Arm in arm liepen Emma en Liam voorbij de auto van mevrouw Boog. Het was zeven uur s'avonds en een half uur geleden was de regen eindelijk opgehouden. Mevrouw Boog had het geen goed idee gevonden dat de twee nog naar buiten gingen. De zon hing laag en het kon niet lang meer duren voordat het donker zou worden. Maar Vanessa had haar moeder over weten te halen door te zeggen dat ze altijd konden bellen als Liam en Emma naar huis moesten komen.
"Wat is er?"vroeg Liam.
Zijn vriendin had al vanaf de voordeur een grijns van oor tot oor.
"Niets."zei ze snel. "Ik vind het gewoon fijn om weer wat samen te doen."
"We doen zat dingen samen." Zei Liam.
"Ja maar altijd met andere mensen erbij, nu is het gewoon wij tweetjes."
Ze liepen een tijdje zwijgend verder. De laatste zonnestralen verdwenen toen ze tussen de hoge bomen doorliepen. Af en toe keek Liam stiekem naar Emma. Ze zag er mooi uit, zelfs met haar haar in een rommelige paardenstaart.
"Hey je mist een oorbel."zei Liam.
"Wat... o ja dat is waar ook." Zei Emma toen ze automatisch aan haar oor gevoeld had. "Ik was een oorbel kwijt gisteravond en Vanessa heeft hem gevonden doordat ze er op ging staan maar nu is hij stuk." "Ik heb niets tegen haar gezegd, ze was al in een pesthumeur."
De wind ruiste door de bomen heen en Emma rilde. Ze stak haar handen in haar jaszakken en met een schok realiseerde ze zich dat ze weer iets kwijt was.
"Mijn mobiel, ik ben hem kwijt!"
Liam voelde automatisch in zijn zakken. Hij voelde zijn eigen mobiel diep in zijn linkerzak zitten. Met de lamp van zijn mobiel zocht hij de grond af, maar de mobiel van zijn vriendin was nergens te bekennen.
"Wanneer had je hem voor het laatst?"
"Uh...ik kreeg een app van mijn moeder net voordat we uit de auto stapten." Zei Emma met een hoog stemmetje. "Misschien ligt hij nog in de auto."
"Oke hier pak dit en loop terug naar het huisje en kijk in de auto." Zei Liam terwijl hij een klein zaklampje van zijn sleutelbos haalde. "Ik kom je achterna en zoek op de grond."
Emma pakte het zaklampje en gaf haar vriend een kus. "Dank je wel."
Liam keek hoe het licht van het zaklampje steeds kleiner werd, totdat Emma een bocht nam en hij haar niet meer kon zien. Voorzichtig scande hij de grond. Het zou niet de eerste keer zijn dat hij per ongeluk op een telefoon ging staan. Een paar jaar terug had hij de splinternieuwe mobiel van zijn broer onder zijn schoen horen kraken.
Liam was pas een paar meter verder toen hij een paar druppels op zijn hoofd voelde. De regen had besloten dat de pauze voorbij was. Plotseling klonk er een ijzingwekkend geluid door de bomen. Liam schrok zo hard dat hij zijn mobiel liet vallen. Het geritsel van vogels die haastig wegvlogen volgde. Daarna werd het weer stil. Liam pakte zijn mobiel en vloekte, er zat een grote scheur in zijn scherm. Net toen Liam weer een stap wilde zetten hoorde hij hetzelfde geluid weer. Alleen dit keer herkende hij het. Het was een gil van Emma.
"Emma!" riep Liam.
Hij begon te rennen en ging de bocht om. Er kwam geen reactie.
"Emma waar ben je!" brulde hij nu.
Zijn hart klopte pijnlijk tegen zijn borst. Hij had zijn vriendin vaker horen gillen. De keer dat ze haar arm had gebroken nadat ze van de trap was gevallen had ze het uitgeschreeuw van de pijn. Maar de schreeuw die hij zojuist had gehoord was anders. Er klonk duidelijk paniek doorheen. Terwijl hij richting de uitgang van het bos liep zocht hij trillend naar het nummer van Vanessa. Het duurde een paar minuten voordat ze opnam maar voor Liam leek dat eeuwen.

JE LEEST
De Vijver
TerrorVier vrienden besluiten een weekend door te brengen in een hutje ergens in het bos. Wat een rustige paar dagen had moeten zijn blijkt een ware nachtmerrie te worden...