grammaticatips

221 25 1
                                        

Omdat ik in mijn inbox vaak berichtjes krijg met de boodschap: "mijn grammatica is niet zo goed - kan jij me helpen?".  Ten eerste wil ik even vermelden dat de Nederlandse grammatica supermoeilijk is en dat ik geen spoedcursus via het internet kan geven (lees: je moet zelf ook aandacht besteden in de Nederlandse les). Maar omdat ik jullie ook niet wil afwimpelen, hier snel een paar tips die het grammaticaniveau in je verhalen serieus omhoog schroeft.

1. zorg ervoor dat je de juiste vorm gebruikt

Vooral met woorden die bezit aangeven: Niels' schoenen (= de schoenen van Niels), jouw bloemen versus 'is dit van jou?'. Jouw is altijd voor bezit, jou is wordt zelfstandig gebruikt.


2. een komma na een bijwoordelijke bepaling die op de eerste plaats staat en een bijzin is

Toen de winter viel en de vogels westwaarts trokken, vond Ed eindelijk liefde.


3. let op je spelling

de vergrote foto (niet de vergrootte), onmiddellijk (met twee d's en twee l's), dt-fouten ...


4. komma's bij beperkende en uitbreidende bijvoeglijke bijzinnen

In het kort: is de informatie noodzakelijk, doe je geen komma's. Is de informatie wel nodig om te weten over wie het gaat, doe je wel een komma's:

Alle meisjes die minstens vijf jaar worden in oktober, moeten dit briefje tekenen. (geen komma, want je moet weten welke meisjes het briefje moeten tekenen. Er zijn ook meisjes aanwezig die jonger zijn dan vijf)

De meisjes, die naar school gingen in het naburige dorpje, speelden samen in de speeltuin. (wel komma's want je geeft extra informatie bij de meisjes)


5. lees om je woordenschat uit te breiden

En breid dat ook serieus uit: niet enkel YA, maar sla eens een krant open, lees eens een recensie van een beter tijdschrift en kies eens voor dat moeilijker boek in de bieb.


6. neem een proeflezer

geen verdere uitleg nodig.


Wat moet je zeker onthouden?

- lees bovenstaande tips.

schrijftips met NetteWaar verhalen tot leven komen. Ontdek het nu