Hoofdstuk 1 - regen

5.4K 180 5
                                        

Gepubliceerd op: 18 januari 2014

-

{Sam}

Ik plof op de bank neer en kijk naar buiten. Regen stroomt langs de ruiten van mijn huis, en wind giert door de bomen. Ik kijk naar een vogeltje dat diep wegkruipt in het verrotte vogelhuisje die ooit tegen een eik is getimmerd. Het hing er al toen ik hier een half jaar geleden kwam wonen. Toen was het nog redelijk weer.
Het regent al de hele dag, en het lijkt maar niet op te houden. Stefan en Rosalie zijn momenteel weg, jagen. Het was wel nodig, ze zaten te lang hier in dit huis te niksen. Die twee kunnen haast niet van elkaar afblijven. Het is wel lief hoor, dat ze samen zijn enzo, en ik vind het niet erg dat ze bij elkaar zijn, helemaal niet zelfs, maar of ze nu de hele tijd aan elkaar moeten zitten? Nee toch?
Ik zucht even kort. De stilte in het huis is haast ondraaglijk. Het enige wat je hoort zijn de druppels en de wind. En af en toe kraakt het huis door de storm die om het huis giert. Ik sta op en loop naar de radio. Ik druk op een paar knopjes en de radio floept aan. Een vrolijke vrouwenstem begint te praten over hoe lekker weer het is in het zuiden. Hier heb ik dus geen zin in. Ik draai de knop om en een zachte melodie vult de kamer. Jakkes, veel te lief. Dan maar uit. Ik draai de radio uit. Meteen is het stil in de kamer. Dit is ook niets! Ik kijk naar de tv. Ik gris de afstandsbediening van het tafeltje naast de bank en druk op een knop. Het weer. Iets over dat het gaat sneeuwen morgen. Ik zap verder. Een of andere kinderzender verschijnt in beeld. Is dit niet Nickelodeon ofzo? Is dat nog steeds op tv? Ik plof op de bank en laat me languit neervallen. Ik leg mijn benen op het tafeltje en kijk naar een tekenserie. Een of andere clown probeert grappig te zijn. Is dat nou zo moeilijk? "Bedenk eens wat grappigere grappen, idioot," mompel ik tegen de tv. Ik zap wat langs wat kanalen om de tijd te doden. Er komt een film langs. Ik leg de afstandsbediening naast me neer op de bank en probeer de film te volgen. Halverwege hoor ik gelach. Stefan en Rosalie komen binnen gelopen. Stefan schud zijn haren boven Rosalie uit. Rosalie springt gillend weg. "Stefan!" roept ze. "Alsof ik niet nat genoeg ben door die regen!"
Stefan schiet in de lach en knuffelt haar. Rosalie knuffelt hem stevig terug. Ik zucht kort en richt mijn blik op de tv. Ik voel Rosalie's armen om mijn nek. "Sorry Sammie," zegt ze. Ik wurm me voorzichtig uit haar armen. "Ga je eerst afdrogen voordat je je gaat verontschuldigen," zeg ik lachend terwijl ik een druppel van mijn gezicht wegveeg. Rosalie pakt Stefans hand en neemt hem mee naar boven. "Tot zo!" roept Stefan nog naar me. Ik steek mijn hand op.
Ik kijk even de kamer in. Ik heb eigenlijk best een saai huis. Misschien kan Rosalie er iets mee doen. We besparen redelijk veel geld doordat we geen eten hoeven te kopen. Niet dat een van ons werkt, maar Stefan kreeg een erfenis van zijn broer James (zie Little Secrets). €3000 euro heeft James achtergelaten voor zijn ouders. Alleen zijn ouders wilden het niet hebben en gaven het aan Stefan. En aangezien we nog geen €100 hebben uitgegeven, is er nog genoeg geld om verf van te kopen. En misschien een betere tv. Of een nieuwe bank, deze is te oud. Hij pluist aan alle kanten.
Ik hoor Rosalie en Stefan de trap af komen. Ik blijf naar de tv staren terwijl ze de kamer in komen.
Rosalie gaat naast me op de bank zitten. "Wat heb je eigenlijk gedaan toen wij weg waren?" vraagt Rosalie.
Ik haal mijn schouders op. "Beetje tv kijken,"
Ik voel dat Rosalie me aankijkt. Haar ogen branden op mijn gezicht. Ik kijk opzij. Rosalie steunt met haar elleboog op de leuning van de bank en steunt met haar hoofd op haar hand. "Is er iets, Sam?"
"Nee," zeg ik en ik friemel even aan het horloge dat om mijn pols zit. "Wat dan?"
"Ik weet het niet. Je kijkt zo... Ik weet niet. Verdrietig is niet helemaal het goede woord,"
Ik glimlach verward naar haar. "Oh, nou. Ik weet het niet,"
"Hm," zegt Rosalie. Stefan heeft de afstandsbediening van de bank gepakt en zapt naar een andere zender. De film was toch al afgelopen. Met zijn drieën kijken we stil naar de tv.

{Rosalie}

Ik bestudeer Sam een beetje. Ik weet niet wat er met hem is, maar zijn ogen staan zo.. Verdrietig, of afwezig.. Hij is ergens over na aan het denken, zonder dat hij het zelf weet, geloof ik. Hij keek oprecht verbaasd toen ik hem vroeg wat er was. Sam verplaatst zijn been even en zucht dan.
"Gast, wat is er?" vraagt Stefan aan Sam. Hij drukt de tv uit. "Er is iets met je!"
Sam schud zijn hoofd. "Nee, echt niet. Rose vroeg het ook al, maar er is echt niets"
"Jawel, Sam. Er is wel iets. Je hoeft er niet over te praten, maar je weet dat je altijd naar me toe kan komen als er iets is!"
Sam knikt. "Ik weet het," dan staat hij op. "Ik ga even naar buiten. Het is gestopt met regenen,"
"Ga je jagen?" vraagt Stefan. Sam schud zijn hoofd. "Nee, gewoon even een frisse neus halen," hij grinnikt kort. Stefan klopt op zijn schouder en Sam vertrekt naar buiten.

