| 45 |

12 0 0
                                    

POV SOPHIE

De laatste dagen is Max weer druk bezig. Ik weet dat hij van alles in zijn schild voert om de oorlog tegen de Silver Serpents onder controle te krijgen. 

Toch geniet ik ervan hoe hij, ondanks de drukte, nu tijd probeert te maken voor me. Samen eten, mij afzetten aan school, en zelfs gewoon samen op de bank zitten, hij zorgt ervoor dat ik me altijd speciaal & veilig voel.

Maar op een avond verandert alles. Terwijl ik net klaar ben met het samenstellen van mijn dj-set, trilt mijn telefoon in mijn hand. Een ongekend nummer verschijnt op het scherm. Aarzelend neem ik op.

"Hallo?"

"Sophie?" Een ruwe, onbekende stem klinkt aan de andere kant. "We hebben Max. Als je wilt dat hij blijft leven, zwijg dan & luister goed."

Mijn hart slaat over.

"Je weet precies wie wij zijn & wat we willen." De man klinkt dreigend en vastberaden. "We zijn de Silver Serpents. En we hebben je vriendje gevangen genomen tijdens een van zijn belachelijke aanvallen."

Ik voel mijn bloed koud worden. "Hoe weet ik dat je de waarheid spreekt?"

Er is een korte stilte, gevolgd door het geluid van gekreun en een doffe klap. "Sophie niet..." Max' stem, zwak en pijnlijk. maar hij word direct het zwijgen weer opgelegd. 

"Max!" Mijn stem breekt. "Wat moet ik doen?"

"Verlaat het huis, ongezien. Zorg ervoor dat je bodyguards niets weten. We sturen je zo dadelijk het adres. We zien je binnen 30 minuten. Als je dat niet doet, zie je Max nooit meer terug."

De verbinding wordt verbroken, en ik blijf verbijsterd achter. Mijn handen trillen terwijl ik het gesprek opnieuw en opnieuw in mijn hoofd afspeel. Max is in gevaar, en ik moet hem redden.

Ik probeer mezelf te kalmeren en een plan te bedenken. Ik moet ongezien uit het huis sluipen. Eerst kijk ik om me heen en luister goed of er iemand in de buurt is. De bodyguards zijn vast ergens buiten aan het patrouilleren, dus ik heb een kleine kans om ongezien weg te komen.

Ik trek snel een jeansbroek aan en gemakkelijke t-shirt. Ik pak snel een paar essentiële spullen in een kleine rugzak en trek een donkere hoodie aan. De capuchon trek ik diep over mijn hoofd. Langzaam open ik de deur van mijn kamer en gluur de gang in. Niemand te zien.

Ik glip naar beneden, mijn adem in houdend bij elke schaduw die beweegt. Bij de achterdeur aangekomen, luister ik nogmaals. Geen geluid. Met een zucht open ik de deur en sluip naar buiten.

De tuin ligt er stil en verlaten bij in het maanlicht. Ik haast me naar de omheining, mijn hart bonzend in mijn borst. Als ik eenmaal buiten de poort ben, bel ik een taxi en geef het adres door dat de man me had gegeven. Terwijl ik wacht, voel ik mijn angst groeien. Wat als dit een valstrik is? Wat als ik Max nooit meer terugzie?

De taxi arriveert, en ik stap in, mijn gedachten razend. De rit naar de afgesproken locatie lijkt eindeloos. Uiteindelijk stopt de auto voor een verlaten magazijn aan de rand van de stad. Ik bedank de chauffeur en stap uit, mijn hart bonzend in mijn borst.

Met een diepe ademhaling loop ik naar de ingang van het magazijn en duw de zware deur open. Binnen is het donker en stil, behalve het zachte gezoem van oude machines. Ik roep voorzichtig: "Hallo?"

Een schaduw beweegt in de hoek van de kamer. "Sophie," klinkt de ruwe stem opnieuw. "Kom dichterbij."

Ik zet een paar stappen naar voren, mijn ogen proberen te wennen aan de duisternis. "Waar is Max?"

De man lacht zachtjes. "Hij is hier. Maar eerst willen we zeker weten dat je geen trucjes uithaalt." Hij klapt in zijn handen, en ineens flitsen de lichten aan.

Mijn hart slaat een slag over. In plaats van Max zie ik alleen lege stoelen en touwen op de grond. "Waar is hij?" roep ik, mijn stem trillend van angst en woede.

De man stapt uit de schaduwen en grijnst breed. "Max is helemaal niet hier. Dat was een valse geluidsopname, en jij bent erin gelopen als een naïef kind."

Mijn bloed bevriest. "Wat?" fluister ik, de realiteit van de situatie dringt langzaam tot me door. "Dit... dit kan niet waar zijn."

"Maar dat is het wel," zegt hij met een zelfvoldane glimlach. "We hebben je precies waar we je wilden hebben."

Ik draai me om om te rennen, maar twee mannen grijpen me stevig vast. Mijn hart bonst in mijn keel, en ik worstel tegen hun greep. "Laat me los!" schreeuw ik, maar het heeft geen zin.

"Je dacht echt dat je slim was, hè?" De leider van de Silver Serpents stapt dichterbij en kijkt me vol minachting aan. "Maar je hebt je ernstig vergist."

Ze binden me vast aan een stoel, precies op de plek waar ik dacht dat Max zou zitten. De ruimte voelt ineens ijskoud en bedreigend aan. Mijn gedachten racen, mijn hart bonst, en ik voel me ongelooflijk stom voor het trappen in hun valstrik.

De leider van de Silver Serpents lacht terwijl hij naar me toe buigt. "Je bent nu onze gevangene  en we gaan je gebruiken om Max te lokken. Dit is nog maar het begin."

Tranen van frustratie branden in mijn ogen, maar ik dwing mezelf om niet te huilen. Ik moet sterk blijven. Voor Max. Voor mezelf. Ondanks alles wat er gebeurd is, weet ik dat ik een manier moet vinden om hier uit te komen. En deze keer zal ik slimmer zijn.

Tussen Beats & VerlangensWaar verhalen tot leven komen. Ontdek het nu