Ik zou de geschiedenis van Kerst vertellen.
de kleintjes kwamen om het orgel staan.
ik hoorde wel dat iemand stond te bellen,
maar onder 't zingen kon ik niet naar voren gaan.
'k Had anders eerst wel uit het raam gekeken,
maar dat was nú vond ik, de EER van God te na.
't zou oneerbiedig zijn de zang te breken,
Zongen Ere zij God lied der Engelen na.
Ere Zij God duurt lang en VREDE op AARDE.
ik liet maar bellen tot het laatste refrein.
toen zag ik, Wie er door de ruiten staarde:
Jezus keek me aan en vroeg of HIJ erbij mocht zijn!b