Snel ren ik door de gang. Als ik om de hoek kom zie ik Olivier met mevrouw Hazen de lift in stappen. Snel ren ik naar hem toe. "Wat moeten we nu doen?" Vraag ik. "Ik heb beneden in de keuken wierook liggen. Ik ga met mevrouw Hazen naar de kelder. Als je de wierook hebt kom dan ook." Zegt hij. Ik doe wat Olivier zegt en hol de brede trap af. Achter me hoor ik een harde klap en een kreet. Snel draai ik me om. Ik zie Matilde om de hoek verschijnen. Snel draai ik me om en wil verder rennen, maar dan staat ze voor me. Van schrik deins ik achteruit. Met woedende ogen kijkt ze me aan. Snel draai ik me om en ren de trap weer op. Boven aan de trap sta ik even stil. Wat moet ik nu doen? Ik hol naar mijn kamer en draai snel het slot om. Met mijn rug ga ik tegen de deur aan staan. Langzaam begint mijn ademhaling te dalen. Het is schemerig in mijn kamer, ik zie niet veel. Opeens voel ik een koude luchtstroom onder de deur vandaan komen. Ik merk haar aanwezigheid. Opeens trekt er iemand aan de deurklink. De deur gaat hard heen en weer. Ik schrik en zet een paar stappen van de deur weg. Opeens stopt het gebonk. Een tijdje staar ik naar de deur. Waarom is ze gestopt? Waar is ze heen gegaan? Ik blijf achteruit lopen en dan voel ik de muur. Hijgend leun ik tegen de muur aan. Opeens zie ik wat bewegen in de kamer. Het is donker, dus ik kan het niet goed zien. Het is zwart en het lijkt op me af te komen. Opeens is het weg. Maar dan hoor ik wat achter me. Schichtig draai ik me om en zie nog een schim. Langzaam komt het naar me toe en dan wordt het duidelijk. Het is Matilde. Met grote stappen ren ik naar de deur toe en trek hem open. Snel hol ik de trap af naar beneden. Hoe kon ze nou opeens binnen zijn gekomen? Opeens komt het in mij op. De spiegel. De grote spiegel naast mijn bed. Waarom heb ik die dan ook niet weggehaald. Zo dom van mij. Als ik beneden aan de trap sta ren ik de gang door. Onvoorzichtig gooi ik vazen en beelden om. Waar moest ik nou ook al weer heen? Wat had Olivier nou gezegd waar de wierook lag? Achter me hoor ik gekraak. Ik kijk over mijn schouder naar achter en zie Matilde van de trap afkomen. Haar lange witte jurk wappert. Snel trek ik de woonkamer deur open en begin in laatjes te snuffelen. Haastig gooi ik dingen om. Maar dat kan me nu even niet schelen. Ik moet dat spul vinden! Achter me hoor ik de deur opengaan. Ik heb niet eens tijd om me om te draaien. Ik voel een koude windvlaag over mijn rug stromen, maar tegelijkertijd voel ik haar warme adem in mijn nek. Mijn hand reikt naar een lamp die ik vind in het laatje. Zonder de merken dat ik de lamp hem draai ik mij om. Haar gezicht is helemaal bleek, maar haar ogen lijken wel vuur te spuwen. Snel haal ik de lamp achter mijn rug vandaan en schijn in haar ogen. Ze krimpt in elkaar. Snel hol ik weg de deur uit. Bij de deur van de keuken hol ik de keuken in. Als een gek rommel ik door de spullen heen. Volgens mij ligt dat wierook hier. Dat had Olivier toch gezegd? "Yes" roep ik iets te hard. Ik heb nu wierook in mijn handen. Snel draai ik mij om en hol de deur uit. Maar dan blijf ik verschrikt staan. Matilde slentert net de woonkamer uit. Snel trek ik de deur weer dicht. Ze zou me toch niet gezien hebben? Ik hoor de voetstappen dichterbij komen. Bang kijk in naar de deur. Ik zie er donker worden onder de deur. Ik merk dat ze nu langs de deur loopt. Ik voel mijn hart nu door heel mijn lichaam bonken.Langzaam worden de voetstappen zachter. Pffff, dat scheelde niks. Voorzichtig draai ik het slot open en steek mijn hoofd naar buiten. Ik zie Matilde aan de rechter kant lopen. Ik moet naar links dus pak ik mijn kans. Snel ren ik de kamer uit met het wierook in mijn handen. Als ik over mijn schouder kijk naar achter zie ik dat Matilde achter mij aan komt. Ik merk dat ze sneller dan mij is. Snel vind ik de kelderdeur en trek de deur open. Beneden aan de trap zie ik Olivier verschrikt opkijken. Maar zijn gezicht kalmeert als hij ziet dat ik het ben, met de wierook. Snel trek ik de deur dicht en draai het slot om. Ik hol de trap af naar Olivier. "Dat duurde ook lang." Zegt Olivier met een plagende blik. Ik geef de wierook aan Olivier. "Wat nu?" Ik kijk naar mevrouw Hazen die bang in haar rolstoel zit. "We laten mevrouw Hazen hier en gaan samen Matilde terug lokken naar de zolder." Zegt Olivier en samen bespreken we een plan.
