26. in het kille duister

442 29 13
                                        

Mila kwam beetje bij beetje bij. Haar hoofd klopte van de pijn en haar polsen gloeiden door de touwen die er maar al te stevig omheen gebonden zaten. Ze kreunde. Langzaam maar zeker werd ze zich bewuster van haar omgeving. Ze lag op een oude, versleten matras in de hoek van een niet al te grote duistere kamer. In de hoek stond er een oude, wankele tafel met een niet al te stabiel uitziende stoel. Haar handen waren strak rond een oude verwarmingsbuis gebonden, waardoor ze nu in een nogal oncomfortabele houding lag. In de verste hoek van de kamer was er een deur, maar die zou ze onmogelijk kunnen bereiken. Bovendien was ze veel te zwak. Mila had geen idee hoe lang ze buiten bewustzijn geweest was, maar het had haar alleszins geen goed gedaan. Boven haar hoofd was er nog een dakraampje, waar ze met gemak doorheen zou raken, maar het was te hoog en bovendien kreeg ze haar handen voor geen meter los.

Plots hoorde ze de deur kraken en kwam John binnen. Hij sleurde nog een tweede persoon mee. Mila schrok. Die tweede persoon kende ze maar al te goed. "Papa", stamelde ze. John bond haar vader vast aan de muur die het verst van Mila verwijderd was, zodat ze elkaar zeker niet zouden kunnen helpen om hun handen los te krijgen. "Geniet nog maar van jullie laatste uurtjes", grijnsde John. "Waarom?" riep Mila uit. "Waarom moet je ons hebben?" Tranen waagden zich aan een vrije val uit haar ogen, onwetend dat ze hun val met hun leven zouden moeten bekopen. "Eigenlijk moet ik alleen je vader hebben, liefste Mila", antwoordde John poeslief. "Maar ja, je weigerde me te helpen en nu weet je teveel"
Mila snikte. Nooit meer zou ze samen met haar bevervrienden op een podium staan. Nooit meer zou ze samen met hen plezier maken in de kelder. Nooit meer zou ze Jonas zien. Nooit meer zou ze hem kunnen zeggen hoeveel ze van hem hield of hem simpelweg een knuffel geven. Dat was haar allemaal afgenomen. 
"Mila?" vroeg Manuel voorzichtig. "Wat wil je?" snauwde Mila. Hij mocht dan wel haar vader zijn, hij zat al meer dan tien jaar lang in de gevangenis waardoor Mila in de pleegzorg beland was. "Wil je alsjeblief even luisteren?" Mila reageerde niet. Er was teveel gebeurd om het zomaar even goed te kunnen praten. Hij was de gevangenis ingevlogen wegens het overvallen van een hoop winkels en een bank. Maar het ergste van allemaal, hij was medeplichtig aan een moord. Mila was er kapot van. Ze wou toen maar niet geloven dat haar grote held iemand in koelen bloede iemand van het leven zou kunnen beroven. Iemand met een leven, iemand die een familie achterliet. Iemand die nooit meer van het leven zou kunnen genieten.
Manuel praatte gewoon verder. "Mila, die diefstallen in het verleden zijn volledig mijn eigen stomme schuld. Daar heb ik echt veel spijt van. Mijn straf heb ik dus ook zonder klagen uitgezeten. Ik had die dingen gewoon nooit mogen doen. Maar ik smeek je Mila, geloof me als ik zeg dat ik niets, maar dan ook niets met die moord te maken heb gehad." Nu had hij haar volle aandacht. Mila spitste haar oren en boorde haar kille blik in de zijne.
"Ik was samen met John en David, de drummer van de band, naar die bank gegaan. Ik wist al dat het fout was toen ik vertrok, maar de anderen hielden me tegen toen ik wilde omkeren. Toen we bij de bank kwamen, haalde John ineens een wapen boven en schoot hij de bankbediende gewoon neer. Zomaar, terwijl die arme ziel zich niet eens verzet had. Ik probeerde nog om het wapen uit zijn handen te grissen, maar het mocht niet baten. David en John gaven elkaar een high-five. Het leek wel alsof ze afgesproken hadden dat ze dit gingen doen. Na de moord begon John de kluis leeg te rapen, terwijl David het lijk verborg. Daarna sloegen ze op de vlucht en ze sleurden mij gewoon mee. We waren dagen lang op de vlucht. Ik kwelde mezelf met een schuldgevoel, maar ik durfde de politie niet in te lichten omdat ik veel te bang was wat die twee psychopaten met me zouden doen. Maar na een paar dagen slaagde ik er toch in om de politie te bellen. We moesten alle drie een verklaring afleggen, maar John is echt een kei in staalhard liegen als het er op aankomt. Hij maakte de politie wijs dat David de moord gepleegd had, en dus werden wij veroordeeld tot medeplichtigheid. De politie geloofde zijn verhaal, want het klopte immers met de bewijzen. John droeg op het moment van de moord handschoenen, en ik ook, maar David had daarvoor waarschijnlijk het wapen geladen dus zijn afdrukken waren erop te vinden.
David kreeg levenslang, maar ik en John zijn dus vervroegd vrijgelaten. En nu wil hij wraak nemen op mij omdat ik hun aangegeven heb. En hij sleurt jou er ook in mee"
Mila was in de war. Heel haar wereld, zowel het verleden, heden als de toekomst waren op zijn kop gezet. Ze twijfelde of ze zijn verhaal wel moest geloven, maar ergens diep vanbinnen wist ze gewoon dat hij de waarheid sprak. "Sorry dat ik niet eerder naar je toegekomen ben zodat je je verhaal kon doen! Het spijt me echt papa!", snikte Mila. "He schat, het is oke! Je dacht dat ik een moord gepleegd had! Het is normaal dat je boos op me was en dat je me niet wou zien! Ik neem je echt niets kwalijk!", troostte haar vader haar. Mila glimlachte. Eindelijk had ze haar vader terug. Eindelijk hoefde ze niet meer als een wees door het leven te gaan. "Wat nu?", vroeg Mila,"Hoe raken we hier weg?" "We vinden er wel iets op Mila. Samen raken we hier uit!"
Mila produceerde een zwak glimlachje. Ze zou er alles aan doen om hier niet te sterven. Ze zou hier uit raken. Weg uit dit kille duister, weg bij deze psychopaat. Terug naar leven. Terug naar de bevers. Terug naar Jonas, terug naar de jongen van wie ze hield.

Hopelijk vond je het leuk☺ laat zeker even een reactie achter wat je ervan vond, die betekenen echt veel voor me en motiveren me om verder te schrijven!

Xxx
S

Mila's lifeVerhalen om door geobsedeerd te raken. Ontdek het nu