Hoofdstuk 7

558 42 6
                                    

Ik draai me onmiddelijk om. Caleb? Wat gebeurt er hier?

Caleb lacht alleen maar. Ik kijk hem boos aan, wat hem alleen maar harder laat lachen. Ook de man naast me begint te grinniken. ''Dit is alles behalve grappig!'' roep ik gefrustreerd. De emotie op hun gezichten veranderd onmiddelijk, en ik kan het hun niet kwalijk nemen, want ik heb mezelf ook zelden zo gehoord. 

''Kan iemand me uitleggen wat hier aan de hand is?'' vraag ik. Caleb loopt naar me toe. ''Was dat nog niet duidelijk? Moeten we die witte vlek nog een keer laten zien?'' vraagt hij sarcastisch. Ik schud mijn hoofd. ''Maar hoe wist je dat ik het ook had? En wat heeft hij te maken in dit hele verhaal?'' vraag ik terwijl ik naar de arts wijs. 

Caleb pakt een kruk en gaat tegenover me zitten. ''Ik was acht toen ik hem pijn deed. Hij wist meteen dat ik een Houder was, omdat hij er zelf ook één is. Mijn vader heeft nooit wat gemerkt, omdat Heath me hielp om alles geheim te houden,'' zegt Caleb snel. Het is snel en verwarrend, maar na een paar keer afspelen in mijn hoofd snap ik wat hij bedoeld. 

Ik heb mijn moeder ook pijn gedaan. Dat was toen ze vertelde wie mijn vader was, of nou ja, hoe mijn vader was, werd ik simpelweg kwaad. Het is lang voor me achter gehouden. Ik heb toen uit frustratie mijn moeder weggeduwd toen ze me probeerde te troosten. Ze vloog tegen de muur. Dat is dus blijkbaar ook gebeurd met Caleb. Bij Heath dus. 

''Ik moet wel eerlijk zijn dat je het goed verborgen hebt gehouden. Al is dat natuurlijk niet zo moeilijk als je haast niets mag,'' zegt Caleb als het iets te lang stil is. ''Zo, gaan we met zo'n toon praten?'' vraag ik, op precies dezelfde toon als hij net tegen me sprak. Caleb lacht alleen maar. ''Sorry, ik zal me inhouden,'' zegt hij, al een stuk minder zelfingenomen dan net. Ik glimlach en leg een been over de ander, klaar voor de rest van het verhaal. 

''Heath vertelde me dat je precies dezelfde witte waas hebt. Ik stond er dit keer bij toen het gescant werd. Ik neem aan dat je contactlenzen draagt?'' vraagt hij. Ik knik. ''Kun je ze voor me uit doen?'' vraagt hij. ''En hoe weet ik dat je me niet gewoon bij je vader gaat verraden?'' vraag ik. Caleb snapt mijn hint en steekt zijn hand uit naar Heath. Hij geeft hem een lenzendoosje. Caleb zet het op een tafel naast me en frummelt in zijn oog. Een helderblauwe lens ligt op het puntje van zijn vinger. 

En inderdaad, zijn ogen zijn net zo paars als de mijne. 

''Vertrouw je me nu wel?'' vraagt hij. ''Goed, waar kan ik mijn lenzen in leggen?'' vraag ik. Caleb glimlacht en geeft me een ander doosje. Ik ga tegenover hem staan en haal mijn lenzen er zorgvuldig uit. Daarna kijk ik hem recht in zijn ogen aan. 

''Nu we weer onszelf zijn, kan ik je uitleggen waarom ik mensen zoals jij zoek,'' zegt Caleb zachtjes. Ik knik en ga weer op de kruk zitten. Caleb gaat weer tegenover me zitten en kijkt me dringend aan. ''Je doet net alsof je iets heel ergs gaat vertellen,'' lach ik. Caleb lacht niet mee. 

