Zit je met je handen in je haar omdat je niet weet hoe je verder moet met je verhaal? Twijfel je over de grammatica en spelling die je hanteert? Of wil je gewoon je schrijfkwaliteiten beter ontwikkelen? Kijk dan niet verder, want Nette komt je te hu...
"Nee, mam, ik wil niet naar school!" Woedend sla ik de deur van haar slaapkamerdeur vallen. Languit ligt Salome op het bed te huilen, mijn lange blonde haren die over mijn schouder vallen. Hoe durft mama? Salomes hart is gebroken omdat Massimo het via sms uitmaakte, en nu wilt mijn moeder dat ze naar school gaat?
Deze afbeelding leeft onze inhoudsrichtlijnen niet na. Verwijder de afbeelding of upload een andere om verder te gaan met publiceren.
Als jij bovenstaand stukje hebt kunnen lezen zonder hoofd- dat-tegen-het-bureau-slaat of handen-die-haren-uittrekken-neigingen of zonder bovenstaande reactie te doen en je niet zo goed begrijpt wat er mis is met bovenstaande stukje, dan is dit speciaal voor jou. Aan de andere lezers: sorry voor het oncomfortabele gevoel. Wat is er mis? De schrijfster (ik dus) wisselt van hij-perspectief (of "alwetend") naar ik-perspectief zonder dat dit de bedoeling is: je ziet dat het zelfs in dezelfde zin gebeurt. Superverwarrend. De meeste lezers haken af naar de tweede zin, gewoon omdat het toont dat de schrijfster te onervaren is.
Perspectief wordt ook wel eens point of view genoemd. In de literatuurwetenschap zijn er verschillende stromingen die het allemaal anders noemen, maar de meest gehanteerde zijn die van Norman Friedman, die er maar liefst zeven onderscheidt. Ik ga enkel de meest gebruikte perspectieven behandelen, omdat het anders te theoretisch zou zijn en jullie in slaap zijn gevallen voor jullie het nuttig vinden.Ik ga wel Friedmans Engelstalige termen gebruiken, gewoon, omdat ik anders een term heb van drie zinnen lang.
1. Multiple selective omniscient narrator (MSON): dit is een alwetende verteller die de gebeurtenissen beschrijft vanuit het subjectieve perspectief van meerdere personages. Belangrijk is hier dat de lezer dus van hetzelfde ding meerdere indrukken krijgt en dat je hier geen ik-verteller hebt. Bijvoorbeeld als je een liefdesverhaal schrijft: de lezer krijgt mee wat beide lovers voor elkaar voelen. De lezer weet wat Mercutio voelt voor Romeo als hij Romeo langs het strand ziet lopen in enkel zijn zwembroekje en de lezer weet ook wat Romeo denkt als hij Mercutio een ellenlange liefdesbrief hoort voorlezen en de vlindertjes in zijn buik voelt. Dat is MSON. Je ziet dus dat er wordt gewisseld tussen het vertelperspectief van Mercutio en Romeo, en dat mag. Sterker nog, bij MSON moet er minstens gewisseld worden tussen twee perspectieven.
2. Selective omniscient narrator (SON): dit is een alwetende verteller die de gebeurtenissen beschrijft vanuit het subjectieve perspectief van slechts één personage. Een supergoed voorbeeld hiervan is Harry Potter: de lezer ziet de hele toverwereld vanuit Harry's perspectief en krijgt ook alleen maar de gedachten, gevoelens en indrukken van Harry mee. Die van Ron, Hermione, Dumbledore en dergelijke komen slechts binnen als Harry ze ook meekrijgt, bijvoorbeeld als hij ziet dat Hermione verdrietig is (Hermione is sad because Ron just behaved like an asshole).
