Matthy's POV:
Langzaam word ik rustig. Dan besef ik het me, ik was echt bijna dood. Ik was echt bijna bij Robje, en het beviel me eigenlijk wel. De volgende keer ga ik echt, al moet ik het zelf doen. Ik kan niet zonder die jongen. Ik kijk alle drie de jongens één voor één aan. Zeker ga ik ze pijn doen, en zeker ga ik ze missen, maar ik ga ze niet missen op de manier dat ik mijn Robje nu mis. Ik mis mijn Robje alsof mijn hart niet compleet is. Alsof hij pikzwart is, en hij elk moment uit elkaar kan brokkelen. Alsof hij het bijna opgeeft.
~1 week later~
Ik zit op de bank als Raoul binnenkomt, van boodschappen doen. 'Wil je ff helpen maat?' Vraagt hij, als hij de kamer binnen loopt. Ik knik, en loop naar het aanrecht. Ik pak een tas, til hem op het aanrecht en begin alles er één voor één uit te halen. Dan gaat de bel. 'Verwacht jij iemand?' Vraagt Raoul. Ik schud mijn hoofd, en Roel wandelt naar de deur. 'Char?' Hoor ik in de verte. Nog geen minuut later komen Roel en Charlotte de kamer binnenlopen. 'Oh heyy!' Zeg ik, als ik Charlotte zie. Ze is bleek, zie ik als ik haar even bekijk. 'Gaat het wel?' Vraag ik voorzichtig. 'U-uh j-ja..' Je ziet aan alles dat ze liegt. 'Char? Moet ik Milo bellen? Hij is nu in Rotterdam maar kan meteen naar huis komen.' Ze knikt, en friemelt aan haar vingers. Je ziet aan alles dat ze haar best doet haar tranen binnen te houden. 'Is goed, wil je naar zijn kamer tot hij er is?' Weer knikt ze, maar nu rolt er een traan mee. Ik besluit niet door te vragen, en meteen Milo te bellen, hij moet echt nu komen.
Charlotte's POV:
Ik zit in Milo's kamer, op zijn bed. Ik zit met mijn hoofd in mijn handen, waarom ik? Ik was net gelukkig. Ik had net een "Milo" in mijn leven, en nu dit? Ik dreig opnieuw in een paniekaanval te vallen als de kamerdeur opengerukt wordt, en Milo naar me toe rent. 'Schatje.' Zegt hij rustig, als hij mij in zijn armen trekt. Dan wordt het allemaal teveel. Ik verstop mijn gezicht in de stof van zijn T-shirt, en barst in tranen uit. Zo blijven we even zo zitten, en het bevalt me eigenlijk wel. Het enige dat ik op dit moment zie is Milo, en het geeft me een veilig gevoel. Een gevoel dat er op dit moment niks kan gebeuren. Na een paar minuten laat hij los. 'Wil je vertellen wat er gebeurd is?' Vraagt hij, net zo rustig als altijd. Ik knik zacht, en friemel met mijn handen. Milo gaat tegen de rug van het bed zitten, en klopt tussen zijn benen. Als teken dat ik er kan gaan zitten. Ik kruip tegen hem aan, en begin te vertellen.
'I-ik ging naar de supermarkt, om een tomaat te halen, want Veerle en ik zouden een salade maken.' Ik voel Milo me nog dichter tegen zich aan trekken, en word er rustig van. 'Ik had de tomaat, en liep de winkel uit. Daar zag ik Walter. Hij was mijn beste vriend op de middelbare, en sinds toen had ik hem niet meer gezien. Ik liep naar hem toe, en we begonnen een gesprek, en het was net als toen, gewoon gezellig. Hij zei dat hij thuis nog wat foto's van de tijd toen had, en of ik die wilde zien. Het leek me wel gezellig, dus ik appte Veerle en ging met hem mee.' Milo draait mijn gezicht naar dat van hem. 'Zeg niet wat ik denk dat je gaan zeggen.' De tranen staan in mijn ogen, en ik ga door met mijn verhaal. 'T-toen we bij hem thuis waren had hij helemaal geen foto's. Ik wilde weg, want hij deed raar, en ik voelde me niet op mijn gemak, maar ik kon nergens heen. Hij duwde me op de bank en heeft me..' Er rolt een traan over mijn wang. 'Verkracht.'
Het laatste woordje komt er met moeite uit terwijl de tranen over mijn wangen rollen. 'Schatje nee.' Zegt Milo zacht, terwijl hij met zijn duimen mijn tranen wegveegt. 'Niemand mag aan jou komen. Helemaal niemand. Ik ben trots op je dat je het tegen mij hebt verteld moppie.' Ik glimlach zwakjes, en laat me met mijn gezicht tegen zijn borstkas vallen. Milo gaat een beetje door mijn haar. 'Het komt allemaal goed, ik blijf bij je en er kan niks gebeuren.' Ik glimlach bij die woorden. Koen heeft me voor dat ik een relatie met Milo kreeg gewaarschuwd, dat hij te overbezorgd kan zijn. Nu hou ik ervan. De zin "Ik ben bij je en er kan niks gebeuren", pakt me, en laat me nog meer van hem houden.
Langzaam voel ik mezelf rustig worden, en kruip uit Milo's armen. 'Gaat het weer een beetje?' Vraagt mijn overbezorgde vriend. Ik knik, en hij glimlacht. 'Blijf je hier vannacht?' Weer knik ik. 'Miel?' 'Ja?' De tranen staan alweer in mijn ogen. 'Ligt het aan mij?' Meteen draait hij me weer naar hem toe. 'Nee natuurlijk niet, echt niet.'
Matthy's POV:
Ik zit op mijn kamer. Zal ik het doen? Ik wil zo verschrikkelijk graag naar mijn Robje, de verleiding is te groot. Ik heb net het scheermesje in mijn handen, en wil zo graag net iets te diep snijden, als Koen binnen komt rennen. Ik schrik me kapot als de deur opengezwaaid wordt, en het mesje valt op de grond. 'Godverdomme Matt.' Meteen raapt hij het mesje op, en komt naast me zitten. De afgelopen tijd voelt het alsof ik van porselein ben, en bij elke aanraking in elkaar val. Nu ook. Zodra ik de hand van Koen op mijn schouder voel beginnen de tranen alweer te rollen. 'K-koen?' Vraag ik snikkend. 'Ja maatje?' Ik haal diep adem. 'Vind je het erg als ik ga? Ik kan niet meer. Ik wil naar Rob.' Zeg ik, op bijna fluistertoon. Koen schrikt van mijn woorden. 'Matt luister. Het is nog 60 jaar lang niet jouw tijd om te gaan. Alsjeblieft maatje, doe het dan voor ons..' Zegt hij zacht snikkend. 'Ik word een prachtig sterretje, en zal altijd over jullie waken.' Zachtjes begint Koen te huilen. 'N-nee Matthy. Néé.' Ik trek hem in een knuffel.
'Ik hou van je. Voor altijd, en ik zal over je waken. Ook voor altijd.'
JE LEEST
Ik verdrink in mezelf
Ficção GeralMatthy en Robbie hebben het allebei zwaar, mentaal zwaar. Toch slagen ze erin elkaar gelukkig te maken, doormiddel van liefde. Maar wat als er één van de twee opeens verdwijnt? Wat doe je dan?
