- 10 -

102 2 0
                                        

'Liv' zei iemand 'ben je daar.'

Liv herkende de stem van Lucius. Ze maakte een gebaar naar John dat hij alvast naar beneden moest klimmen. 'Liv luister ik vindt je heel leuk en wil graag met je trouwen.'

Liv bleef stil. 'Liv geef eens antwoord.'

John wou net naar beneden klimmen maar hij stootte zijn hand tegen de leuning. Er viel een stenen beeldje op de grond. Het maakte veel lawaai. Liv zei: 'maakt niet uit.'

Voordat ze het besefte had ze het al gezegd. Lucius begon tegen de deur te duwen. 'Liv waarom is de deur op slot?! Mannen!'

John klom snel naar beneden. Lucius ramde de deur open toen Liv net over de rand klom. Lucius rende naar het raam en greep haar voet. Liv viel bijna maar Lucius hield haar vast. De enkel van Liv kwam langs een scherpe richel. Er kwam een snee in haar huid. 'Au' riep ze, 'laat me los Lucius!'

'Nee' zei hij 'dan zie ik je nooit meer terug.'

Liv zag dat Lucius met zijn andere hand steunde op het raamvenster. Ze trapte met haar andere voet op zijn hand. 'Au' riep hij.

Hij greep naar zijn hand waardoor hij de been van Liv losliet. Liv viel naar beneden waar John haar opving. Hij rende met haar in zijn armen naar het bos waar Sebastiaan wachtte. 'Wat is er gebeurd' vroeg hij toen hij de rode vlek op de legging van Liv zag.

'Lucius' zei Liv.

John zette haar op de grond. Liv probeerde op haar voet te staan maar ze ging meteen weer zitten. Het ging gewoon niet! Zo pijnlijk was het. Sebastiaan en John ondersteunde haar. Ze liepen naar het huis van Sebastiaan. Daar aangekomen deed Sebastiaan alvast de deur open terwijl John Liv bleef ondersteunen. 'Sebastiaan ben jij dat met onze gasten' vroeg een vrouwen stem.

'Ja' zei hij.

Hij ging Liv en John voor naar de woonkamer. Het was een kleine kamer met een houten schommelstoel en een houten bank met een deken eroverheen. En er stonden ook een paar kussens op de bank. Er zat een vrouw op de bank, ze stond op toen ze Liv zag hinkelen. 'Ga maar zitten' zei ze.

John hielp Liv om te gaan zitten. De vrouw ging voor haar zitten op haar knieën en pakte het been waar de wond zat. Liv beet op haar onderlip.

'Mag ik het genezen' vroeg de vrouw.

'Graag zelfs' zei Liv 'maar hoe gaat u dat doen?'

'O' zei ze 'heeft Sebastiaan dat niet verteld.'

'Nee' zei Liv 'dat heeft hij niet en nu wordt ik nog nieuwsgieriger.'

'Mijn gave is helen ik kan alle wonden helen die ik kan zien.Dus geen gebroken hart.'

Liv knikte 'hoe doet u dat?'

'Dat zal je zo meemaken. Doe even je legging uit.'

Dat deed Liv. De vrouw vroeg: 'vertrouw je me.'

'Eh ja' zei Liv. De vrouw vroeg aan Sebastiaan: 'schat wil jij even helpen?'

'Ja' zei hij.

Hij ging op zijn knieën naast zijn vrouw zitten. Sebastiaan maakte een ronde bewegingen met zijn handen. Opeens had hij water in zijn handen. Dat deed hij een beetje over de wond heen. Liv beet op haar onderlip. De vrouw begon bewegingen boven de wond te maken. Liv keek er gevaccineerd naar net als John die naast haar zat. De wond begon kleiner te worden en sloot zich. Eerst stopte Sebastiaan met het sturen van water. Toen stopte ook de vrouw van Sebastiaan. Liv zei: 'dank u.'

Ze glimlachte, 'graag gedaan.'

John gaapte. 'Jullie zullen wel moe zijn' zei de vrouw.

VisioenWaar verhalen tot leven komen. Ontdek het nu