''Cinth, wat ik je ga vertellen is geen grap, je moet je gaan focussen,'' zegt hij, zijn stem een octaaf lager. Ik schrik zo erg dat ik instem. ''We zijn niet veilig hier,'' zegt Caleb. ''Zou je denken? We dragen niet voor niets contactlenzen, slimbo,'' mompel ik. Caleb kijkt me boos aan. ''Wat, pijn kan je me toch niet doen,'' zeg ik uitdagend. Caleb gromt, is duidelijk bijna bij het einde van zijn lontje. ''Alsjeblieft, dit gaat verder dan jij denkt, dus zet die koppigheid voor even aan de kant,'' sist hij naar me. Ik druk mijn lippen op elkaar en steek mijn duim op. 

''Mijn vader was laatst met iemand aan de telefoon. Een andere groep komt onze kant op. Alleen zien ze er niet hetzelfde uit als wij. Deze groep is anders uit de Wereldinstorting gekomen dan wij. Deze mensen zijn allemaal getraint om pas te stoppen wanneer hun hart stopt met kloppen. Ze zoeken naar ons. We zijn niet veilig,'' zegt hij. 

Even kijk ik hem ongelovig aan. Een andere groep? Ik wist dat er andere mensen waren, maar het grootste gedeelte van deze aarde is niet veilig voor onze lichamen. Zouden ze daar eeuwen geleden al rekening mee gehouden hebben? 

''Hoe kunnen ze hier komen? Geen mens kan het daar overleven,'' fluister ik. ''Dat dacht ik ook. Maar er bestaat blijkbaar een serum dat je daar tegen kan beschermen. De groep waar we mee te maken hebben, heeft het uitgevonden. Ze hebben die formule nooit aan andere groepen gegeven, trots als ze zijn. Ze zijn generaties lang ingespoten totdat ze zeker wisten dat het serum sterk genoeg zou zijn om een leven te starten in de radioactieve straal. Ze zijn blijkbaar al bij het punt dat het genoeg is,'' legt Caleb uit. 

''Maar waarom zoeken jullie naar Houders?'' vraag ik. ''Deze mensen zijn misschien wel sterk, maar kennen onze krachten niet. Ze hebben Houders al eeuwen geleden uitgeroeid, ze zijn 100% zeker dat er geen enkele Houder in hun midden is. Ze weten daardoor niet wat Houders kunnen. Ik wil iedereen verzamelen, een plan bij onze leiders neerleggen waarin wij een grote rol gaan spelen,'' zegt Caleb zacht. 

''Welke rol?'' 

''Wij sluiten ons bij het leger aan om de groep vanuit buiten tegen te werken,'' antwoord hij snel. 

Ik schrik en schiet een meter achteruit. Tegen het bureau aan. Een zwakke pijn vult het gevoel in mijn rug, maar ik doe werkelijk alles om het te negeren. ''Caleb, dat is levensgevaarlijk. Ons bestuur zal ons eerder door ons hoofd knallen dan dat ze onze hulp aannemen,'' zeg ik hard. 

''Mijn vader kan zijn eigen zoon niet neerschieten,'' zegt Caleb meteen, alsof hij mijn opmerking al verwachtte. ''Nou, woehoe, jij mag je leven in een cel doorbrengen. Ik lig daar dood op de grond met een kogel door mijn hoofd!'' gil ik woest, ''Heb je wel door hoeveel levens je met dit idee op het spel zet? Niet alleen wij gaan eraan, onze hele familie, al onze vrienden, iedereen die ons kent wordt net zo goed het slachtoffer! Wil je dat op je geweten hebben?''

''Ik heb dat liever dan dat de groep waar mijn familie zo hard voor heeft gewerkt zomaar wordt vermoord door een groep van buiten! We moeten wachten tot de groep er bijna is, wanneer het bestuur wanhopig wordt,'' roept Caleb gefrustreerd. 

''En wat doen we in de tussentijd?'' vraag ik. ''Trainen,'' zegt Heath achter me. Ik draai me verward naar hem toe. ''Jullie zullen getraind worden door mij en mijn vrouw, die ook een Houder is. We zoeken met z'n allen naar zoveel mogelijk Houders. Maar jullie moeten sterk genoeg zijn om mensen te kunnen tegenhouden, of des noods, vermoorden, voordat ze dat bij jullie doen,'' zegt hij koel. 

HoudersWaar verhalen tot leven komen. Ontdek het nu