Ik steek mijn hoofd om de deur heen naar buiten. Geen Matilde te zien. Ik wenk Olivier dat de kust veilig is. Ik open de deur en hij gaat met een krakend geluid open. Zo stil mogelijk lopen ik en Olivier door de gang. "Ze is hier dus niet, wat nu?" Fluister ik tegen Olivier. "Wachten, ze komt zo wel." Zegt Olivier zachtjes. Hij maakt een paar stamp geluiden. "We moeten haar lokken." Zegt Olivier. Ik knik en bedenk wat. "Nou eehh, ikke hoop niet dat ze hier uuh is." Zeg ik hard op de meest sarcastische manier ooit. Olivier geeft me een por in mijn zij. "Niet zo overdreven." Sist hij. Ik grinnik. Samen lopen we de gang door. Bij de trap verstijf ik. Bovenaan de trap staat Matilde. Ze kijk me met grote indringende ogen aan. Ik kan me opeens niet bewegen. Ik zie Olivier in mijn ooghoek bewegen, maar ik blijf kijken naar Matilde. Langzaam komt Matilde naar me toe en steekt haar hand uit. Ik voel mijn lichaam niet meer. "Geloof niet in haar!" Hoor ik Olivier naast me zeggen. "Doe wat ik je had uitgelegd. Je moet niet in haar geloven." Langzaam raakt Matilde mijn schouder aan. Het voelt alsof ik van binnen versteen. Ik geloof het niet. Ik geloof het niet. Ik geloof het niet. Ik blijf het maar tegen mezelf zeggen, maar het heeft geen zin. Diep van binnen geloof ik in haar en ben ik bang voor haar. Opeens laat Matilde mijn schouder los en holt de trap op. Langzaam kan ik weer bewegen. Verbaasd kijk ik op naar Olivier. "Wat is er nou net gebeurd?" Vraag ik. "Ik zei toch, je moet niet in haar geloven. Ik heb gered door dit wierook." Hij loopt de trap op achter Matilde aan. Even blijf ik staan. Ik snap het niet. Hoe hard ik ook zeg dat ik niet in haar geloof, het heeft geen zin. Diep van binnen ben ik onwijs bang voor haar. Mijn gedachten verdwijnen als ik Olivier mijn naam hoor schreeuwen. "Kom nou!" Roept hij. Ik ren de krakende trap op naar Olivier toe. "Weet je waar ze heen is gegaan?" Vraag ik. "Ja, de zolder op." Samen rennen we naar de zoldertrap. Ik zie de deur boven aan de trap openstaan. Ik voel dat we allebei bang zijn. Samen blijven we voor de trap staan. "Dames gaan voor." Zegt Olivier met een bange blik in zijn ogen. Ik grinnik. "Oké, oké." Ik loop de trap op. Bij elke stap hoor ik gekraak. Voorzichtig duw ik de deur verder open. Ik zie Matilde voor de deur staan. Ik heb haar nog nooit zo woedend gezien. Ik steek mijn hand onopvallend achter mijn rug en voel dat Olivier er een zaklamp in legt. Snel schijn ik kort in haar ogen. Ze deinst achteruit. Olivier en ik lopen snel de zolder op en sluiten de deur. Ik steek de wierook aan en houd het voor me. "Het spijt me Matilde. Ik wil je geen pijn doen, maar zolang jij andere mensen pijn doet moet ik wel." Ik loop verder naar haar toe met het wierook voor me. Ik zie Matilde achteruit deinzen. Dan staat ze met haar rug tegen de spiegel aan. Olivier verschijnt met de zaklamp en schijnt naar haar toe. Daardoor valt de de spiegel in. Ze gilt hard. Het doet pijn aan mijn oren. Olivier loopt snel met een doek naar de spiegel toe en gooit het eroverheen. "Het is ons gelukt." Zeg Olivier en ik geef hem een knuffel.
~~~~~~~~~~~~~~
Wat vinden jullie ervan? Laat het gerust weten!
Het lijkt misschien afgelopen maar dat is het nog lang niet tam tam tammmmmmm
Xoxo Sterre

JE LEEST
The attic mirror
HorrorKim (18) besluit om als bijbaantje in de vakantie de oude mevrouw Hazen te verzorgen. Kim komt terecht in een oud landhuis diep in het bos. Maar er blijkt iets aan de hand te zijn met het huis. Elke nacht hoort ze stemmen en ziet ze schimmen. En wat...