Ik zou om 6 uur al uploaden >_<. Nu vooral veel uitleg. Hopelijk vinden jullie het wel leuk. En nog vragen of onduidelijkheden? Wees nooit verlegen om ze te stellen in de comments. En tips zijn ook altijd van harte welkom.
Elizabeth
"Robyn!?" hoor ik Nathan schreeuwen. Met een ruk draai ik me om. Ik ren zo snel als ik kan op Nathan af. Ik kijk door de ventilatieschacht waar Nathan als versteend naar staart en zie Robyns felle, groene ogen mij, Nathan en (ondertussen aangeschoven) Adrianna aanstaren. "R-ro-b-byn" stotter ik vol ongeloof. De tranen lopen al rijkelijk over mijn wangen, net als bij de rest.
*De volgende dag*
We komen aan bij het dorp, het dorp van de verstoten kinderen en wezen. Robyn heeft ons hier haastig naartoe gebracht. Het is een nogal raar verhaal, maar we hebben het met onze eigen ogen gezien. We hebben het met zijn vieren gezien door de ventilatieschachtroosters die zich op de plaats bevonden waar het moorddadige tafereel zich afspeelde.
Binnen tien jaar zijn er drie mensen vermist geraakt terwijl ze aan het werk waren in het ministerie. Deze drie waren de enigste in die tien jaar die een speciale gave hadden en bij het ministerie werkten. Ook zijn er in de loop van de jaren (ook ongeveer tien jaar) op mysterieuze wijze mensen met zo'n gave verdwenen. Wat blijkt, er zit een gigantisch onderzoekslab onder het ministerie waar niemand van weet. Daar zijn die ontvoerde mensen proefkonijnen.
Na een paar seconden, wou ik al niet eens meer kijken. Het was onmenselijk, het was zelfs te erg voor welk bovennatuurlijk wezen dan ook. De rest heeft nog een korte tijd verder gekeken, maar ik wou het niet meer zien, nooit meer. Joy (iedereen hier kennen we ondertussen al, al zijn we pas net aangekomen. Robyn heeft ons over de meesten al verteld onderweg naar hier) weet wat daar gaande is. Ze is er zelf geweest, omdat ze de enigste elf op aarde is. Op een dag is ze gewoon door de boog van het dorp gestapt. Hoe ze is ontsnapt van de labwerkers? Daar wilt ze het niet over hebben.
We hebben het ministerie gealarmeerd, maar ze kunnen het niet zien. Er zit een spreuk op het lab, zodat niemand het kan zien, behalve wij en de ontvoerde mensen. Wij kunnen het zien omdat we de uitverkorenen zijn. Wij moeten uiteindelijk de mensen daar dus bevrijden, maar dat kan niet onvoorbereid. We moeten een waterdicht plan hebben en dat kan zeker wel een maand of vier duren. We hebben tijd nodig om de trainen, alle benodigdheden verkrijgen, wapens maken en ga zo maar door.
Onze ouders hebben we al alles verteld en ze begrepen het gelijk. Allemaal hebben ze een huisje in Engeland, zodat we ze waneer we maar willen en kunnen, ze kunnen bezoeken. Robyn gaat trouwens altijd met mij mee. Natuurlijk ga ik gewoon naar huis op het platteland. Adrianna gaat naar het huis wat haar moeder heeft als ze langere tijd in de buurt van het ministerie moest blijven en Nathans ouders zijn zelfs volledig van New York naar Londen verhuist ervoor. Wij kunnen er niet meer blijven, want onze gave is zeker niet een kleine en dus zijn we enorm in gevaar op het ministerie.
Genoeg uitgelegd, daar staan we dan, voor onze nieuwe woonplaats. Koffers vol met al onze persoonlijke bezittingen in onze handen. Joy en Vicky verwelkomen ons glimlachend in ons nieuwe huis. Onze koffers worden alvast weggebracht door Jane, Joshua, Mauro en Ben. Jane pakt mijn koffers aan "Welkom" zegt ze met een brede, warme glimlach. Ik glimlach blij terug, waarna ik naar binnen loop.
