Hoofdstuk 18

967 62 16
                                        

Ik word wakker door het licht dat door de gordijnen naar binnen schijnt. Ik voel me leeg en uitgeput ook al heb ik de hele nacht door geslapen. Ashton zijn armen zijn rond mij geslagen en zijn hoofd rust op een kussen. Hij ademt op een rustig tempo dus dat wil zeggen dat hij nog slaapt. Ik probeer zijn armen rustig van me af te halen zonder hem wakker te maken.

Na veel proberen, zuchten, knorretjes van Ashton, licht gemompel en enkele scheldwoorden is het me gelukt om vanuit zijn omhelzing te komen. Ik stap naar de deur en ga de woonkamer in. Luke zit op de zetel televisie te kijken. Ik zucht en stap naar hem toe. Ik ga naast hem zitten. Ik moet het hem vertellen.

'L-Luke?'

'Ja, wat is er?' vraagt hij. Zijn ogen gaan over mijn lichaam en ik weet heel zeker naar wat ze kijken.

'Kijk, Luke. Je hebt her waarschijnlijk al door, maar ik sta onder de blauwe plekken en ik heb geregeld een bloed neus.' Dit gaat moeilijker worden dan ik dacht, ik zucht en voel dat ik elk moment kan beginnen wenen.

'Ik, ik denk dat ik weer... Dat ik weer kanker heb.' Fluister ik en kijk naar beneden.

Luke hapt naar adem en draait zijn lichaam naar mij. Hij neemt me vast en knuffelt me. Niet wenen, niet wenen. Ik duw me rustig weg.

'Kijk, ik wil dat, dat je aan Ashton zegt... Dat hij, ik, ik wil dat je zegt...' mijn lip begint te trillen. Ik bijt op mijn onderlip en adem door mijn neus.

'Sch-schrijf het anders op.' Zegt hij en snikt.

Ik knik.

'Ik weet dat ik het misschien, nog kan maken, maar, ik, ik weet het niet, het lijkt heviger dan de vo-vorige keer.'

Ik wil gewoon niets anders doen dan mijn gedachten verzetten maar ik moet het aan iemand vertellen, en Luke was mijn eerste optie. Niet dat ik Ashton niet vertrouw of dat ik het hem niet durf zeggen. Ik wil gewoon dat hij geniet van de tijd die we nog hebben.

'Je kan het wel. Ik weet zeker dat je het kan. Het leven is niet eerlijk, ze nemen altijd degene die het beste is voor de wereld en die bijna nooit iets fout doet...' zegt hij.

'Mag ik iets opschrijven en het je dan geven? En, en zou jij het dan aan Ashton willen geven? Alsjeblieft?'

'Zeker.' Fluistert hij en kijkt me aan.

'Luke, ik wil niet dat jullie allemaal pijn hebben door mij... En ik wil afscheid kunnen nemen. Ik wil het een plaats geven in mijn leven en, en er proberen mee om te gaan.'

Hij opent zijn mond maar ik blijf door praten.

'Het is net als leven met een baksteen aan je voet, je gaat minder rap vooruit maar uiteindelijk bereik je wel je doel.'

'Dat, dat is zo waar.' Zegt hij en er rolt een traan van zijn wang.

Ik zucht. 'Ik ga na het feest naar het ziekenhuis. En ik ga het dan ook aan mijn ouders vertellen.'

'Dat lijkt me een goed idee.' Zegt Luke.

'Je kan het wel, je komt er wel door. Je lichaam is sterk genoeg om te blijven leven.'

'Je bent zo lief Lucas.' Zeg ik en geef hem een knuffel.

Ik laat los en we kijken nog een tijdje televisie tot Ashton binnen komt.

'Je zit helemaal onder de blauwe plekken.' Fluistert hij en stapt naar me toe.

Luke zet de televisie uit en gaat naar boven. Ashton komt naast me zitten met grootte ogen.

'Rachel, ik, ik weet niet goed wat ik moet zeggen.' Zegt hij stil.

Ik zucht. 'Ashton, ik denk dat ik weer kanker heb.' Zeg ik en begin te wenen.

Butterfly (Ashton Irwin 5SOS) Dutch *editing*Verhalen om door geobsedeerd te raken. Ontdek het nu