Alysia pov
Langzaam opende ik mijn ogen en knipperde een paar keer om mijn beeld scherper te stellen. Mijn armen, benen en eigenlijk alles deed pijn. Bij elke beweging schreeuwde mijn lichaam om rust, en dat gaf ik ze dan ook. Gewoon als een soort pijnstiller. Maar de hele dag blijven zitten in een boom was ik niet van plan, na enige moeite en tijd klom ik naar beneden waar mijn voeten de grond raakte. De geur van regen op de boomschors vulde mijn neus en deed me denken aan thuis. Een thuis die niet meer bestond maar ik me nog precies voor kon stellen... Ook dwaalde mijn gedachten af naar de Specials. Zouden ze de bol al vernietigd hebben? Zouden Alice en mijn moeder nog leven? Van Alice weet ik het zeker: ik wilde niet dat ze dood was maar van mijn moeder... Ik wist het niet. Een tweeën strijd vond zich af in mijn hoofd en de kan die het niks kon schelen won. Voor haar maakte het niks uit dat we elkaar al veel te lang niet gezien hadden, waarom maakte ik me dan druk om dat ze dood was? Ik kende haar nauwelijks, het was meer een vage kennis dan een moeder. En nu ik daar aan denk... Mijn lichaam is niet mee veranderd, ik zit nog steeds in het lichaam van een 17 jarige!! Na die gedachtes dacht ik aan het beeld van gisteren. De gele ogen die glommen in het donker en me onderzoekend aankeken en aan de woorden van Alice, was dit het gevaar waarvan ze me vroeg of ik kon vechten? Zou hier nog een volk zijn, of was ik de enige in dit oerwoud? De enige manier om daar achter te komen was om op ontdekking te gaan.
Gele ogen, ik zag ze weer precies dezelfde. Ik wist het zeker. En deze keer raakte ik ze niet meer kwijt. Ze keken naar voren, niet mijn kant op dus. Ik kon de ogen volgen. Ik kon het en deed het. Mijn Engel stemde toe. Dat betekende dus dat het een goed plan was. Ik verschool me achter een boom en keek toe. Een panter. Daarvan waren de gele ogen afkomstig. Een konijn. Daar stond de panter tegenover. En dood. Daar zorgde het voor. Hij had het konijn vermoord en in één slik naar zijn maag gebracht. Daarna liep hij weg. En ik volgde. Het zwarte beest versnelde zijn pas en ik begon op mijn voetstappen lettend te rennen.
Zo ging dat een half uur door. Na dat half uur lag ik bijna op de grond van de vermoeidheid en mijn wonden waren aan het branden. Maar ik had het gehaald! Ik was de panter gevolgd tot het einde en was aangekomen bij een kamp. Een steek van heimwee ging door me heen. Het kamp was goed te vergelijken met die van mijn stam. Mijn stam die er niet meer was. Ik werd terug naar aarde geroepen door een stem. 'Ceram, we hebben een nieuwe!' Riep een stem afkomstig van een man gekleed in zwart. 'Een meisje?!' Riep een andere man met exact dezelfde kleren verbaasd uit. Een jonge man -waarschijnlijk Ceram - kwam de bosjes uit gelopen. Zijn ogen werden zo groot als schoteltjes terwijl hij naar mij kwam. 'Maeve...' Was het enige dat ik kon uitbrengen. 'Ik dacht dat je dood was!' Piepte ik terwijl ik hem in de armen vloog. 'Ik leef nog...' In mijn hoofd maakte ik een nieuw doel: Ik ging erachter komen hoe hij het heeft overleeft. Een anderen man begon te spreken:
'Welkom in The Revolution'
JE LEEST
Elfs and Dwarfs
FantasyEen geheimzinnig meisje sprong lenig van boom naar boom, als je langs liep zag je door de bomen heen rode flitsen van haar haar, maar nog niemand had haar ooit ontdekt. al tien jaar lang leefde ze op het eten wat ze gevangen had, soms at ze dagen ni...
