LizeHol15
"Kan ik niet met u mee, vader? vroeg de kleine jongen. "Moed hebben, mijn jongen!" antwoordde zijn vader. Hij haalde zijn ronde zakhorloge tevoorschijn vanuit zijn leren jasje. hij wees op de wijzers die het roestige horloge bezat. "Het is nu kwart voor twee. Als dit wijzertje hier bovenaan staat, is het twee uur en dan zal ik terug zijn." Beloofde zijn vader. En hij gaf het ronde ding aan zijn zoon. "Dat lijkt wel een eeuwigheid!" klaagde de jongen en hij ging op een grote fluwelen stoel zitten, waarop hij comfortabel kon wachten. "Let er op! Niet te nieuwsgierig zijn!" zei zijn vader. Met zijn vaderhand gaf hij nog een aai over zijn zoons bol en vertrok. "De tijd zal sneller zijn dan je denkt!" riep hij nog. De jongen keek zijn vader na, die naar het einde van de lange gang liep en door een deur verdween. Hij zuchtte en keek naar het horloge, terwijl hij wachtte op zijn zeer geliefde vader.