{Sam}

Ik loop langzaam de veranda af. Ik stap midden in een plas water. Lekker. Hoor mijn sarcasme. Ik trek mijn voet uit de modder en wandel met mijn handen in mijn zakken de tuin in. Frisse lucht vult mijn longen. Het ruikt altijd zo lekker na de regen. Het alsof al het oude uit het bos is weggespoeld en plaats heeft gemaakt voor frisse, nieuwe dingen. Ik kijk naar een boom in de verte. Ik 'zoom in' op een druppel. Precies op dat moment breekt de zon door, en schijnt even door de druppel. Prachtige kleuren verschijnen door het kleine druppeltje water, en hij glinstert. Het is een klein pareltje in de grote, grijze massa. Eén klein lichtje in de duisternis.
Ik schop een verrotte dennenappel weg. Hij knalt tegen een boom aan en stuitert even terug. Dan blijft hij liggen op het pad. Ik sluit mijn ogen en sta midden op het pad stil. Allemaal geluiden komen mijn oren in. Vogels die tjirpen, een wild zwijntje die met haar kinderen rondscharrelt, een hert dat in de verte rent.. Alle geluiden dringen mijn oren in. Een paar honderd meter verderop is een familie aan het wandelen. Ik steek mijn handen in de zakken van mijn gebleekte jeans en slenter een beetje door het bos. Ik tuur naar de lucht, die er donker uit ziet. Misschien moet ik zo maar weer eens terug gaan naar huis. Ik heb geen zin om nat te worden door de regen. Ik sla een pad naar links in. Gelukkig is deze niet zo modderig. Ik spits mijn oren en luister of de familie die hier wandelde nog in de buurt is. Ik ruik geen bloed, en ik hoor geen voetstappen. Mooi. Dan kan ik nu eindelijk doen waarvoor ik ben gekomen. Ik begin keihard te rennen. Mijn voetstappen hoor je haast niet, zo snel ren ik. Ze komen haast niet op de grond terecht. Ik voel hoe mijn haren spelen door de snelheid die ik maak. Bomen schieten voorbij, hun takken reiken naar de hemel. Als ik bij het ravijn aankom sta ik stil. Ik sluit mijn ogen. Wind waait door mijn haar, en een verdwaalde druppel beland op mijn neus. Een flashback schiet door mijn hoofd.

"Rose!" Roep ik. Ik probeer harder te rennen. Ik zie Rosalie achterom kijken. Haar ogen staan verdrietig. Ik spring over wat boomstammen en beekjes. "Rose please wacht op me!!" Ik heb haar bijna vast. Dan gaat Rosalie nog iets harder rennen. We komen bij een kloof aan. Rosalie springt naar beneden. 100 meter lager komt ze gehurkt op de grond aan. Ik spring haar achteraan. Rosalie rent ondertussen verder. Ik druk me overeind en ren weer achter haar aan. We komen bij de muur van de kloof aan. Rosalie kan geen kant op. Ze kijkt omhoog en neemt een besluit. Ze pakt wat uitsteeksels vast en klimt omhoog. Hier ben ik goed in. Ik klim haar achterna. Ik ben sneller en al gauw heb ik haar vast. Ik sla mijn armen om haar heen en laat me vallen. Ik trek haar met me mee. Samen vallen we weer naar beneden. We vallen op de grond maar ik bescherm haar. Ze zou zichzelf sowieso geen pijn kunnen doen, want we voelen niets meer. Maar voor het gevoel hou ik haar in mijn armen. Ik voel haar schouders schokken. Troostend wrijf ik over haar rug. "Shh.. Stil maar Rose. Alles komt goed nou."

Ik spring naar beneden, mijn gezicht gefocust op de grond. Ik spreid mijn armen een beetje uit, zodat ik niet uit balans kom. Lucht zoeft langs me heen. Met een plof kom ik neer op de grond. Ik kijk om me heen. Het is veranderd hier. Sommige bomen zijn omgevallen, en het is niet meer zo groen als het was. Eerder een dorre boel. Ik pak een tien centimeter dikke tak van de grond en gooi hem met alle kracht die ik in me heb naar de rotswand tegenover me. Hij suist door de lucht en knalt dan met een enorme "beng!" tegen de stenen muur aan. Vogels vliegen verschrikt op en kraaien krassen. Ik grijns kort. Terwijl ik nog een tak van de grond af gris loop ik naar de rotswand. Met een loeiharde knal sla ik hem tegen de rotswand aan. De helft van de stok is weggevlogen, de andere helft heb ik nog vast. Splinters hout liggen voor mijn voeten. Met de helft van de stok loop ik door het ravijn heen. Ik zet de stok tegen de rotswand, en schraap er overheen. Een vreemd geluid weerklinkt door het ravijn. Ik glimlach kort. Na een tijdje is bijna alles van de overgebleven stok weg, ik heb alleen nog een klein stompje over. Met een schreeuw gooi ik hem weg. Ik plof neer op een steen en leg mijn hoofd in mijn handen.
Wat héb ik vandaag zeg!? Ik ben onrustig, en ik heb geen idee wat ik moet doen. Zoals nu! Mijn been zit de hele tijd op en neer te tikken. Ik sta op en loop weg. Misschien kan ik nu beter naar huis gaan voordat Rosalie me gaat zoeken.

More Little Secrets (Voltooid)Verhalen om door geobsedeerd te raken. Ontdek het nu