'Meekomen' zei hij, hij pakte haar bij haar arm en duwde haar voor zich uit door de menigte.
'Laat me los' zei Liv.
'Nee' zei hij 'deze keer ontsnap je niet aan mij.'
Ze probeerde zich los te trekken, maar Lucius hield haar goed vast. Hij duwde haar naar het gemeentehuis de trappen op. Koning Carkos stond met zijn rug naar hen toe hij praatte met de burgemeester van de stad. Agatia, Aganti, Kami, Kolus en Resus stonden naast hem maar zagen Lucius en Liv wel. Ze keken verbaasd naar hen. 'Heer' zei Kolus 'u moet even achter u kijken.'
Koning Carkos draaide zich om, 'roos' zei hij.
Lucius duwde haar naar hem toe. De koning maakte van zijn arm een mistsliert en pakte Liv bij haar middel op en pakte haar armen mee. 'Laat me los' zei ze.
De koning bekeek haar eens goed. 'Ik ben blij dat Lucius je weer gevonden heeft.'
Ze snoof en probeerde nog eens om los te komen. Hij liep met haar naar binnen. Hij zette haar weer neer. Hij zei: 'Lucius sluit haar op in een cel. Ik kom zo.'
Lucius pakte haar bij haar bovenarm en trok haar naar achter. 'Nee' riep ze 'laat me gaan!'
'Nee, dan mis je onze bruiloft nog.'
'Dat wil ik ook heel graag!'
Lucius duwde haar tegen de muur aan en zette zijn dolk op haar keel. 'Nee' zei hij 'jij trouwt met mij. Of je dat leuk vindt of niet dat maakt me niks uit.'
Hij trok haar mee naar een cel hij duwde haar naar binnen. Liv viel op de grond, ze sprong op en rende naar de deur. Maar Lucius had de deur al dichtgedaan. Liv trok aan de deurknop. Ze ging tegen de deur staan en zakte op de grond. Ze huilde dikke tranen. Na een paar minuten liep ze naar het kleine raampje. Er zaten tralies voor het raampje. Ze staarde naar buiten. Toen begon ze te ijsberen door de kamer. Hoe kon ze ontsnappen?! John wist niet dat ze hier was. Ze moest communiceren met hem. Ze moesten weten dat ze door moesten gaan met het plan en dat ze zich geen zorgen hoefde te maken. Er werd een sleutel in het sleutelgat gestoken. Liv kreeg meteen een idee. Ze liep snel naar de muur waar de deur zat. De deur ging open precies naar de kant waar Liv stond zodat Liv achter de deur stond. Lucius, Kolus en Resus kwamen binnen. 'Waar is ze' vroeg Kolus.
'Kijk onder het bed' zei Lucius.
'Ik laat me niet commanderen' zei Kolus boos, 'ik ben koning der reuzen.' Lucius zuchtte en zei: 'goed, uwe majesteit wat moeten we doen?'
'Kijk onder het bed' zei Kolus.
Ze liepen naar het bed Resus en Kolus tilde hem op en Lucius keek eronder. Op dat moment glipte Liv vanachter de deur vandaan, liep de cel uit en deed de deur dicht en op slot. Binnen hoorde ze Kolus en Resus roepen 'Hey!'
Ze lieten blijkbaat het bed vallen want Lucius riep heel luid: 'au, sukkels.'
Liv grinnikte, 'mijn roos wat doe je' hoorde ze achter zich. Ze draaide zich razendsnel om. Koning Carkos keek haar verbaasd aan 'sluit je nu mijn vrienden op.'
'Ja' zei Liv.
De koning schudde zijn hoofd, hij maakte van zijn arm drie mistslierten. De middelste daarvan gleed om Liv middel en nam haar armen mee, een bovenste bedekte haar mond zodat ze niks kon zeggen en met de onderste pakte de koning haar enkels vast. Hij tilde haar een paar centimeter van de grond op. Daarna liep hij naar de cel deur en maakte hem open. Lucius kwam er als eerste uitgerend. Hij liep naar Liv. De mistslierten van de koning verdwenen zodat Liv op de grond viel. Haar enkel werd zichtbaar. 'Die wond is snel geheeld' zei Lucius.
