Toen een gevleugelde wachter haar uit de nacht rukte, dacht Elara dat ze zou sterven in de lucht. Maar in plaats van een graf, wachtte haar een rijk dat niet op kaarten bestaat - een wereld van vuur, vleugels en oude wetten.
En boven alles... hem.
Hij is niet haar redder.
Niet haar vijand.
Maar hij is degene die het bevel gaf.
Hij zag haar.
Hij voelde wat in haar sluimerde.
En hij wist dat het moest ontwaken.
In zijn rijk begint Elara te veranderen. Haar bloed brandt. Haar lichaam herstelt sneller dan mogelijk is. Soms voelt ze een kracht onder haar huid pulseren - iets dat reageert op zijn aanwezigheid.
Hij houdt afstand.
Alsof hij bang is voor wat zij kan worden.
Want wat in haar ontwaakt, is ouder dan zijn troon.
Ouder dan zijn naam.
Ouder dan zijn volk.