Frustreert kijk ik naar het plafond. Ik had zin in een potje janken, maar de tranen wilde niet. Ik voelde mijn hoofd nog steeds bonken, maar ook dat leek geen tranen op te wekken. Ik dacht terug aan de tijd met mijn ouders samen, lachend en genietend van het leven, maar dit beeld werd al gauw verdrongen door het beeld van de twee bloederige lichamen en de lach van Robin en Ron. Mijn maag kwam in opstand en ik rende naar de wc. Gelukkig was ik snel genoeg en kwam de inhoud naar buiten samen met een lading gal, want zoveel had ik nog niet gegeten. Ik bleef even een tijdje op de koude badkamervloer zitten en spoelde de wc door. Toen ik opstond voelde mijn hoofd wat minder zwaar en spoelde mijn mond. Ik pakte de tandenborstel en schrobde mijn mond. Nu voelde ik me weer leeg en hongerig, maar ik wilde liever niet naar beneden de drukte in. Ik stond in dubio, maar liep toch maar richting de keuken. Het kon me niet schelen dat de woonkamer, poolkamer en het zwembad vol zaten met half dronken leeftijdsgenoten. Een normaal mens moest eten. Het liefst warm eten, dus ik dook in de koelkast om te kijken wat ik kon klaar maken. Ik koos voor wraps met kip en ging aan de slag in de keuken. Ik had de deur van de keuken dicht gedaan en de radio vol aan. Zodat ik geen stemmen meer kon horen van buiten de keuken.
'Wat ben je aan het maken?' Ik schrik op uit mijn gedachten en laat de roerspaan vallen op de grond. 'Haha je hoeft niet zo te schrikken, Yvet. Ik ben het maar.' zegt Pieter en pakt de roerspaan op, terwijl ik nog aan de grond vastgelijmd sta. 'Aarde aan Yvet.' zegt Pieter en gaat met zijn hand voor mijn ogen langs. Ik knik even en draai me weer om. Ik heb geen zin om met hem te praten. Hij mag me dan gered hebben, maar ook hij is uiteindelijk net als Angela. Ik hoor hem zuchtend een stoel naar achteren schuiven en gaat zitten.
'Het spijt me van Angela. Ze ging te ver.' zegt hij, maar ik knik even kort en ga verder met het koken. Ik pak een nieuwe roerspaan en draai de radio iets zachter, want zo hard hoeft Linkin Park nou ook weer niet te schreeuwen door de grote keuken. 'Het spijt me Yvet. Je ouders, het spijt me.' zegt hij en door wat hij zegt draai ik me om.
'Het geeft niet Pieter. Ik moest het jullie uiteindelijk toch vertellen.' zeg ik en draai het vuur wat zachter. Ik zet de waterkoker aan en leun tegen het aanrecht. 'Mag ik... Nee, sorry ik hoor het niet te vragen.'
'Wat..?' vraag ik en kijk hem aan. Hij ziet er kwetsbaar uit, alsof hij medelijden heeft met me. 'Pieter, vertel op en kijk me niet zo zielig aan. Ik ben niet zielig en jij ook niet.' zeg ik en wacht op zijn antwoord. Als het niet komt draai ik me om en loop naar een keukenkastje in de hoop dat daar kopjes in zitten, maar ik kom uit bij de pannen. Ik zoek verder en kom uit bij een hoge kast. Ik klik hem open, want het is zo'n luxe kliksysteem in van die moderne keukens en zie dat de kopjes bovenin onbereikbaar zijn. Ik ga op mijn tenen staan, maar kom er nog steeds niet bij. Wie verzint het om de kopjes op een onbereikbare plek te zetten en ik ben toch redelijk lang.
'Heb je hulp nodig?' vraagt Pieter en loopt naar de kast om twee bekers uit de kast te pakken. 'Dank je,' zeg ik en ontwijk zijn ogen. Ik pak de bekers aan en loop weer naar de waterkoker. Schenk de bekers in en roer het eten even. Dan zet ik de bekers op tafel. Eentje voor Pieter en een voor mijzelf.