We komen binnen in een grote woonkamer met alle luxe van een normaal huis, maar dan beter. Er is een superzachte bank waar Nathan gelijk opduikt, Robyn ploft in de meest comfortabel uitziende fauteuil. Adrianna rent gelijk door naar haar kamer. Samen kijken we nieuwsgierig naar binnen. Het is een gigantische, ronde kamer beschildert met de mooiste zeetaferelen, van zeewier tot vissen. Boven haar bed is een prachtige zeemeermin geschilderd. In het midden staat een gigantisch waterbed dat meevormt met de muur. Verder staan er her en der zandkleurige meubels, de textuur is zelfs zanderig. Ook heeft ze een net zo prachtige badkamer met een gigantisch bubbelbad.
Voordat ik mijn eigen kamer ga bekijken, ga ik eerst langs de kamers van de jongens. Die van Robyn is beschilderd met bostaferelen en wilde dieren. Eekhoorns, herten en boven zijn bed een huilende wolf. Van de deur naar het bed verloopt het tafereel aan beide zijden van de kamer van dag naar nacht, de wolf huilt dan ook naar de maan. Zijn bed zit in de vloer en ligt op hetzelfde niveau. Verder heeft hij allemaal meubels van eikenhout waar ze de takken nog aan hebben laten zitten zodat het er nog meer als de natuur uitziet. Ook zijn badkamer is net een stukje bos met een meer als bad. Het is wonderlijk mooi.
Nu die van Nathan. Die is beschildert met haast levensecht vuur. Boven zijn bed stijgt een prachtige Feniks op. Verder staan er draken en zelfs een verscholen vampier tussen het vuur. Zijn bed heeft een verwarmd matras en de meubels zijn pikzwart, alsof ze verkoold zijn. Net als Adrys zandkasten, voelen zijn meubels verkoold en brokkelig aan. Zijn badkamer is net zo vurig en al het sanitair lijkt wel zwartgeblakerd te zijn door vuur. Echt heel vet.
Nu eindelijk mijn kamer! Ik doe de deur open en kijk mijn ogen uit. Mijn muur is beschildert met de meest prachtige luchtschildering die ik ooit heb gezien. De muur is hemelsblauw met wonderschone wolken en de mooist geschilderde vogels die ik ooit heb gezien. Boven mijn bed staat een stijgerende pegasus met gespreide vleugels. Mijn bed zelf zweeft iets boven de grond. Mijn meubels zijn allemaal spierwit.
Jane staat net als ik verbaast rond te kijken. "Wauw, hier wil ik ook wel een nachtje vertoeven" zegt ze. Ik kijk naar haar om "O, je kan komen waneer je wilt hoor, ik bedoel, genoeg plaats" zeg ik lacherig. "Graag" daarna loopt ze de kamer uit "Ga maar lekker alles inrichten, zo wordt het pas echt je nieuwe huis. En als je iets nodig hebt, ik ben er altijd voor je" daarna sluit ze de deur en loopt ze weg.
Nadat ik al mijn kleding in mijn inloopkast (ik heb nu een inloopkast!!) heb gehangen en mijn schoenen, sieraden en hoeden op de planken heb gelegd, gezet en gehangen, loop ik weer mijn kamer binnen. Daarna ga ik op mijn bed liggen. Het is zo zacht, dit is hoe wolken zouden voelen? Ik kijk omhoog, naar het plafond. Wauw, zelfs het plafond is prachtig beschildert. Ik zie nog meer pegasussen, zal de rest ook zo'n mooi plafond hebben. En in het midden staat een... engel? Nu ik erover nadenk, waarom staat er bij mij niet, net als de rest, een heks of een magiër tussen. De rest heeft een meermin, weerwolf en vampier, maar ik heb een soort engel. Is het een foutje, of hebben ze gewoon een detail over het hoofd gezien? Wat maakt het uit, het is te mooi om te zeuren. Langzaam sluiten mijn ogen zich.
JE LEEST
Revolution
FantasíaVier verschillende afkomsten, vier verschillende bovennatuurlijke wezens, vier elementen, vier seizoenen en één grote gebeurtenis die hun wegen doet kruizen. Zullen deze vier totaal verschillende tieners vrede sluiten met elkaar en hun lot, of elkaa...
