NoorDevriese
Isabelle is een meisje van 16. Op het eerste zicht lijkt ze doodnormaal. Een doorsnee meisje. Met wel een klein beetje rare kantjes. Met haar agressie kan ze geen weg. Na het bijna vermoorden van een klasgenoot wordt ze naar een instelling gestuurd. Het is er mooi en heeft veel weg van een luxe hotel. Alleen kan je er niet weg. De school staat midden op zee. Je zit er gevangen in een gouden kooi. Ook al zouden jij en ik het er super vinden, het is geen plaats voor een meisje dat vrij wil zij. Als ze ontdekt wie haar biologische moeder is, verandert haar leven pas echt. Alles loopt perfect. Tot ze na de vakantie terug naar school moet. En een mysterieuze man haar het leven zuur maakt. Nou ja, dat is zacht uitgedrukt.
Ik schrik wakker. De beelden van de afgelopen 10 jaar spelen zich weer af in mijn hoofd. Mijn hand schiet automatisch naast me neer. Opgelucht haal ik adem als ik het warme slapende lichaam naast me voel. Ik zak terug in de kussens. Het litteken op mijn rug klopt een beetje. Ik weet wat dat betekent. Ik moet hier zo snel mogelijk weg. Langzaam stap ik uit bed en loop geruisloos naar de badkamer. Eenmaal daar draai ik de deur op slot. Als ik voor de spiegel sta trek ik mijn slaapkleed uit. Op mijn nek beginnen zich al de zwarte aders te verspreiden. Van mijn nek naar mijn borst, armen en benen. Mijn ogen stralen een fel geel licht uit. Ik draai mijn gezicht weg van de spiegel. Dit is wie ik echt ben. Isabelle Lingway de dochter van twee dode demonen. Dat maakt mij dus een demon. Als laatste ontvouwen zich twee zwarte vleugels op mijn rug. Ik ben een monster, een verachtelijk monster. Ik was vervloekt en dat kan ik niet met hem delen.