Hoofdstuk 5

218 13 10
                                        

POV Y/N

Ik liep de trappen af onderweg naar de grote zaal. Ik had mijn gloed nieuwe gewaad aan en ik moet zeggen. Het staat me goed. De jongens waren al iets eerder vertrokken, zodat ik in alle rust kon omkleden. Af en toe waren er wat leerlingen die mij aangaapten, maar ik besteedde me er geen aandacht aan. Ik liep door de grote deuren de grote zaal in en iedereen staarde me aan. Ik besteedde er weer geen aandacht aan en liep naar de jongens toe aan de griffindor tafel. Zij waren inmiddels de enigen waar ik tot nu toe mee bevriend ben geworden. ''Hey boys.'' De jongens keken op en hun monden vielen open. Remus was er niet. Ik keek ze onzeker aan en vroeg: ''Is er iets mis? Waar is Remus?'' De jongens begonnen allemaal hevig nee te schudden met hun hoofd. ''Je ziet er gewoon prachtig uit Y/N en Remus is even naar de bibliotheek'' zei James. Ik voelde dat mijn wangen een beetje rood werden en ging tussen Sirius en Regulus in zitten. ''Dankjewel James.'' Hij glimlachte naar mij en begon weer zijn ontbijt op te eten. Ik praatte een beetje met de jongens en stond toen op. ''Ga je nu al weg zonder te eten?'' vroeg James bezorgd. Ik knikte. Ik zag dat Regulus mij bezorgd aankeek. ''Je moet wel iets eten.'' Zei Regulus. Ik rolde met mijn ogen en pakte een appel. ''Zo goed Reggie.'' Zei ik glimlachend. Regulus begon te blozen en begon te stammelen. ''Uh uh ja.'' Hij keek snel weg en ik grinnikte. Sirius keek mij grijnzend aan en zei: ''Zie je zo in de les schoonheid.'' Ik zuchtte en rolde met mijn ogen. Ik pakte mijn spullen en liep weg. Ik voelde gewoon dat ze nog steeds naar mij keken. Ik glimlachte in mezelf en liep naar de bibliotheek. Ik had stiekem een broodje in mijn tas gedaan voor Remus. Ik weet namelijk niet of hij al heeft gegeten. Ik liep langs alle boekenkasten. Het was best rustig in de bibliotheek. Ik had tot nu toe nog maar drie leerlingen gezien. Ik liep helemaal naar de achterkant van de bibliotheek en begon naar Remus te zoeken. Ik zag hem bij één van de ramen zitten met een boek. Ik liep naar hem toe. ''Hey Remus.'' Remus schrok even, maar toen hij mij zag ontspande hij zich weer. ''Hey Y/N. Heb je al ontbeten?'' Ik knikte. ''En jij?'' Hij schudde zijn hoofd nee. Ik pakte het broodje uit mijn tas en gaf het aan Remus. Remus keek op en glimlachte naar me. ''Bedankt.'' Hij legde zijn boek weg en pakte het broodje aan. ''Geen dank.'' Ik ging op een stoel zitten die naast hem zat. Hij bood mij de helft van het broodje aan. ''Ik hoef niet ik heb al gegeten.'' Zei ik. ''Ik weet dat je niks hebt gegeten.'' Ik liet mijn hoofd naar de grond zakken en keek naar mijn voeten. Ik voelde opeens een hand op mijn kin die mijn hoofd naar boven trok. Ik voelde allemaal lichte tintelingen op mijn kin en begon een beetje te blozen. ''Y/N je moet wel eten hè.'' Zei hij bezorgd. Ik knikte. Hij bood weer de helft van het broodje aan en glimlachte naar mij. Ik glimlachte terug. We aten in stilte het broodje op en besloten toen om naar onze eerste les te gaan. We hadden transfigurantie met professor Anderling. We liepen lachend de trap af. Af en toe gaven we elkaar een speels duwtje. Ik sloeg hem zachtjes op zijn arm en hij duwde mij zachtjes terug. Ik struikelde over mijn eigen voeten en viel bijna de trap af. Ik kon nog net de leuning vastpakken en proestte het uit van het lachen. Remus begon ook keihard te lachen. Zijn lach klonk geweldig. We keken elkaar een tijdje recht in de ogen aan. Ik moest blozen en verbak onze oog contact. We liepen verder de trappen af en we wilden net een hoekje omslaan toen ik tegen iemand op botste. De persoon sloeg zijn armen om mijn middel en ik hield het gewaad van de persoon voor me stevig vast, zodat ik niet zou vallen. ''Het spijt me.'' Ik durfde niet omhoog te kijken naar de persoon tegen wie ik aan ben gebotst. ''Het geeft niet.'' Zei een onbekende jongensstem. Ik vermande mezelf en keek op. Ik keek een heel eind omhoog, want de persoon die me vast had was zeer lang. ''Ik ben Josh. Josh Pucey.'' Ik liet het gewaad van de jongen los en zei: ''Ik ben Y/N. Nogmaals sorry.'' Hij glimlachte naar me. Hij was best knap. Hij had heel donkerbruin haar dat het bijna zwart leek met grijze ogen. Ik hoorde gekuch achter mij. Ik was helemaal vergeten dat Remus er ook was. ''Kan je me misschien loslaten?'' vroeg ik lachend. ''Oh uhm ja natuurlijk.'' Hij liet me los en ik deed een stap naar achteren. Hij ging met een hand door zijn haar en zei: ''Ik zie je nog wel een keertje Y/N.'' Ik glimlachte en zwaaide naar hem. Ik draaide me om naar Remus en zag dat hij een beetje droevig keek. ''Wat is er?'' Vroeg ik bezorgd aan hem. ''Het is niks.'' Ik keek hem nog even bezorgd aan, maar begon er niet opnieuw over. We waren te laat voor de les. ''Juffrouw Y/N en meneer Lupin waarom zijn jullie te laat?'' Ik keek even naar Remus en zei toen: ''We hadden wat problemen onderweg naar het lokaal professor.'' Ze snoof minachtend maar zei toen: ''Ik zie het dit keer door de vingers laat het niet nog een keer gebeuren.'' ''Het zal niet nog een keer gebeuren professor.'' Zei Remus. Ik keek door het lokaal en zag dat er nog een plekje naast James en naast Sirius leeg was. Ik ging naast James zitten en Remus naast Sirius. ''Hey.'' Fuisterde James. ''Hoi.'' Fluisterde ik terug. ''Waarom zijn jij en Remus te laat. Hebben jullie iets samen gedaan?'' Ik keek hem verbaasd aan en zei toen: ''Nee Remus en ik hebben niks gedaan. Ik botste tegen iemand op en toen was ik de tijd vergeten.'' James zuchtte opgelucht. ''Ahh oke.'' De rest van de les zaten we af en toe te kletsen. Sirius heeft het zover gekregen dat hij moet nablijven op de eerste dag van het nieuwe jaar.

De Marauders en Y/N(Dutch)Verhalen om door geobsedeerd te raken. Ontdek het nu