• MITCHELL •
Zaterdag 15 juni
Er knapt iets in mijn hoofd als ik de woorden hoor die uit haar mond komen. Het enige wat ik hoor is een schelle piep, mijn zicht word rood. Ik voel een hand op mijn schouder en sla hem ruw weg.
Wat de fuck is er zojuist gebeurd.
Het voelt alsof ik ben verlamd. Er komt niks uit mijn keel, ik kan me niet meer verzetten en ik hoor niks meer. Het enige wat ik hoor en voel is mijn hart dat luid klopt in mijn keel.
"Mitchell? Lieverd neem even adem en vertel me wat er is gebeurd?". Ik heb geen zin om adem te nemen, ik heb geen zin om te praten, ik heb verdomme helemaal nergens zin in.
Voordat ik er zelf überhaupt erg in heb nemen mijn benen grote passen en begin ik met rennen.
Je denkt toch zeker niet dat ik het hierbij laat zitten?
Ik spits mijn oren en probeer deze situatie goed waar te nemen. Waar zou ze kunnen zijn? Een kilometer later zie ik de afslag naar het strand.
Ik heb je schat.
Het is uitgestorven op het strand. Logisch met dit weer. Er is storm op komst, sterker nog, in sommige gevallen is de hel al los gebarsten. Er staat een harde wind en ik voel de eerste druppels al.
Zonder twijfel ren ik met kleren en al de zee in als ik een dame in het water zie liggen, dit moet Dounia zijn geen twijfel mogelijk.
"Ben je helemaal gek geworden! Dit is levensgevaarlijk!" Ik grijp haar ruw bij haar nek en trek haar naar boven. Hoestend komt ze boven. Met woeste handgebaren leg ik haar uit dat ze dit nooit meer moet doen. Haar borst gaat hevig op en neer, de bandjes van haar bh zijn afgezakt en van de witte kanten stof is niks meer over. Ik wikkel mijn blouse om haar heen en help haar de zee uit. Ik wrijf met de top van mijn duim over haar bleke gezicht.
Als ik met mijn andere hand het nummer van mijn broer wil op zoeken kom ik er pas achter dat mijn telefoon natuurlijk helemaal naar de klote is. "Verdomme!".
Met Dounia in mijn armen loop ik zo snel als kan naar de strandtent. "I need your phone!" Schreeuw ik tegen de eerste de beste die ik tegen kom. De man geeft me direct zijn telefoon en rent weg om handdoeken te halen. Ik toets het nummer van Matt in en zeg dat hij met de auto naar het strand moet komen, z.s.m..
2 minuten later komt de al te bekende Audi van mijn broer het strand op scheuren. Hij gooit het portier open. "Wat is er gebeurd?!". "Ze zat te ver in zee, de golven waren enorm- ik moet weten of ze oke is!". "Ik heb de route naar het ziekenhuis al opgezocht, 15 minuten..". De ogen van Dounia zijn weer licht geopend en ze beland in een grote hoestbui. Matt start de auto. "Liefje, alsjeblieft zeg me dat je oke bent?" Ik aai rustig over haar doorweekte haar. "Spijt me" mompelt ze weer. "Ik ben niet boos schatje" ik geef haar een kus op haar voorhoofd. "Ik hou van je Do" haar ogen openen zich wat verder.
Als we bij het ziekenhuis zijn aangekomen is Dounia weer bijgekomen. "Het gaat prima, echt".
"Ik wil gewoon zeker weten of alles oke is liefje". Ik ondersteun haar mee het ziekenhuis in, Matt is alvast vooruit gelopen. Er komt direct een arts onze kant op.
hallo mooie dame, wat is het probleem?
"marhaban sayidati aljamilat, ma hi almushkilatu?" Oh je maakt een grapje. Ik lach cynisch en span mijn kaak aan.
hou je rustig vriend
"hafiz ealaa alhudu' ya sidiyq". Een grote grijns siert zijn gezicht.
Als je haar iets aandoet, zal ik je hard slaan. Dat kan ik je beloven.
"iidha faealt 'ayu shay' laha, fasawf 'adribuk bishidatin. wayumkinuni 'an 'aeidak bidhalik" De grijns verdwijnt van zijn gezicht.
Dounia knijpt in mijn hand. "Wat zegt hij?". "Niks liefje ik legde hem de situatie uit". Ze knikt. "Hij gaat wat testjes doen, goed?" "Oke".
Uit de testjes kwam niks ernstigs, gelukkig. Op de terugweg is het stil. Ik heb mama geüpdatet die tegen me heeft gezegd dat ze het de rest zou vertellen.
Het hoofd van Dounia rust op mijn borst. "Ik meende het echt". Ze kijkt vanachter haar wimpers onbegrijpelijk omhoog. "Wat bedoel je?". "Ik hou van je blondie". Vanuit de achteruitkijkspiegel zie ik dat Matt meegeniet van deze romantische scène, hij knipoogt. We hebben lang oogcontact. "Ik hou ook van jou". Ik trek haar hoofd wat dichter naar me toe en voel haar licht opgezwollen lippen op de mijne.
Ze gaat langzaam met haar smalle handen door mijn haren. Ik geloof dat ik gek word van deze vrouw...
Aangekomen op Schiphol voel ik hoe moe ik eigenlijk ben geworden door deze zware reis. Het is 12 uur 's nachts en ik ben kapot. Hand in hand lopen Dounia en ik naar een taxi. "Ik wil met je samenwonen liefje" fluister ik in haar oor, waarna ik haar een kus geef in haar nek, haar wang en uiteindelijk op haar mond. Ik voel haar warme rode wangen. Ze lacht, "ik heb het met je uitgemaakt weet je nog?". "Oh schatje ik weet dat je niet lang zonder me kan", mijn grijns is van ver te zien. "Daar heb je inderdaad een punt". "Dus? Het antwoord?". "Ik zou niks liever willen". Nog een keer, Oh die zachte volle lippen.
Een moord. Ik zou er een moord voor doen.
Samen stappen we in de taxi. Ik geef mijn adres door. "Slaap je bij mij vannacht?". Ze lacht, haar tanden bloot, om die tanden die prachtige roze lippen, boven die lippen 2 krachtige groene ogen. "Is dat nog een vraag Mitch?". Ik knik. "Je hebt gelijk ook. Je slaapt bij mij vannacht". Ik aai haar over haar hoofd. "Ben je écht oke?". Ze lacht lief, "Ja schatje ik ben in orde". Ik zucht opgelucht. "Goed".
De auto start en met een snelle vaart rijden we weg, op naar huis.
JE LEEST
Messed up
CintaDounia heeft een zware periode achter de rug, het verlies van haar moeder heeft haar een zware klap meegegeven. Als ze dan na 4 jaar studeren in haar thuisland Spanje weer terugkomt in Nederland en een bezoekje brengt aan de familie Williams zet dat...