Liv ging snel staan. 'Klopt' zei ze 'ik heb iemand ontmoet die het snel kon genezen.'
'Wie dan' vroeg Kolus.
'Ga ik jou niet vertellen' zei ze.
Resus deed een stap naar voren maar de koning zei: 'laat haar maar.' 'We gaan eerst naar mijn kamer hier.' De koning ging voorop Lucius duwde Liv achter hem aan. Toen ze in de kamer waren zei de koning: 'mijn roos ik wil graag weten waar je bent geweest.'
'En niet liegen' zei Lucius.
'Waarom zou ik niet liegen? Iemand hier heeft mij ook voorgelogen.'
'Wie dan' vroeg Resus.
Ze ging eerst zitten en toen zei ze uitdagend: 'de koning.'
De koning keek haar aan, 'ik heb nog nooit tegen jou gelogen mijn roos.'
'Nu doet u het weer' zei Liv 'ik heb mijn echte ouders gevonden en die zeggen dat ik van hen gestolen ben door een trol.'
'En geloof je dat?'
'Ja' zei Liv.
'Je hebt geen bewijs' zei Lucius die tegen de muur leunde.
'Toch wel' zei Liv ze hield het medaillon omhoog wat ze nu iedere dag bij zich droeg sinds ze het ontdekt had. De koning liep naar haar toe en trok het uit haar handen. 'Dit heb ik je gegeven.'
'Niet' zei ze 'dan zou u weten hoe het opengaat.'
De koning legde het met een klap op het bureau. 'Goed' zei hij 'hoe gaat het dan open volgens jou?'
Liv stond op en liep naar het bureau ze neuriede het liedje dat Christina had geneuried. Liv had erop gestaan dat ze haar het deuntje had geleerd. Het medaillon sprong open. Liv pakte het op en wees naar de foto. 'Mijn moeder, vader en ik' zei ze.
De koning zei 'ik.... ik... best. Ja, ik heb je laten stelen. Maar kijk wat ik met jou gave heb bereikt. Het spijt me, roos.'
'Ik laat me niet meer gebruiken' riep Liv 'nu ik ga geen visioenen doorgeven aan jou! Jij vuile leugenaar!'
Lucius ging recht staan en zei: 'zo praat je niet tegen je koning.'
'Door mij is hij koning, dus ik zeg tegen hem wat ik wil!'
Kolus zag een kleine vonkeling in haar ogen. 'Ga je dat nu rechtzetten of wat wil je doen' vroeg hij.
'Ik en John zijn het aan het rechtzetten' zei ze.
Ze sloeg haar hand voor haar mond. Resus grinnikte, 'had je dat niet mogen zeggen?'
Liv zei niks en keek naar de grond. Ze kon zichzelf wel slaan. De koning tilde haar kin op. 'Ik heb genoeg gehoord voor vandaag' zei hij, 'Lucius breng haar naar haar cel.'
'Met plezier' zei Lucius.
Hij liep naar Liv toe en wou haar bovenarm pakken maar Liv zei: 'waag het eens om me aan te raken.'
Lucius stak zijn handen in de lucht. Liv liep naar haar cel en Lucius liep achter haar aan. Lucius deed de celdeur open. Liv bleef staan, Lucius zuchtte en duwde Liv naar binnen. Hij deed de deur dicht voordat Liv eruit kon rennen. Ze bonsde op de deur. 'Kun je wel je eigen verloofde opsluiten?!'
Ze kreeg geen reactie terug. Ze liep naar het raampje en keek naar buiten. Het begon al donker te worden. Christina, Sebastiaan, John en Carlo waren natuurlijk al ongerust aan het worden. Ze ging op het bed liggen en viel in slaap.
JE LEEST
Visioen
FantasyLiv is 18 jaar. haar baas ,graaf Carkos, wil de macht in het land. als hij hoort over een meisje met gave visioen moet hij haar hebben. hij laat Liv ontvoeren als ze 3 is. hij verteld haar niets over haar echte ouders. haar ouders mogen niet achter...
