Meteen schiet ik overeind. Mijn stoel valt kletterend naar achteren maar ik schenk er geen aandacht aan. Ik loop rood aan en probeer iets te vinden wat erg genoeg is om mijn verontwaardiging onder woorden te brengen. 'Is dàt mijn stylist?' Vraag ik sissend. 'Wat willen jullie eigenlijk? Dat ik eruit kom te zien als een studienerd van drie eeuwen geleden? Want dat is precies waar dat mannetje op lijkt!' Even is het doodstil na mijn harde woorden. Dan komt Eleanor woedend op me af. Ze pakt me bij mijn kraag en trekt me naar zich toe. Haar gezicht is vlak bij het mijne en ze fluistert zo zacht dat alleen ik het kan horen. 'Pas op, jongen. Denk goed na over alles wat je zegt. Je bent gevaarlijk bezig op deze manier. Richard is de bekendste stylist van het hele land. Dat zou jij toch moeten weten als Capitoolaanbidder.' Ik krijg een verbijsterde uitdrukking. 'Hij? De bekendste stylist? Dat zou je niet zeggen van zo'n vreemd figuur.' Eleanor trekt een minachtend gezicht en duwt me dan ruw van zich af. 'Je hebt niet eens geluisterd naar wat ik zei, Raymond. Niets ervan is tot je koppige brein doorgedrongen. Je hoort alleen wat je wil horen.' Met bruuske passen stevent ze op Nina af en gebaart dat ze mee moet komen. Jetty staat met haar hakken ongeduldig op de grond te tikken. 'Dat heb je weer goed aangepakt, Raymond.' Zegt ze met een verdacht hoge stem. 'Ik zal jou en je stylist even alleen laten zodat de zaken weer in orde gemaakt kunnen worden. En laat ik het niet horen dat je nog eens zulke onbeleefde taal uitslaat.' Ik rol met mijn ogen maar ben verontrust door het paniekerige gedrag van Eleanor. Als ze de zaal verlaten hebben kijk ik met tegenzin mijn stylist aan. Achter zijn twee ronde brillenglazen schuilen twee koele ogen waarmee hij me nu van top tot teen mee bekijkt. 'Dus jij bent Raymond.' Zegt hij spottend. Zijn krakende stem doet me huiveren. Ik maak me zo lang mogelijk en kijk op hem neer. 'Dat kun je wel zeggen, onderkruipsel.' Antwoord ik. Van Eleanors waarschuwingen trek ik me niets aan. Richard trekt zijn ene wenkbrauw op. 'Goed, jongen. Voor de duidelijkheid zal ik je even mijn regels vertellen. Ten eerste ben ik de baas. Ten tweede zal ik je in een teddybeerpak laten rondlopen als je me niet gehoorzaamt. Dat is alles, begrepen?' Ik voel dat ik mijn zelfbeheersing aan het verliezen ben. 'Wie denk jij wel niet wie je bent?' Fluister ik woedend. 'President Snow soms? Je hebt me niets te vertellen, helemaal niets!' We kijken elkaar een moment lang strak in de ogen. Dan rekt Richard zich uit. 'Ik heb wel nuttigere dingen te doen dan ruzie maken met een arrogante puber. Excuseer me alsjeblieft.' Hij draait zich om en wil weglopen. Een gevoel van triomf overvalt me. Die kabouter kijkt voortaan wel uit met wat hij tegen me zegt! Maar net als ik me ook om wil draaien keert hij zich bliksemsnel naar me toe en geeft me een karatetrap vol in mijn maag. Ik stoot een vreemd geluid uit en laat me kokhalzend op de grond vallen. Ik grijp met mijn handen naar mijn buik. Het voelt alsof de lucht uit mijn longen wordt gezogen. 'Laat dit een waarschuwing voor je zijn.' Hoor ik boven mij vaag de stem van Richard. Hij grijpt mijn arm vast en trekt me ruw omhoog. 'Ik heb jarenlang karatelessen gevolgd.' Zegt hij met een lage dreigende stem. 'Het is maar even dat je het weet.' Hij laat me los en ik probeer te staan. Maar een verschrikkelijke duizeligheid overvalt me. Ik verlies opnieuw mijn evenwicht en laat me tegen de stylist aanvallen. Hij duwt me ruw terug. 'Stel je niet zo aan.' Zegt hij bars. 'Zolang duurt de uitwerking van een trap niet.' Ik hoor wat hij zegt maar het dringt niet echt tot me door. Ik voel me zo ellendig. Ik begin te vallen en vang mezelf half op met mijn handen. Richard kijkt fronsend op me neer. Hij bukt zich en tilt mijn hoofd op. Mijn ogen rollen weg. Meteen slaat hij me op mijn wangen. 'Bij bewustzijn blijven, jongen, ik moet uitvinden wat je mankeert.' Ik maak een keelgeluid. 'Wat me mankeert?' Vraag ik grommend en uit een schor lachje. Maar hij negeert me compleet en trekt zijn neus op. 'Wat ruik ik? Dat is toch niet...' Hij trekt vliegensvlug mijn jas uit en ik word misselijk als ik de overwelmende stank van de roos ruik. Met een vloek pakt hij het ding van me af en rent ermee weg. Verward blijf ik liggen op de koude vloer. Mijn hoofd is een wazig gordijn van mist. Ik sluit mijn ogen en denk nergens meer aan.
JE LEEST
Just a game
Teen FictionVoor sommigen is het een straf, voor anderen een eer. De arrogante Raymond wordt uitgekozen voor de Hongerspelen...
