Pov. Rolff
'Gaat alles wel goed met jullie?' Vroeg Mila bezorgt toen we benden kwamen. 'Ja hoor alles is goed. We waren alleen een beetje uitgeput.' Antwoorden ik haar. 'Dat is fijn, ik was namelijk heel bezorgt toen je met Silvan op je rug binnen kwam. Doe me dat echt nooit meer aan.' Zei ze opgelucht. 'Het spijt me om jullie gesprek te verpesten maar ik heb echt heel honger!' Zei Silvan waarna zijn maag begon te knorren. We begonnen allemaal te lachen waarna Mila wat eten voor ons haalde.
'En is het gelukt? Hebben jullie Isuma gevonden?' Zei Mila nieuwsgierig terwijl ze aan de tafel bij ons ging zitten. 'We hebben hem nog niet gevonden maar we weten hem nu wel te vinden als we er klaar voor zijn.' 'Hoe zijn jullie hem van plan hem te vinden dan?' Vroeg Mila. Ik legde het haar uit over de kaart en hoe het moest. 'Ik snap het, maar je zij dat je het zal doen als je er klaar voor was. Dus heb je nog wat nodig voor dat je begint?' Vroeg Mila niet begrijpen. 'Ik weet niet als het echt nodig is maar voor de zeker heit zou ik zijn hele naam willen weten voor het geval dat de voor naam niet genoeg is.' Legde ik haar uit. 'Oooh, en je wil dat ik de hele naam zeg. geef me even de tijd om het te herinneren. Ik denk dat ik er wel achter kan komen, het kan wel even duren. Maar ik moet weer mensen serveren.' Zei Mila waarna ze weg liep en met lege borden die ze van de tafel pakte en weer naar de keuken mee nam. 'Zo wat gaan wij nu doen? We moeten toch wachten tot ze de achter naam weer weet.' Zei Silvan terwijl hij hongerig aan zijn ontbijt begon. 'We kunnen na het ontbijt de stad gaan verkennen. Maar dit keer goed.' Zei ik waarna ik ook hongerig aan mijn ontbijt begon. 'Prima.' Zei Silvan met volle mond.
'Waar wil je heen gaan? Want we kunnen toch niet echt veel doen zonder geld.' Zei Silvan. 'Ik dacht gewoon even rondkijken in de stad. Dus zullen we naar dat straatje rechts? Vroeg ik hem. 'Ik vind het prima.' Zei Silvan waarna hij de straat in liep.
We liepen in een smalle straat wat meer op een vervallen steeg leek. Ik denk dat het ongeveer zo'n 3 meter breed was. De huizen stonden dicht bij elkaar waarvan de muren bijna allemaal verrot waren. Sommige duren zaten er nog maar half in en de Luiken voor de ramen hingen niet meer allemaal op zijn plek. Het zag er heel onguur uit misschien kwam dat ook wel door dat er geen enkel straaltje licht te bekennen was. We liepen er onzeker door heen waarbij we elkaar goed vasthielden want we wilden elkaar niet verliezen. we waren al een paar meter de straat in gelopen waarna ik Silvan's hand zowat brak. Wat ik schok zo erg dat ik kei hard in zijn hand kneep. Ik schok namelijk omdat er in één van de huizen een vrouw tegen iemand begon te schreeuwen waarna één van hun waarschijnlijk een stoel naar buiten gooide. Want na het geschreeuw was gestopt kwam er stoel naar buiten vliegen door het raam. We liepen snel door want de vrouw die net zo zat te schreeuwen keek ons razend aan door het open gegooide raam.
We waren iets verder de straat in gelopen, daar leek het gelukkig iets rustiger. We stopten daar even om van de schrik te bekomen. 'De volgende keer dat je zo schikt hoef je me hand niet persen hoor.' Zei Silvan Pijnlijk over zijn hand vrijvent. 'Sorry het spijt me, het was niet de bedoeling hoor. Maar gaat het weer met je hand?' Vroeg ik hem spijtig. 'Ja ja, het gaat wel weer. Maar voel jij je wel goed je ziet er lijk bleek uit. Voel je je niet ziek of zoiets?' Vroeg Silvan bezorgt. 'Ik was denk ik gewoon een beetje geschrokken van al dat gedoe daar net. Maar ben ik echt zo bleek?' 'Je was zowat wit alsof je met je hoofd in de bloem was gevallen of zoiets.' Zei Silvan weer een beetje lachend. 'Je hoeft er niet om te lachen hoor. Dat was net echt dood eng, ik dacht echt even dat ze ons zou vermoorden toen ze ons aankeek door dat gebroken raam. Je gaat toch niet zeggen dat je niet bang was of wel soms?' Zei ik tegen Silvan. Natuurlijk was ik niet bang, ik ben nooit bang.' Probeerde Silvan cool te zeggen. 'Ja, vast.' Zei ik hem met een ongelovig gezicht. 'Maar Hoever denk je dat we de straat in zijn gelopen. Denk je dat het nog lang duurt om aan de andere kant van de straat te komen?' 'Waarschijnlijk niet, we hebben al een heel lang stuk afgelegd dus ik denk dat we er zo zijn.' Zei Silvan. 'Zullen we dan maar snel verder gaan?' Stelde ik voor. We begonnen weer te lopen. Ik denk dat we zo'n twee meter hebben gelopen totdat Silvan opeens naast me vlouw viel. Ik schok zo erg dat ik begon te gillen. Nog geen seconde er na voelde ik een klap tegen mijn hoofd waarna het zwart werd voor me ogen.

JE LEEST
Homeland
FantasyHet was een dag als geen ander. Ik was te laat voor school als gewoonlijk, moest in een klas zitten met mensen dat ik niet mag en kom thuis in een leeg huis zonder mensen. Het enige lichtpuntje van de dag als gebruikelijk was Silvan mijn beste vrie...