Hoofdstuk 6

201 14 7
                                        

Verschillende dagen verstrijken sinds mijn ontmoeting met Vidor en ik voel mij vreselijker dan ooit. Buiten de plichten als kroonprins, die er voor zorgen dat ik uit mijn kamer moet komen, verstop ik mij in mijn vertrek onder de dekens. Eten doe ik ook niet meer in de eetkamer samen met mijn familie. Ik verkies liever de eenzaamheid en raak merendeel van de tijd mijn voedsel niet eens aan. De pijn die ik voel is haast onbeschrijfelijk. Ik verlang zo erg om bij Vidor te zijn, zo erg zelfs dat ik mijn emoties niet meer kan controleren en ze nu volkomen zichtbaar zijn op mijn gezicht.

Het is eerlijk gezegd vies om te zijn, mijn eigen emoties. Het is alsof ze doorheen een soort van masker gebroken zijn en ze op een heftige manier willen laten zien dat ze er toch zijn. Dat ik niet echt emotieloos ben, maar dat ik het alleen nooit eerder ze heb kunnen tonen. Ik haat ze.

Als niemand weet hoe je je voelt, zullen ze ook niet met je gevoelens kunnen spelen. Ze kunnen alleen maar raden, maar ze zouden me nooit pijn kunnen doen. En het doet toch geen pijn voor mij. Ik had een masker die sterk genoeg was, maar voor de één of andere reden heeft Vidor hem afgenomen en meegenomen. Samen met een deel van mijn hart.

"Yori, lieverd," voor het eerst sinds het feest hoor ik mijn moeders stem weer, "kom uit je kamer alstublieft. We willen met je praten." Ik schrik op uit mijn gedachtes en rol me nog dieper in mijn fluwelen dekens. Ik wil niet praten. Ik weet toch wat men zal zeggen tegen mij. Het is dus toch nutteloos want hetgeen dat ze zullen zeggen, wil ik niet horen.

"Nee, moeder. Niet voordat mijn gebroken hart geheeld wordt." Ze klopt een paar keer op de deur terwijl ze mijn naam blijft zeggen maar negeer het gewoon. Zij weten niet hoe ik mij voel. Zij weten niet hoe vreselijk het is om een kroonprins te zijn die verliefd is op een andere prins. Nee, tot nu toe is er nog nooit iemand geweest die ook maar hetzelfde gevoeld heeft als ik. Ze zijn allemaal getrouwd met een prinses en zo koning kunnen worden. Ik wil het anders, ik ben het zat om mijn gevoelens over trouwen op te kroppen. Zij mogen er wel uit, maar de andere emoties liever niet.

Ik merk dat ze gestopt is met kloppen en kijk op naar de deur. De koningin staat nu in de deuropening van mijn kamer, met achter zich de koning. "Als je ons niet wilt inlaten, komen we zelfs binnen, schat." Ik verstop mijn gezicht terug in de kussens die op mijn bed liggen en hoor mijn moeder zuchten.

"Wat is er zo speciaal aan die prins? Wil je niet veel liever trouwen met een vrouw?" Het duurt even vooraleer ik mijn antwoord weet te formuleren. Wanneer ik weet hoe ze gezegd moeten worden, hijs ik mijzelf overeind. Ik kijk mijn ouders recht in de ogen aan, met weeral de serieuze blik van altijd. "Ik wil trouwen met de liefde van mijn leven. Degene die mij goed laat voelen, ongeacht of het een man of een vrouw is. Vidor is... Vidor heeft me die avond goed laten voelen. Hij heeft er voor gezorgd dat voor even al mijn zorgen de deur uit waren."

Ik slik na mijn woorden. Mijn ouders tonen nu beide een verraste blik. Een hol gevoel vult mijn maag. Heb ik iets verkeerd gezegd? "Yori..." begint mijn moeder maar ze weet niet goed wat te zeggen. Mijn vader integendeel kijk nu eerder kwaad dan verbaast en ik voel me nog slechter dan ooit. "Hij is een man, Yori! Je moet ook naar de toekomst denken wie je zal opvolgen.  De wereld draait niet alleen om jou! Het draait om het bestaan van het koninkrijk en de mensen die daar leven. Wij zijn er zodat zij een goed leven kunnen leiden." Mijn vaders woorden voelen als kogels door mijn hart.

