2000 jaar geleden heeft een oorlog ze uit elkaar gerukt. De 4 groepen Shadds. Shadds zijn grote, snelle wezens. Aideen woont tussen de Natuurshadds, waar ze een goed leven lijd, maar een leven waarin ze niemand echt kan vertrouwen. Ze heeft al snel geleerd dat ze haar magie niet mocht gebruiken terwijl de kinderen uit haar klas het wel mochten leren. Hierdoor is ze erg goed geworden in iets anders, vechten. Nu ze nooit heeft geleerd om om te gaan met haar magie, zou het ooit te veel kunnen worden. Ze weet dat ze magie heeft, ze kan het door haar bloed voelen stromen, maar waarom ze het nooit mocht gebruiken? Aideen gaat op jacht nadat een jager haar moeder heeft neergeschoten, ze is gedreven door wraak en daardoor ontmoet ze onwaarschijnlijke bondgenoten.
Toen een gevleugelde wachter haar uit de nacht rukte, dacht Elara dat ze zou sterven in de lucht. Maar in plaats van een graf, wachtte haar een rijk dat niet op kaarten bestaat - een wereld van vuur, vleugels en oude wetten.
En boven alles... hem.
Hij is niet haar redder.
Niet haar vijand.
Maar hij is degene die het bevel gaf.
Hij zag haar.
Hij voelde wat in haar sluimerde.
En hij wist dat het moest ontwaken.
In zijn rijk begint Elara te veranderen. Haar bloed brandt. Haar lichaam herstelt sneller dan mogelijk is. Soms voelt ze een kracht onder haar huid pulseren - iets dat reageert op zijn aanwezigheid.
Hij houdt afstand.
Alsof hij bang is voor wat zij kan worden.
Want wat in haar ontwaakt, is ouder dan zijn troon.
Ouder dan zijn naam.
Ouder dan zijn volk.