Hoofdstuk 9.

161 7 5
                                    

Sofie pakte het setje kleren uit haar tas wat ze van haar werk had mee genomen. Ze had de afgelopen dagen mee gelopen op de afdeling ontwikkeling en had hier meegewerkt aan de nieuwste hardloop collectie. Vanochtend was deze binnen gekomen waarna ze erg nieuwsgierig was en ze het setje graag wilde uittesten.

Waar andere grote sportmerken meer gingen met de pastelkleurige tie dye trend van vorig jaar, hadden zij gekozen voor klassieke kleuren. Donker groen, bordeaux rood en baby blauw. De groene hardloop broek had kleine zwarte streepjes en de sport BH moest zorgen voor extra ondersteuning. Of dit ook echt het geval was ging Sofie achter komen want ze was van plan om een rondje van ruim vijftien kilometer te gaan hardlopen.

Ze rende wel vaker maar nooit in deze temperaturen. Nu de zon al een tijdje geleden zijn hoogste punt had bereikt was het minder warm dan vanmiddag maar nog steeds was het broeierig. Het zou haar dan ook niets verbazen dat er vanavond onweersbuien los zouden barsten.

Ze vulde haar bidon en ging vervolgens de deur uit. Op de beat van de muziek rende ze over de stoepen. Toen ze nog maar net de hoek van de straat om was greep ze al naar haar bidon en nam een slok.

Fuck. Het was echt warm. Het water koelde haar iets af en niet veel later had ze haar vaste ritme te pakken. Geconcentreerd liep ze kilometer voor kilometer door de Amsterdamse straten. Enkel bij de stoplichten wachtte ze even en dronk ze een slok uit de bidon.

Toen ze het Vondelpark bereikte begon ze onregelmatig te ademhalen. Aan het einde van het Vondel zat haar ronde er op en zou ze rustig naar huis kunnen lopen en daar was ze blij mee want ze voelde de verzuring in haar benen branden. Het koste haar steeds meer moeite om de ene been voor de andere te krijgen.

Normaal gesproken was het druk met sporters in het park maar nu zag ze alleen maar kleedjes met mensen die genoten van de laatste zonnestraaltjes van de dag. Toen het einde van het Vondelpark in beeld kwam perste ze er nog een sprintje uit en plofte ze vervolgens uitgeput languit in het gras neer. Ze sloot haar ogen terwijl haar borstkast heftig op en neer ging om de rust weer terug te vinden.

Ze was kapot. Waarschijnlijk had ze te gek gedaan. Maar de fanatiekeling in haar kon niet rustig lopen.

Sofie haar sporthorloge maakte een bliepje en nieuwsgierig bekeek ze haar snelheid.

Eén uur, elf minuten en drieënveertig seconden.

Niet slecht. Zeker niet met dit weer maar ze wilde aan het einde van het jaar die vijftien kilometer binnen het uur rennen, en daarna kijkende stond haar nog wel wat te doen.

Ze bracht haar bidon naar haar mond en dronk het laatste restje water er in één teug uit. Pas toen ze weer een beetje op adem was gekomen keek ze het park rond. Iets verder bij haar vandaan zat Perr op een kleedje met een stel vrienden. Ze herkende ze van de barbecue. Toen Perr zag dat ze zijn kant op keek vormden zijn lippen een grijns.

Ze zag hem iets tegen zijn vrienden zeggen waarna hij haar kant op liep. Toen hij bij haar aan kwam liet hij zichzelf ook in het gras vallen.

'Uitgeput?' vroeg hij haar.

Sofie knikt haar hoofd. 'Ja waarschijnlijk was het niet zo'n goed plan om midden in een hittegolf te gaan hardlopen. Ik heb het echt bloed warm.'

Hoogst waarschijnlijk zag haar gezicht er rood uit. En op één of andere manier vond ze dat vervelender nu Perr naast haar zat.

'Ik kan wel voor wat afkoeling zorgen' grijnsde Perr opnieuw. Sofie keek zijn kant op en zag dat hij wat verborg achter zijn rug.

'Wat heb je daar?' vroeg ze argwanend.

Hij haalde mysterieus zijn schouders op wat Sofie niet vertrouwde.

Voor Sofie het door had spetterde hij wat water uit een water flesje haar kant op.

GoudWaar verhalen tot leven komen. Ontdek het nu