8 september 2024

270 15 6
                                        

Weer lag Carmen in het gras. Haar vaste plek om tot rust te komen. Dit was haar plekje. Hier kon ze het best nadenken.

Haar handen gelden over het gras, tussen het gras zag ze nog een paar madeliefjes. Maar wat ze vooral zag waren klavertjes. Ze lachte, dat deed haar altijd denken aan een klavertje vier.

Mensen hadden voor zoveel dingen bijgeloven verzonnen. Carmen vond het altijd wel interessant, al die bijgeloven. Maar of ze erin geloofde, nee dat deed ze niet.

Bij filosofie hadden ze het wel eens over bijgeloven. Filosofie was haar lievelingsvak op school.

Carmen's gedachten dwaalden af. Waarom bestonden bijgeloven eigenlijk? Om hoop te creëren? Om mensen angstig te maken? Of allebei? Ze wist het niet.

Neem bijvoorbeeld het bekende klavertje vier. Als je een klavertje vier vindt zal je, volgens dit bijgeloof, meer geluk krijgen dan je, je voor kan stellen.

De blaadjes van een klavertje hebben allemaal een eigen betekenis. Blaadje een staat voor liefde, blaadje twee staat voor scherpzinnigheid, blaadje drie staat voor heldendom en het zeldzame vierde blaadje,wat je alleen vindt bij een klavertje vier, staat voor geluk.

Carmen lachte, vroeger had ze wel eens een klavertje vier gevonden. Die hing nu nog steeds ingelijst aan de muur in haar kamer. Maar had ze ooit geluk gehad? Nee. Ze schudde haar hoofd, ze wist nog dat ze vroeger altijd zei dat het klavertje vier haar later ooit wel eens geluk zou brengen. Misschien was het bijgeloof dan toch ontstaan om mensen hoop te geven.

Carmen dacht aan het hoefijzer. Nog zo een bijgeloof om mensen hoop te geven. Bij filosofie hadden ze het uitgebreid over dit onderwerp gehad.

Dit bijgeloof bestond al in de tijd van de oude Grieken en Romeinen. Als je een hoefijzer draait, zie je er een halve maan in. Een halve maan was in die tijd een symbool voor geluk. Dat het afkomstig was van een paard of erbij hoorde was ook een reden waarom het hoefijzer geluk zou brengen. Het paard was een heilig dier in sommige volken en deze geloofde dat de goddelijke kracht van het paard overgeven werd aan het hoefijzer.

En nu nog steeds hangen mensen hoefijzers op voor geluk. Maar natuurlijk wel met de opening naar boven, anders valt het geluk eruit in plaats van erin.

Waarom had ze dit allemaal onthouden? Alsof ze er ooit nog wat aan zou hebben. Nee, want over 8 dagen zou ze er niet meer zijn. Jammer dat ze niet geloofde in deze bijgeloven. Misschien als ze erin zou geloven, zou ze nog een beetje hoop hebben.

Ze schudde haar hoofd. Nee, dan zou ze niet alleen hoop hebben. Er zijn genoeg bijgeloven die geen hoop geven, maar juist angst veroorzaken. Zoals bijvoorbeeld de gebroken spiegel of het getal 13. Carmen lachte, ook hier had ze alles over onthouden.

Scherven brengen geluk zeggen ze. Nou bij een spiegel niet hoor. Een spiegel is nog steeds een van de voorwerpen die de mens angst aanjaagt. Dit komt door ons eigen spiegelbeeld, waarin we onszelf zien zoals we zijn en met onszelf geconfronteerd worden.

Men geloofde dat een gebroken spiegelbeeld de ziel van de mens brak en vervolgens was er zeven jaar nodig om deze gebroken ziel te herstellen. Carmen deed haar ogen dicht en schudde haar hoofd. Nee in die onzin geloofde ze niet.

Ze lachte hardop toen ze terug dacht aan wat haar leraar had gezegd toen iemand hem had gevraagd of hij in deze legende geloofde. Meneer Cremers had lachend geantwoord "Nee, ik geloof niet dat een gebroken spiegel een ziel kan breken. Maar lieve kindertjes, voor de zekerheid, kijk toch maar nooit in een gebroken spiegel." Carmen had, net als de andere leerlingen, dubbel gelegen van het lachen. En nog steeds moest ze steeds weer lachen om het antwoord dat hij toen had gegeven. En het gezicht wat hij toen had getrokken.

Nee het was maar goed dat ze niet in dat soort dingen geloofde, anders zou ze nooit meer in een spiegel durven te kijken.

Nee bijgeloven waren niet alleen voor hoop, niet alleen voor angst. Ze waren er voor allebei deze redenen.

Neem bijvoorbeeld het getal 13. Voor sommige mensen is het getal 13 een geluksgetal, maar voor de meeste mensen staat het getal 13 bekent als het ongeluksgetal.

Dit bijgeloof komt uit het Christendom. Jezus zat met 12 apostelen aan het laatste avondmaal. Nummer 13, Judas, heeft hem verraden. Vervolgens ook zelfmoord gepleegd.

Hieruit komt het bijgeloof dat je nooit met 13 aan tafel mag zitten. Want dan zou binnen een jaar één van deze mensen sterven. Ook zou Jezus op vrijdag de dertiende gekruisigd zijn. Vandaar vrijdag de dertiende, ongeluk.

Carmen ging recht zitten en glimlachte. Zij was op een vrijdag de dertiende geboren. Misschien moest ze dan toch maar gaan geloven in deze bijgeloven. Hoeveel ongeluk had je, als je drie keer dezelfde datum op je arm had staan?

Raar, dacht ze. Dat je zo anders gaat denken over dingen als je weet dat je bijna doodgaat. Carmen had altijd het getal 13 als haar geluksgetal gezien en 16 als haar ongeluksgetal. Maar nu, nu ging ze toch wel een beetje twijfelen.

16 september 2024Verhalen om door geobsedeerd te raken. Ontdek het nu