Hoofdstuk 8

8 2 1
                                    

Ethan

Intussen was ik al meer dan een dag aan het varen. Om mij heen zag ik alleen maar water, water en nog een water. Het leek net op de droom van de dag ervoor, alleen was het water waar ik toen overheen zweefde een stuk lichter. Ook was alles om me heen nog steeds donker, alsof het midden in de nacht was. Ik ben in de uren dat ik al aan het varen was niet veel andere bootjes tegen gekomen. Hetgeen wat ik wel tegenkwam stond stil, net als alles thuis. Zelfs de boten dobberden niet heen en weer. Ik keek achter me en zag het water stilliggen. Ookal voer ik nog zo hard, ik maakte geen enkel golfje. Terwijl ik zo hard mogelijk vooruit ging dwaalde mijn gedachten af. Waar zou Jill nu zijn, zou ze dezelfde dromen hebben gehad als mij? De vragen die ik mezelf stelde werden niet beantwoord, voor nu teminste.

Hoe verder ik kwam, hoe lichter het werd. Alsof ik de dag tegemoet voer. Met een glimlach keek ik naar de horizon die toen rood en oranje was. Ik keek naar de benzinetank en zag dat er hij nog driekwart vol zat. Om mij heen zag ik dat er enkele boten tevoorschijn kwamen, ze rezen op uit het niets. Ze lagen stil in het water, net als het mijne nu. Na een tijdje over het water getuurd te hebben liep ik de kajuit binnen. In de kastjes zocht ik naar eten. Na een tijdje had ik een broodje met pasta voor mijn neus op een bordje liggen. Ook stond er naast mij op het mini tafeltje een veldfles met water. Gelukkig had ik er meer dan twintig meegenomen, anders had ik water uit de zee moeten drinken, en geloof me dat is geen pretje.

Na vijf uur gevaard te hebben, werd ik steeds moeier. Mijn ogen begonnen zwaarder te worden, en af en toe vielen ze zelfs dicht. Dat was het moment waarop ik besloot dat ik even ging slapen, niet lang, gewoon een uurtje ofzo. Ik zette de motor uit en gooide het anker het water in. In de kajuit ging ik, met mijn jas aan, op het kleine bedje liggen en niet veel later vielen mijn ogen dicht.

Langzaam maar zeker werd ik wakker, ik rekte me uit en ging rechtop zitten. Mijn maag knorde waarop ik een broodje en wat water pakte. Toen ik mijn brood op had liep ik weer naar het dek, ging achter het stuur staan en startte de motor. Langzaam maar zeker kwam de boot weer op gang, het water bleef stil, maar ik ging snel vooruit. 

Uren gingen voorbij en nog steeds zag ik geen land. Om de twee uur zette ik de motor uit om uit te rusten, of om iets te gaan eten. Natuurlijk kon ik geen hele maaltijden eten, want dan had ik na drie dagen al geen eten meer. Na weer drie uur gevaren te hebben zette ik de motor weer uit. Maar dit keer niet om wat te gaan eten, nee ik ging zwemmen. Een half uur geleden had ik in de verte een aantal dolfijnen gespot. Ik had geen idee of ze bewogen en dus ging ik kijken. Op dertig meter afstand van de groep dolfijnen zocht ik in de kajuit naar zwemspullen. Ik vond in één van de ladenkastjes onder het bed een surfpak, die mijn lichaam warm zou houden. En in een andere vond ik een snorkel en druikbril. Nadat ik me had omgekleed liep ik het dek weer op, ging op het zwemplateau staan en dook het water in. 

Om me heen zag ik allemaal vissen, geen enkele bewoog waardoor ik alle kleuren van de schubben goed kon zien. Het koraal wat zo'n veertig meter onder me lag, zag er prachtig uit. Met de flippers, die ik eerder aan mijn voeten had gedaan, zwom ik snel vooruit. Al na een minuut zag ik schaduwen in de vorm van de dolfijnen. Hoe dichter ik in de buurt kwam, hoe beter ik ze zag. Na een tijdje was ik zo dicht bij, dat ik met mijn handen over de huid van één van de dolfijnen kon strelen. Met mijn vingertoppen volgde ik de gestroomlijnde vorm van de verschillende, prachtige dieren. Ik glimlachte in mezelf en zwom weer verder. 

Na een tijdje kwam ik weer aan bij de boot. In de tussentijd had ik nog wat andere boten gevonden, waar ik een aantal blikken eten van had meegenomen. Op elke boot waar ik opklom, zaten op stonden de mensen doodstil. De gezichten van sommige waren lachwekkend, maar andere behoorlijk angsaanjagend. Eenmaal in de kajuit, stopte ik alle blikken weg, en kleedde me om zodat ik weer verder kon varen. Ik hield mijn blik op de horizon, hopend dat er snel een stuk land in zicht zou komen.

Je hebt het einde van de gepubliceerde delen bereikt.

⏰ Laatst bijgewerkt: Jun 08, 2014 ⏰

Voeg dit verhaal toe aan je bibliotheek om op de hoogte gebracht te worden van nieuwe delen!

Destiny - DutchWaar verhalen tot leven komen. Ontdek het nu