'Drink op, je zult het nodig hebben als ik je vertel wat er met mijn ouders is gebeurd.' zeg ik en wijs naar de beker in zijn handen. Hij knikt en ik wrijf even tegen mijn slapen. Mijn hoofdpijn gaat langzaam weg door het masseren van mijn slapen. Ik heb dit nog niet eerder verteld en weet niet zo goed hoe ik moet beginnen en kijk even naar mijn handen. Ik zucht nog maar eens en weet dat dit gewoon nodig is. Ik moet het ooit eens een keer kwijt.
'Mijn ouders zijn niet overleden, ja dat zijn ze wel, maar ze zijn vermoord. Ik was 14 en kwam thuis van een vriendin. Het was wat later dan ik had afgesproken, maar ik deed toen toch al waar ik zelf zin in had. Trok mijn eigen plan en voerde alles zo goed mogelijk zelfstandig uit. Het zorgde ervoor dat ik regelmatig problemen om mijn hals haalde, maar het maakte me niet. Ik kwam dus later thuis en mijn ouders waren kwaad, ze werden nooit kwaad, maar ze waren echt heel boos en ik liep dus direct door naar mijn kamer, want als ze kwaad waren dan kon ik me maar beter schuil houden en net doen alsof het me heel erg veel deed dat ze kwaad op me waren. Ik bedoel het deed me heus wel wat, maar ik had ook zoiets van ze hoeven niet zo overdreven kwaad te zijn. Ik ging op bed en viel direct in slaap, maar ik werd wakker van lawaai beneden. Het leek alsof er een ruit in werd geslagen en eerst durfde ik niet het bed uit om te kijken wat het was. Toen ik onbekende stemmen hoorde ben ik naar mijn ouders hun kamer gelopen en heb ik mijn vader wakker gemaakt. Hij zei dat ik me moest verstoppen onder het bed en hij maakte mama wakker. Deze liep achter hem aan en deed de deur op slot, terwijl mijn vader naar de studeerkamer liep, want daar lag ook zijn pistool. Ik hoorde gerommel op de trap en wist dat mijn vader niet op tijd bij de studeerkamer zou zijn. Er volgende een hoop lawaai en het bleef even stil. Mijn moeder zat tegen de deur aan gezakt en ik kan me nog herinneren dat ik de onbekende stem hoorde roepen waar zijn dochter en vrouw waren. Ik probeerde stil te zijn, maar het lukte niet. Ik was zo bang en toen leek alles zo snel te gaan. De deur werd ingetrapt mijn moeder was er het ene moment nog en het andere moment lag ze bloedend op de grond. Ik wist dat ik stil moest zijn, maar ik kon mezelf niet tegen houden. Toen namen ze me mee en....' zeg ik verscheurd van emoties, maar probeer verder te gaan.
'Je hoeft niet meer te vertellen Yvet. Als je niet wilt dan hoeft het niet.' zegt Pieter en pakt mijn hand over tafel vast. Ik voel de tranen nu toch wel komen en zak in elkaar. Zo zitten we een tijdje totdat we allebei naar het gasfornuis kijken. 'Fuck!' roep ik en ren naar het fornuis. Ik zet het uit en pak de pan van het fornuis en zet hem in het water.
'Eh... zin in pizza?' vraagt Pieter en ik knik. We lopen naar buiten en hij stapt op zijn motor. Ik kijk hem even aan en hij gebaard dat ik achterop moet zitten en geeft me een helm. Ik knik, maar voel me toch enigszins onwennig en onzeker over het achterop zitten op zo'n ding.

JE LEEST
Future, past, present
HorrorDe sterren en de maan waren onzichtbaar achter een dikke stapel wolken. Het enige licht wat scheen waren een paar knipperende lantaarnpalen. Ik schudde mijn hoofd en deed de kraag van mijn jas omhoog. Nog een keer keek ik om naar het oude huis in de...