De opdrachtgever

227 17 8
                                        

Ik snelde op Jennifer en Vera af. 'Gaat het?' vroeg ik.

Vera schudde haar hoofd, 'Met ons gaat het wel, maar hoe gaat het met joú?'

'Weet je het zeker?' vroeg ik, haar vraag negerend, 'Moet ik ijs voor je regelen?'

Jennifer keek me nog steeds verbouwereerd aan, 'Hoe deed je dat? Je hebt niet eens één schrammetje,' zei ze verbaasd.

Ik haalde mijn schouders op, 'Ze waren dronken.'

Vera deed haar mond open om nog iets te zeggen, maar ik keerde me naar de bar.

'John, haal eens wat ijs', zei ik.

Ik verbaasde me over mezelf. Het is niks voor mij om zo door te drammen. Het is ook niks voor mij om aan iemand te vragen hoe het gaat.

Je geeft er niet echt om, je wil ze gewoon te vriend houden, hield ik mezelf voor.

John kwam aansnellen met een zak ijs. Ik pakte het aan en legde het op Vera's gezicht.

'Zorg dat de rommel wordt opgeruimd', zei ik tegen John zonder om te kijken.

'Avalynn? Ik denk dat het beter is dat we naar huis gaan', zei Jennifer onzeker.

Ik knikte, 'Hoe zijn jullie hier gekomen?'

'Lopend.'

'Ik bel een taxi voor jullie.'

'Daar hebben we geen geld voor, Avalynn.'

'Ik wel.'

'Dat hoeft echt niet hoor.'

'Dat maak ik zelf wel uit.'

Ik belde een taxi en even later werden Jennifer en Vera opgehaald. John had een paar van zijn mensen geregeld om de jongens, die langzamerhand weer bij begonnen te komen, weg te halen. Ik had Jennifer en Vera nooit mee moeten nemen, het was een slecht idee.

Ik had geen zin meer om te doen waarvoor ik hier eigenlijk kwam, maar ik had geen keus.

Ik had al gezien waar mijn nieuwe opdrachtgever zat en ik liep er rustig naartoe.

Het was een man in een duur pak en hij zag eruit alsof hij iets te veel chocoladetruffels had gegeten. Hij keek me boos aan toen ik tegenover hem ging zitten.

'Ik zit op iemand te wachten', zei hij bot 'dus als je ergens anders wil gaan zitten?'

Ik rolde mijn ogen, 'Je zit te wachten op de sluipmoordenaar die meneer Smith heeft gestuurd.'

Hij werd rood, 'D-dat kan je niet bewijzen!' stotterde hij.

Ik rolde mijn ogen 'Relax...' ik trok een mes en speelde er wat mee, 'Ik geef mijn opdrachtgevers nooit aan.'

De man stond zo snel op dat zijn stoel op de grond viel. 'Wat!?' schreeuwde hij, 'Smith had me zijn beste sluipmoordenaar beloofd, niet een of ander tienermeisje!'

Ik lachte, 'Laat je niet misleiden door iemands uiterlijk', ik gaf hem een dodelijke blik, 'dat kan je ooit de kop kosten.'

Ik zag zijn adamsappel op en neer gaan. Hij pakte zijn stoel op en ging weer zitten.

'Wie wil je dood en waarom?'

Vermoeid liep ik weer naar de bar. Ik had de naam, het gezicht en andere belangrijke informatie van mijn nieuwe slachtoffer. Dat was altijd het zwaarst. Als ik de naam weet van mijn slachtoffer. Die naam zou dan door mijn hoofd blijven spoken.

'Hey jij! We gaan zo sluiten!' ik kreunde. Die stem herkende ik. Ik had geen zin meer in drama.

'Dat betekent dat je op moet rotten, meid,' ze raakte mijn schouder aan.

Met een zucht draaide ik me om. Ik keek in een gezicht dat van chagrijnig naar super chagrijnig ging toen ze me herkende.

'Wat doe jij nou weer hier!?'

'Niets wat jou aangaat.'

