A/N: het is al even geleden door het gebrek aan inspiratie maar ineens heeft dit boek 1K reads, bedankt! Ik ga proberen verder te schrijven!
POV Skyler
We komen aan bij de schuilplaats. We nemen Tiffany snel mee naar binnen. Megan komt de gang in gelopen. 'Charlotte?' 'Geen tijd voor uitleg! Tiffany heeft Hulp nodig.' Megan loopt weg en komt even later terug met Zac. Hij bekijkt haar schouder. 'Ze moet naar het ziekenhuis.' Ik zucht. 'We zijn criminelen! We kunnen niet naar het ziekenhuis! We worden gearresteerd!' Even zijn we stil. We hebben bijna al het geld... We zijn zo dichtbij! Ik kan nu niet gearresteerd worden! 'Ik doe het wel.' Zegt Charlotte. 'Wat?' Vraag ik. 'Ik breng Tiffany naar het ziekenhuis, word gearresteerd, zeg dat ik haar hier in mee hebt gesleept, klaar.' 'Nee, dat laat ik niet toe! Je krijgt echt levenlang! Ik kan dit niet zonder je.' 'Ik moet het doen! Je hebt Tiffany meer nodig, ze is je zusje... kom op Tiffany.' Charlotte pakt haar hand en ze lopen naar de bus. Charlotte scheurt weg.
POV Charlotte
Ik parkeer het busje en kijk achterin naar Tiffany. Ik had haar mijn masker gegeven om tegen de wond te houden. 'Het is vast niet veel gevraagd maar, laat mij het praten maar doen.' Tiffany knik. Ik open de deur. Ik zie mensen om me heen bellen en weg lopen. Tiffany loopt mee. In de verte hoor ik sirenes. Dat waa het dan... Waarom moet ik altijd andere mensen helpen? Als ik gewoon nee had gezegd was dit niet gebeurd. Nu ga ik voor altijd de bak in. Wat moet mama wel niet denken. Langzaam lopen we naar binnen. De mevrouw achter de balie kijkt me met grote ogen aan. 'Ik heb hier iemand die Hulp nodig heeft... nu.' Zeg ik. Er komt meteen een dokter die Tiffany mee neemt. Ik wil ook mee lopen maar achter me hoor ik: 'blijf staan!' Ik draai me om en zie allemaal agenten achter me. Een paar lopen via de zijkant zodat ik niet weg kan. 'Zoek het kind.' Zegt een van hun. 'Wacht!' De agent die weg liep stopte. 'Ze heeft niets fout gedaan, ik heb haar geforceerd mee te doen. Ik had een soort van schild nodig.' Zeg ik. De agenten kijken elkaar aan en hij gaat weer zitten. 'Handen omhoog.' Ik doe mijn handen omhoog. Een agent slaat me in de boeien. Ik word mee naar buiten genomen. Allemaal mensen kijken me aan en er staat allemaal pers. Ik word in een auto gezet en een agent praat met de mensen. Even laat rijden we aan naar het politiebureau.
