{Point Of View Evan}
"Relaxed dat we even alleen thuis zijn!" zegt Lauriel terwijl ze zich naast me op de bank nestelt.
Ik trek een wenkbrauw op. "Thuis? Voelt dit hier" ik maak een zwaai met mijn arm. "als thuis?"
Lauriel denkt even na. "Voelde het Amerika als thuis dan?"
Ik lik over mijn lippen. "Je weet dat ik hier niet ga op antwoorden,"
"Waarom niet?! Waarom ontwijk je die vraag? Waar ben je bang voor?" Lauriel kijkt me dwingend aan. Ik wend mijn blik af. "Het is mooi weer buiten," probeer ik op een ander onderwerp over te gaan.
"Ja, sure," zegt Lauriel geïrriteerd, terwijl ze naar de regen kijkt die de meeste sneeuw heeft weggevaagd. Opeens voel ik hoe ze zich op mijn schoot nestelt, zoals we vroeger vaak deden.
{terug in de tijd; 1966)
"Evan, ze pesten me vanwege mijn kleren!" zegt een veertienjarige Lauriel terwijl ze naar binnen komt rennen. Tranen rollen over haar wangen. Meteen sta ik beschermend op. "Wie zeggen dat?!"
"Joost en Charlotte" snikt Lauriel terwijl ze een traan uit haar ooghoek veegt.
"Ze gaan er aan!" grom ik woedend. Ik was toen al een vampier. Negentien jaar oud, en vampier.
Lauriel legt haar hand op mijn borst. "Laat ze maar, zo maak je het alleen maar erger!"
"Maar ze moeten van mijn zusje afblijven!" grom ik.
"Ik zeg het morgen wel tegen meneer Verbeulen," zegt Lauriel dapper.
Ik zucht en plof op de bank. "Ik wou dat ze ons eens met rust lieten! Vader en moeder kunnen ook al niet meer normaal door het dorp en naar de groenteboer of bakker zonder achterna gekeken te worden,"
Lauriel kruipt op mijn schoot. Haar warmte kalmeert me, net zoals haar rustige hartslag.
"Laat ze maar praten, Evan. Laat ze maar jaloers zijn," dan kijkt ze me bezorgd aan, en houdt haar hand even op mijn voorhoofd. "Je bent koud! Heb je je wel warm genoeg gekleed, vandaag? Het is bar koud!"
Ik zwijg even. "Ik krijg het niet zo snel koud, dat weet je. Dat heb ik waarschijnlijk van grootvader," ik aai even over Lauriels haar. We zwijgen allebei, terwijl we nadenkend in de verte staren. "Evan?" vraagt Lauriel opeens.
"Ja?"
"Ik heb het nog niet zo vaak gezegd, maar je bent echt de beste broer die ik me kan bedenken. Jij pest me nooit, trekt me nooit aan mijn haren, dankjewel daarvoor. Dankjewel dat je er altijd voor me bent, me altijd beschermt, en dat je me mijn vertrouwen terug geeft,"
Ik zwijg, maar trek haar iets steviger tegen me aan. "Geen probleem, Lau. Geen probleem. Bij mij ben je veilig," terwijl ik dat zeg denk ik iets heel anders: "Kon ik haar maar beschermen tegen het echte kwaad, die over deze wereld sluipt..."
{Het Heden/ de tijd van nu}
"Evan?" Lauriel knipt met haar vingers voor mijn ogen.
"Ja, sorry, ik was even aan het nadenken. Wat vroeg je?" ik aai even over Lauriels lichtblonde haar.
"Of je me wil vertellen wat er nou precies met Sam is. Ik weet dat je gevoel voor hem hebt. Maar, hoe diep gaan die?"
"Niet heel erg diep," zeg ik, terwijl ik weet dat ik nu aan het liegen ben. "Nou, eigenlijk, als ik eerlijk ben weet ik het niet. Als hij bij me is heb ik telkens het gevoel dat ik me moet bewijzen, dat ik hem duidelijk moet maken dat ik cool ben en zo. Terwijl ik weet dat het Sam niet zo veel uitmaakt. Hij valt niet op jongens, dat is te duidelijk. Hij heeft gevoelens voor Rosalie, dat zie je zo," ik snuif even.
"Rosalie en Sam? Dat zijn gewoon vrienden, ik zweer het je. Maar ik ben het met je eens dat Sam niet.. zo is als jij bent," zegt Lauriel voorzichtig.
Het gevoel dat al dagen in mijn hart vast zit, wordt door deze woorden nog even aangewakkerd. Ik kan het gevoel niet beschrijven. Het is alsof ik naar iets reik, waar ik niet bij kan. Ik kan het ruiken, zien, horen.. maar het is niet voor mij bestemd, ik mag er niet bij. Het is alsof ik opgesloten zit in een kooi, en er niet uit mag. Het is een onrustig gevoel, een machteloos gevoel. Maar soms, heel even.. dan is het gevoel anders. Dan is het alsof ik uit de kooi mag, alsof ik rond mag lopen door een groen weiland, en ik mag eten wat ik wil. Dat alles voor het grijpen ligt. En dan is het wachten op het moment dat ik terug word gegrepen door talloze armen, die me terug smijten in de kooi.
Ik slaak een diepe zucht, een zucht die je alleen slaakt als je het moeilijk hebt.
"Evan? Gaat het?" vraagt Lauriel terwijl ze haar hand op mijn wang legt. Ik bijt op mijn lip, om te proberen het gevoel in me weg te krijgen. "Evan moet je niet even naar buiten? Frisse lucht?" Lauriel gaat van mijn schoot af, en gaat op haar knieën voor me op de grond zitten. Ze heeft haar hand op mijn wang, en kijkt me recht in mijn ogen aan. "Evan, je gaat rustig doen nu. Haal diep adem, vergeet alles wat in je zit, oké?" door haar kalme stem word ik langzaam rustig.
"Het spijt me, Evan, dat ik hierover begon. Ik weet dat je het lastig vind om over dit onderwerp te praten en.. door jou kracht. Het spijt me," Lauriel kijkt me indringend aan. Opeens heb ik het gevoel van warmte om me heen. Kalmte golft door mijn lichaam heen. "Niet spelen met mijn gevoel," zeg ik slaperig.
"Ik doe dit voor je eigenbestwil. Ik maak je wakker zodra ze thuiskomen. Slaaplekker, Evan, slaaplekker," zegt Lauriel, waarna ze me een kus geeft en ik in een soort coma beland.
JE LEEST
More Little Secrets (Voltooid)
RomanceDeel 2. Deel 1-Little Secret. Je hoeft deel 1 niet te lezen om dit te snappen } {Stukje uit het boek} Zigzaggend ren ik tussen de bomen door. Het is net februari geworden, en het bos is betoverd door alle glinsterende sneeuw die de bomen en paden...
