ook en-" Ze neemt even diep adem verteld dan verder: "Je hebt geslapen voor twee volle dagen lang." Stelt ze vast.
Waarschijnlijk heeft ze de volgende reactie niet verwacht, want ik begin te lachen. "Zo hé! Oh wauw! Haha, die had ik eerlijk gezegd niet verwacht..." Ik hoest even en sta op, "Maar wacht, dan moeten we als het goed is nu al in Midusa zijn, toch?" Vraag ik terwijl ik snel een shirt uit de kast pak en die aantrek. Ik kijk snel even in de spiegel en wat ik aantref in plaats van mijn spiegelbeeld is een wasbeer die ongesteld is en net wakker lijkt van haar winterslaap. Houden wasberen eigenlijk wel een winterslaap? Volgens mij niet... boeien.
Wat zeg ik?! Ik beledig wasberen op die manier, want mijn slaaphoofd overtreft levels van schande waarvan niemand überhaupt wist dat die haalbaar waren. Ooit. Ik zucht en kijk Felice aan, "Ik moet zo de koning ontmoeten van dit rijk -die is al onze bondgenoten maar alsnog- met dit gezicht!!" Roep ik met hysterische handbewegingen die naar mijn hoofd seinen. Felice grinnikt, "Succes?" Is het enige wat ze zegt. Ik geef haar een hele truttige, neppe glimlach en loop naar de deur toe. "Ik zou het heel erg op prijs stellen als je mijn kots-emmer zou legen!" Zeg ik dramatisch en ik loop naar buiten.
"Ik leef weer." Zeg ik droog terwijl ik zie hoe Maan, Joris en Diana op het dek op het trapje naar het hogere dek rustig hun bammetje aan het eten zijn. "We hebben al met wat gasten van de haven gesproken, en we hebben al een beetje gezegd waar we voor komen, niet te veel hoor maak je geen zorgen, en koning Stefan verwacht je al een beetje." Meldt Maan mij met een neutraal gezicht.
Ik zucht, "Dan zal ik wel die kant op gaan dan... hebben ze Joris al opgemerkt?" Vraag ik. "Nog niet," Antwoord Joris zelf, "Ik dacht dat het wel handiger zou zijn als ik me voor nu nog even verschuil." Legt hij uit. Ik knik; ik ben het totaal met hem eens. "Dan-ehm... dan ben ik vanmiddag wel terug, denk ik..." Zeg ik. Ze knikken en zwaaien mij dan gedag.
Ik loop met de plank van het schip af en stap voor het eerst tot een paar dagen weer op gewoon een harde grond in plaats van een krakende vloer die altijd een beetje heen en weer zwaait. Ik loop door de haven van Midusa heen en kijk rond; het ziet er rustig uit, maar het is ook nog maar vroeg in de ochtend. Ik zie er helemaal niet professioneel uit met mijn vieze laarzen waarvan ik niet de moeite heb genomen om de veters ervan te strikken, mijn simpele broek en grijze t-shirt met v-hals en vooral gewoon... mijn hoofd, met een zwart vogelnest als haar.
Toch wordt er gebogen wanneer ik langsloop, blijkbaar kunnen mensen mij -ondanks mijn vreselijke uitstraling- toch herkennen. Ik schaam me dood, om eerlijk te zijn. Langzamerhand kom ik aan in de hoofdstad van Midusa. De keistenen huisjes, mistige geur en kleine torens geven het een mystieke uitstraling. Ik glimlach tevreden, want het ziet er als één geheel allemaal erg mooi en geordend uit.
Niet zo lang daarna kom ik aan bij de troonzaal, en daar tref ik al koning Stefan aan, de pas nieuwe koning van Midusa. Je hebt lef als je netjes iemand bij de binnenkomst al opwacht in plaats van lui op je troon zitten en een wachter je bezoeker naar binnen laat escorteren. Ik glimlach en we schudden elkaar de hand,
"Chief Bart, wat goed om u te zien, ik had u al een beetje verwacht! Welkom terug in Midusa!"

JE LEEST
She Came Back
PertualanganChief Bart van Kanta Tribo heeft een wand van Ragftagar gekregen, daar zou hij toch echt heel blij moeten zijn? Verkeerd gedacht. Bart is welliswaar allergisch voor de energie van de wand en heeft tot nu toe alles er aan gedaan om hemzelf daar een...