Hoofdstuk 41: Het feest

172 17 12
                                    

Hand in hand komen ik en Felice aan in de troonzaal, die speciaal versierd is voor deze avond. Sommige mensen kijken op maar lijken niet echt zo verbaasd, blijkbaar is het gerucht dat de chief van Kanta Tribo ook bij het feest aanwezig zou zijn snel verspreidt.

We lopen naar binnen en we worden al snel ontvangen door Stefan die vlak bij de ingang staat. "Goedenavond, Bart!" We schudden elkaar de hand en rijkt dan zijn hand uit naar Felice, "En met wie heb ik het genoegen?" Vraagt hij beleefd terwijl zij elkaar de hand schudden. "Ik heet Felice, aangenaam kennis te maken, het is mij een eer om hierbij te mogen zijn vanavond." Zegt ze netjes met een zachte glimlach. Stefan glimlacht terug en wenst ons nog een fijne avond toe voordat we verder naar binnen lopen.

Ik en Felice gaan bij een lege tafel staan en nemen beiden een glas champagne. Na een tijdje is iedereen wel gearriveerd en Stefan komt bij onze tafel staan. "Bart...?" Begint hij. Ik zet mijn glas neer en kijk hem aan, "Ja?" Stefan kijkt mij met een serieuze blik aan, "Ik zou graag wat meer informatie krijgen over de hele situatie, want voor mij klinkt het nogal vaag..." Biecht hij op. Ik knik begrijpend, "Ja, snap ik... jij bent niet de enige die wat meer te weten mag komen van dit alles..." Zeg ik met een zucht en ik kijk Felice even aan, die eerst even een wenkbrauw optrekt maar dan instemmend knikt.

"Ik kom dus oorspronkelijk uit Vystara, waar ik en mijn tweelingzus Diana samen zijn opgegroeid, helaas is ze op jonge leeftijd opgenomen in een psychiatrisch ziekenhuis en ik had nooit verwacht haar ooit terug te zien. Dat is dus wel gebeurd. Nu vragen jullie je vast af hoe het komt dat ik allergisch voor de kracht van die wand ben, nietwaar...?" Vraag ik. Stefan en Felice knikken allebei en luisteren aandachtig. "Iets van één of twee weken geleden ben ik erachter gekomen dat... Diana en ik ver afstammen van Eleios-" "Wow wow wacht even! De Eleios? Als in... de oppergod van Midisti Eleios?!" Onderbreekt Stefan mij verbaasd terwijl Felice mij met grote ogen aankijkt.

"Nou... ja. Blijkbaar is het dus zo dat ooit heel lang geleden Eleios een zoon heeft gekregen met een vrouw, en hij natuurlijk verwachtte dat die zoon van hem een half-god zou worden. Dat gebeurde niet, tot iedereens verbazing... toen werden wij geboren. Wat blijkt dus; de kracht is te sterk om door één sterveling beheerst te kunnen worden, daarom heeft niemand 'm ook geërfd. Maar ik en Diana zijn een tweeling... en wij hebben allebei twee elementen geërfd als kracht..." Leg ik uit. Felice staart mij met open mond aan, "D...dus vandaar dat je dat schip van Ljord met je blote handen kon laten exploderen met een- een golf van vlammen?!" Vraagt ze verbaasd. Stefan kijkt gelijk enthousiast, "Heb jij dat echt kunnen doen?!"

"Nou... soort van? Daar komt het wel op neer maar- ...het is dus zo dat..." Ik haal even diep adem voordat ik verder vertel, "Eleios zei dat ik overbelast ben aan kracht, want nu heb ik dus twee elementen geërfd, ben ik een empire transformatie ondergaan, en heb ik dus ook nog een wand gekregen. Ik kan nu dus niks van één van die krachten gebruiken, want als ik dit dus alles met elkaar probeer te combineren, dan-" 'Over drie weken ben je dood.' Spookt er gelijk door mijn hoofd.

"Daarom werd je ook zo ziek daarna...? En ook hoe je na die ontmoeting met Diana in het ziekenhuis belandde..." Ik zucht, "Ja, precies..."  Stefan knikt begrijpend, kijkt even naar Felice en dan weer terug naar mij. "Het moet vast opluchten om dit te kunnen vertellen, tenminste dat denk ik dan." Zegt hij. Ik knik maar gewoon.

Felice en Stefan praten samen gezellig verder over wat andere dingen terwijl ik dieper in mijn gedachten zink. Ik begin na te denken over hoeveel dagen ik nog over heb; Dag één: de dag wanneer ik mijn element heb ontdekt en het schip van Ljord heb opgeblazen. Dag twee: de dag wanneer Eleios mij hebt verteld dat ik nog maar drie weken had en ik Diana van alles heb uitgelegd. Dag drie en vier: de nachtmerrie waarvan hij voor mijn gevoel maar een halfuur duurde. Dag vijf: Vandaag. Drie weken zijn éénentwintig dagen. Éénentwintig min vijf is zestien. Ik heb nog maar zestien dagen. En in die zestien dagen moeten we nog twee ingrediënten zoeken voor het geneesmiddel waarvan ik niet eens weet wat het geneesmiddel precies moet worden! Fijn!

Zo blijf ik nog in een spiraal van negativiteit totdat Felice mij opeens in mijn zij port. "Kom," Zegt ze, "We gaan naar de eetzaal. Het diner begint zo." Legt ze uit. Ik knik afwezig en we lopen samen naar de eetzaal. Eenmaal daar aangekomen zien we dat op elk bord een kaartje staat met de naam erop, bedoelend dat degene met die naam daar moet zitten. Ik en Felice nemen plaats op onze plek naast de kop van de ovalen tafel, waar Stefan gaat zitten.

"Trouwens..." Begint hij, "Ik weet een persoon die jullie kan helpen, iemand beter dan ikzelf."

She Came BackWaar verhalen tot leven komen. Ontdek het nu