Ze slaakte een kreet. 'Waarom ben jij altijd zo gevoelloos en gemeen!?'

'Hoort bij m'n baan.'

'Kitty, laat haar met rust', John drukte een schoonmaakdoekje in haar hand.

'Wat!?' schreeuwde Kitty verbaasd 'Waarom verdedig jij haar!?'

'Orders van de baas, ze mag zo lang blijven als ze wil.'

Ze keek John boos aan. 'Wáárom mag zij dat!?'

John keek haar in alle serieusheid aan. 'Omdat ze de donkere dingen doet die meneer Smith zoveel geld opleveren.'

Ze werd bleek en haar boze blik was als sneeuw voor de zon verdwenen. Ze keek me nog heel eventjes aan voordat ze wegsnelde.

Om 12:15 kwam ik de les binnenwandelen. Ik was tot 6 uur s'ochtends in de bar gebleven en werd om 11:30 mijn bed uitgesleept door één van de dienstmeisjes. Ik was niet van plan geweest om nog naar school te gaan, maar toen zei meneer Smith dat hij mijn missie wel aan iemand anders wilde geven als het niet lukte met school.

'En waar kom jij zo laat vandaan Avalynn?' vroeg de leraar boos.

Ik keek hem aan, 'Maakt het uit?'

'Mijn les uit!' hij keek zo boos dat het leek alsof zijn gezicht elk moment kon ontploffen.

Ik rolde mijn ogen. Lekker overdreven. Maar ik draaide me om en liep de klas uit zonder nog iets te zeggen.

Ik lag in het grasveldje achter school. Ik had geen zin om terug te keren naar de les, ik had geen zin om Jennifer en Vera onder ogen te komen en ik had al helemaal geen zin in Julian en zijn minions.

Het was eigenlijk net iets te koud om zonder jas buiten te zijn, maar het kon me niets schelen.

Ik deed mijn ogen dicht. Ik liet mijn hand over mijn zwarte leren top glijden, over de plek waar mijn tattoo zat.

'Als een leraar zegt dat je de les uit moet, betekent dat niet dat je ook meteen de school uit moet.'

Ik kreunde, 'Laat me met rust.'

Ik voelde dat hij naast me kwam zitten. Ik zuchtte en opende mijn ogen, maar deed niet de moeite om op te staan of om rechtop te gaan zitten.

'Julian, echt, rot op.'

Hij grijnsde, 'Iemand heeft een slecht humeur. Heb je toch nog gedronken gisteren?'

Ik rolde mijn ogen, 'Ik drink niet meer, die periode heb ik achter me gelaten.'

'Je vechttechnieken zijn redelijk indrukwekkend.'

Ik lachte, 'Redelijk?'

Hij haalde zijn schouders op, 'Ja, je bent niet zó goed. Het is dat ik dronken was, anders had ik je verslagen.'

Ik kwam met een ruk overeind. Daarna barstte ik in een lachen uit. Dat was echt het grappigste wat ik in een lange tijd heb gehoord.

Toen ik een beetje was uitgelachen, keek hij me spottend aan. 'Denk je nou echt dat je van mij zou winnen?'

'Nee, nee, ik wéét dat ik zou winnen', zei ik nog half lachend, 'wellicht kan ik het een keer bewijzen?'

Hij zuchtte geïrriteerd.

'Zeg, heb jij een vriendje of zo?'

Ik trok een wenkbrauw op, 'Dat gaat jou niets aan.'

'Volgens mij wel. Het is namelijk de enige reden die ik kan bedenken waarom je niet met mij naar bed zou willen.'

Weer moest ik hard lachen, 'Nee, ik heb geen vriendje "of zo". Dat ik niet met je naar bed wil is volledig je eigen schuld.'

'Dus je hebt geen vriendje?'

'Dat zei ik net, wel opletten.'

'Mooi', mompelde hij.

En toen drukte hij zijn lippen op die van mij.

Assassin's highschoolVerhalen om door geobsedeerd te raken. Ontdek het nu