Hoofdstuk 7

4 1 0
                                    

Pov. Rolff

'Eeehm, Ja dat was het wel zo'n beetje. Zijn jullie nu blij?' Zei Mila terwijl ze haar tranen probeerde te verbergen. 'En jij vond ons verhaal ongeloof waardig, hoor je wel wat je ons net heb verteld!' Zei Silvan pissig. 'Rustig aan Silvan het is toch niet haar schuld?' Zei ik terwijl ik hem een beetje probeerde af te koelen. 'Nee, het is oké. Het was niet dat ik jullie niet geloofde maar meer dat ik jullie niet wilde geloven.' Zei ze nu weer met een kleine lag op haar gezicht. 'Ik was bang dat ik hem weer zou missen en me nog rotter ging voelen dan ik all was. Begrijp je?' 'Ooh, sorry het spijt me dat ik zo gemeen was tegen je, alsjeblief vergeef me.' Smeekte Silvan. 'Het is niet erg hoor, ik heb het namelijk wel een beetje verdiend.' Zei Mila een beetje beschaamd. 'Maar nu even iets anders. Je zij dat hij was vertrokken.' 'Ja dat klop, en wat bedoel je?' Vroeg Mila met een serieuze blik. 'Nou ik ben van plan om hem te zoeken.' Zei ik vol zekerheid. 'Wat ga je doen?!' Schuwde Silvan een beetje van stuk. 'Wat ik al zei ik ga hem zoeken.' zei ik opnieuw. 'Oké je wilt hem gaan zoeken, wat ga je dan doen als je hem vind, Niet dat dat gaat gebeuren.' Vroeg Silvan een beetje van slag. 'Ik denk dat hij ons kan helpen, waarom denk je dan dat hij is weggegaan hij miste zijn tuis en zocht een weg terug. En als hij hier nog is na die drie jaar dan heeft hij waarschijnlijk al veel van deze plek ontdekt. En kan ons dan misschien helpen om hier weg te komen en naar onze eigen plek terug te gaan.' Legde ik ze uit waarna ze het begrepen. 'Dus wie doet er mee?' Probeerde ik een beetje opgewonden te zeggen. Silvan en Mila keken me aarzelend aan waarna ik zei. 'Als het moet ga ik alleen hoor!' waarna Silvan Zei. 'Je zit aan me vast gozer. We zijn samen in de problemen gekomen en komen hier ook weer samen uit. Dus nu je het leuk vind of niet ik ga mee.' Zei Silvan een beetje overstuur. 'En jij dan Mila Hoe zit het met jou dan, ga jij ook mee?' Vroeg ik aan haar omdat ze al een hele langen tijd niks had gezegd. 'Ik wil wel maar ik kan niet. Ik moet voor de herberg zorgen, dus nee.' Zei ze met een bedroefd gezicht. 'Is goed dan gaan Silvan en ik samen op zoek naar Isuma.' Zei ik met hoop op mijn gezicht. 'oké, dat is wel een mooi verhaal wat je daar verteld en zo maar hoe vinden we hem überhaupt?' Vroeg Silvan aan me waarna mijn mooie idee helemaal was verpest. 'Ik weet misschien wel iets om hem te vinden.' Zei Mila zacht. 'Wat dan!' Schreeuwde Silvan en ik in koor Waarna Mila schok. 'Er is een vrouw hier in de stad dat hem waarschijnlijk wel kan vinden.' Zei Mila alsof ze het niet wou zeggen. 'Wie dan!?' Schreeuwde Silvan ongeduldig. 'Oké maar als ik het vertel wil ik wel dat jullie er goed over na denken als jullie gaan, en als jullie gaan dat jullie voorzichtig zullen zijn daar.' Zei ze bezorgd. 'Ja ja, wie dan! Zij Silvan nu nog ongeduldiger. 'Oké dan, het is een soort van waarzegster of een soort wijze maar de meeste noemen haar een heks.' Vertelde Mila. 'Mag ik vragen waarom ze haar een heks noemen?' Vroeg ik nieuwsgierig. 'Ten eerste ze ziet er een beetje uit als een heks, maar vooral door hoe ze te werk gaat.' Zei ze met een diepe zucht. 'Hoe gaat ze dan te werk als ik vragen mag?' Vroeg ik nog steeds nieuwsgierig. 'Elke keer als er iemand bij haar komt voor hulp dan lukt het haar ook altijd om te helpen. Maar er is alleen altijd een klein probleempje. Want niemand weet pressies hoe ze het doet , maar de meeste denken door magie net zoals ik. En magie heeft altijd een prijs. En daardoor zijn er al verschillende soorten ongelukken gebeurt, Ene zijn erger dan andere maar alsnog het is gevaarlijk. Daarom weel ik niet dat jullie er heen gaan.' Zei Mila met een diepe zucht. 'Dat snap ik maar we moeten gaan om hem te vinden. Want zonder hem komen we hier waarschijnlijk niet weg. Daarom ga ik nu je het leuk vind of niet.' Zei ik vastberaden. 'En ik ga met je mee.' Zei Silvan. 'Oké, het is jullie keus. Ik hou jullie niet tegen.' Zei Mila. 'Oké Dan gaan we.'Zei ik opgewonden. 'Het spijt me dat ik het feestje moet verpesten maar het is al laat dus eerst naar bed. Ga morgen maar wanneer het licht is.' Zei ze met lachje. 'Oké we gaan al.' Zei ik sacherijnig waarna Silvan en ik naar boven liepen om te gaan slapen. Mila riep nog dat we goed moeste slapen voor morgen omdat we onze energie nodig zouden hebben. Daarna ging Mila ook naar bed net zoals wij.

HomelandWaar verhalen tot leven komen. Ontdek het nu