Ze spaarde haar energie en hees zichzelf op aan de wasbakrand. Ze keek in de spiegel. Een zielig meisje keek terug. Ze had veel verdriet, kon je zien. Grote donkere kringen onder doffe grijze ogen en vochtig haar dat als smerige vette touwtjes over haar schouders hing. De medelijden droop ervan af. Ze vond dat ze er gebroken uitzag. Hopeloos, ook. Ze had hier geen zin meer in. Ineens borrelde er een hele hoop boosheid in haar op. Met haar ogen op haar spiegelbeeld haalde ze uit en sloeg met haar vuist recht in de spiegel. Toen ze haar vuist terugtrok zag ze een perfecte afdruk in de spiegel staan van haar vuist op de plek waar ze net haar gezicht zag. Haar bloedende knokkels veegde ze af aan haar jurk. 'fuck'. 'Wat heb ik toch?' zei ze terwijl ze totaal niet verbaasd was over het gat in de spiegel of het glas in haar hand of wat er dernet gebeurd was. Bereid om nooit meer in de spiegel te kijken trok ze hem van de muur en liep op blote voeten door het gebroken glas. Alsof het geen pijn deed liep ze zelfverzekerd door terwijl ze een spoor van bloeddruppels achterliet.
Ze liep naar beneden. Met één been slepend stapte ze de treden af. Sleep, bonk, sleep, bonk. Bij elke bonk vielen bloeddruppels op de treden onder haar. Toen Lola eindelijk beneden was gekomen leunde ze uitgeput tegen de muur. Ze moest iets eten. Schuifelend richting de koelkast keek ze om zich heen. Nog steeds geen teken van haar ouders. Ze had niks in huis maar alsnog begon ze te zoeken in de koelkast. Alles wat ze in haar handen kreeg vloog door de lucht en belande achter haar of op de vloer of aan het behang. Beschimmelde kaas, leverworst, oude boterhammen, ingedroogde bloemkool en spaghetti carbonara ging de lucht in. Ze was tevreden met wat ze overhield. Een pak bloedworst en room. Ze wist niet wat er zo aantrekkelijk aan was want normaal gesproken moest ze er niets van hebben maar nu gooide ze het samen in een kom en begon met haar handen knedend in het sappige vlees, te eten. Smerig roze vlees perste zich tussen de spleten van haar vingers door. Ze likte het af terwijl ze het haar uit haar gezicht veegde met haar polsen. Ze leek wel een beest, of een holbewoner. Dat besefte ze zelf ook toen ze haar eigen weerspiegeling kon zien in de glazen tafel die voor haar stond.
JE LEEST
Knock, knock, who's there?
RastgeleLola komt in een nieuw huis wonen. Ze vind in haar inloopkast ruimtes onder de vloer. Voor ze tijd heeft om erachter te komen wat daarmee aan de hand is wordt ze geteisterd door vreemde nachtmerries en dagdromen...