! Het is mogelijk om tijdens je verhaal 75% SON voor je hoofdpersonage te gebruiken en dan de resterende 25% te spenderen aan twee andere personages. Dit kan heel handig zijn om iets voor de lezer te verbergen (kennis personage > kennis lezer) of om de lezer attent te maken op gevoelens van een ander personage, om zo beter inzicht te krijgen in wat er precies gaande is (kennis lezer > kennis personage). Gebruik dit ook als je informatie wilt achterhouden. Het is ook een handig hulpmiddel om de lezer op het verkeerde been te zetten, door in te zoomen op slechts één personage en minder op een personage dat later wel een belangrijke rol gaat spelen.
Voordelen alwetende verteller: 1) je kan zelf beslissen hoeveel informatie je lost aan de lezer (ga ik mijn lezer in het donker houden of ga ik hem alle informatie geven, zodat hij meer weet dan de personages en hij ze zo aanmoedigt om het stomme ding niet te doen en gek wordt als ze het stomme ding toch doen?) en 2) je hebt de mogelijkheid om de situatie van alle personages duidelijk te schetsen (Clementine is het hoofdpersonage en wordt gedumpt door Damien. De lezer begrijpt waarom Damien Clementine dumpt omdat de lezer vanuit Damien weet hoe Clementine hem elke minuut een sms'je stuurt in de trant van: "Waar ben je?" "Bel me." "Hou je nog van mij?" De lezer gaat dus de antagonist steunen.)
Dan hebben we ook nog de ik-verteller, die in twee soorten wordt geleverd.
3. I-witness(IW): de verteller is een ik-verteller, maar de ik-verteller is een nevenpersonage. Nick Carraway uit The Great Gatsby is een I-witness, aangezien het hoofdpersonage Jay Gatsby is.
4. I-protagonist (IP): de verteller is opnieuw een ik-verteller en tegelijkertijd ook één van de hoofdpersonages. Een goed voorbeeld (goed voor deze techniek) is Twilight, waarbij Bella het hele verhaal uit de doeken doet vanuit haar zelf. Hetzelfde voor Fifty Shades of Grey.
Voordelen ik-verteller: 1) de lezer weet evenveel als de ik-verteller en 2) de lezer voelt ook echt mee met de ik-verteller. Nadeel: de lezer kan te maken hebben met een onbetrouwbare verteller of enkel erg subjectieve informatie binnenkrijgen (kuch, Bella Swan, kuch kuch). Opgepast, niet elke ik-verteller is onbetrouwbaar! Er zijn ook alwetende vertellers die onbetrouwbaar kunnen zijn.
! Het is mogelijk om een hij-verteller en een ik-verteller te combineren, maar je moet hier wel een duidelijkdoel mee voor ogen hebben. Gaan wisselen in één alinea gaat alleen maar gefrustreerde lezers opleveren (tenzij je naam George R. R. Martin is, wil je dat NIET bereiken). Ik doe het zelf bijvoorbeeld wel in De Terugkeer én ik geef het aan door stilistische doorbreking. Namelijk de laatste zin van elk hoofdstuk is schuingedrukt. Ik weet niet of mijn lezers het effectief lezen of niet, maar het is telkens een zinnetje vanuit ik-perspectief van een ander personage (I-witness) die dan het hoofdpersonage aanspreken. Omdat het telkens de laatste zin is én schuingedrukt is, stoort het niet én intrigeer ik de lezer (of ze slaan het over, kan ook). Dat doet het allereerste tekstje waarmee ik begon, dus duidelijk niet.
Ga nu en schrijf nooit meer alinea's zoals de eerste alinea van deze tekst.
Wat je zeker moet onthouden:
- kies oftewel voor alwetende verteller of voor een ik-verteller
- niet mengen, tenzij dat je bedoeling is (om de lezer te intrigeren bijvoorbeeld)
- zoek een goede reden om te mengen, als je dit echt wilt doen (wat is je doel?)
- wil je veel informatie weergeven, ga voor alwetende verteller
- wil je de lezer vooral met de protagonist laten meevoelen, ga voor ik-verteller