Zegt hij nu net dat ik egoïstisch ben? Vind hij dat ik alleen maar naar mezelf kijk ondanks ik niks anders doe dan dingen doen voor het koninkrijk zelf?! Is het dan te veel gevraagd om te mogen kunnen trouwen met de persoon waarvan ik zielsveel houdt?! Desnoods laat ik één van de toekomstige kinderen van mijn zus de troonopvolger worden!

"Maar moeder, vader... Jullie snappen mij niet! Ik denk heus niet alleen aan mijzelf hoor. Ik denk zelfs merendeels aan het koninkrijk, nooit aan mijn eigen behoeftes. Alleen dit, is het te veel gevraagd om mij één ding te gunnen? Om te kunnen trouwen met wie ik wil, ongeacht het geslacht van die persoon? Jullie waren er gisteren niet. Jullie hebben niet gezien hoe prins Vidor mij heeft laten voelen. Hij heeft mij voor de aller eerste keer in heel mijn leven kunnen laten lachen! HIJ HEEFT ME KUNNEN LATEN LACHEN!" De laatste woorden schreeuw ik zowat uit en er volgt een ongemakkelijke stilte nadien.

O nee, ik ben kwaad geworden op mijn ouders en heb geschreeuwd. Ze zijn in godsnaam de koning en koningin en ik als miezerige kroonopvolger moet niet zo een toon tegen hun opslaan!  Paniek overspoelt mijn hersenen.

"Hij heeft.... Heeft hij je echt kunnen laten lachen?" De plotselinge vraag van mijn moeder laat mij schrikken. "Ja moeder, ik had daadwerkelijk een glimlach op mijn gezicht. U kunt het hem ook vragen. Hij zal wat ik vertel alleen maar bevestigen", antwoordt ik ditmaal op een rustige manier. Mijn ouders lijken nu ook weer tot rust gekomen te zijn en zie dat ze elkaar even aankijken.

"Goed, ik zal het hem vragen. Ik zal een uitnodiging naar zijn koninkrijk sturen. Hij zal hier een week mogen blijven logeren. Ondertussen zal ik het hem vragen of wat jij net zei waar is. Jullie mogen elkaar ook alleen die week nog zien en vanaf dan niet meer", zegt de koning en draait zich daarna om om de kamer uit te lopen. Hij gaat..... Ik zal Vidor weer kunnen zien!! Een steek van blijdschap schokt door mijn lichaam en ik kijk mijn moeder voor het eerst met grote ogen aan. "Ik kan mijn prins weer zien..." mompel ik zwak. Mijn moeder lacht kort."Het is maar voor één week en daarna zullen jullie elkaar waarschijnlijk nooit meer zien."

Ik haal mijn schouders op naar haar. Vooraleer zij ook de kamer verlaat, zeg ik nog één ding tegen haar: "Een week is meer dan niets. En ik zal in die week laten zien hoe goed mijn Vidor is voor mij, moeder. U zal verstelt staan hoe makkelijk die prins mij kan laten lachen en u zult beseffen dat hij nodig is in mijn leven, mocht u willen dat uw zoon lang en gelukkig leeft." De koningin draait zich om naar mij en glimlacht weer al even. Pas daarna verlaat ook zij mijn kamer en blijf ik weeral heel alleen achter.

Ik zucht. Een week met Vidor in mijn kasteel..... Dat zal de beste week van geheel mijn leven worden.

A/N: Telkens wanneer ik metal muziek opzet, weet ik weer een heel hoofdstuk te kunnen schrijven in dit verhaal. In een fckin LIEFDESverhaal terwijl METALmuziek luister! Waar zit die logica? xD I hope you liked this chapter. Een sterretje geven kan geen kwaad in ieder geval. ;)

Emotieloos [BoyxBoy]Waar verhalen tot leven komen. Ontdek het nu