Offer

525 43 31
                                        

Samuel heft zijn hand en maakt een vuist. Angstig kijk ik hem aan. Als zijn vuist dichterbij komt sluit ik mijn ogen. Ik voel een enorme druk, waardoor het lijkt alsof de spieren in mijn arm scheuren. Dan voel ik verlichting en langzaam open ik mijn ogen. Onder mijn wimpers door kijk ik naar Samuel, die me triest aankijkt. De kale man ligt te kermen van de pijn op de grond. 'Dat is niet slim, broertje. Dat komt je duur te staan.' Reduan slaat op de muur en gelijk stormen er een aantal man binnen.

Samuel pakt me snel beet. 'Sorry, je moet het vanaf nu alleen doen.' Een harde, snelle kus op mijn voorhoofd is het laatste wat ik voel voordat hij van me word losgerukt. Met grote ogen zie ik hoe ze hem de deur uitwerken. Hij werkt niet tegen, alsof hij zijn lot aanvaardt.

Ik richt me gelijk tot Reduan. 'Wat ga je met hem doen?' Angstig kijk ik van de deur, waardoor Samuel is weggevoerd, naar Reduan. Reduan lacht hard, maar zegt niets.

Ik hoor Saliha kreunen en direct richt ik me tot haar. Ik loop naar haar toe, maar de kale man is alweer opgestaan en pakt me beet. Hij puft terwijl hij me vasthoudt. 'Voer haar af.' De man neemt me mee de gang op.

Ik stribbel heftig tegen, ik mag mijn zus niet verlaten op dit moment. Ik schop tegen de man zijn benen aan en ik voel de weerstand verslappen, voordat hij het weer aansterkt. Ik schop nogmaals tegen zijn benen en dit keer laat hij me los met een harde kreun. Ik ren terug naar de kamer en zie dat Reduan Saliha haar hoofd omhoog houdt. Saliha kijkt hem minachtend aan. Haar ogen vliegen naar mij en Reduan ziet dat ook. Hij draait zich direct om en ziet mij staan. Met een diepe zucht laat hij Saliha weer los, waardoor haar hoofd naar beneden zakt. 'Je bent een lastpost, net als je zus.' Hij komt op me aflopen en ik kijk hem angstig aan. Ik kijk om me heen om te ontsnappen, maar ik kan niets vinden. Ik kan de deur niet uit gaan omwille van mijn zus. Hij pakt me beet en duwt me richting de hoek. Daar komt een stoel tevoorschijn met iemand erop. Walgend kijk ik naar het kapotgeslagen gezicht en opengereten lichaam. Kokhalzend probeer ik weg te kijken. 'Als je niet oppast, kom je er zo uit te zien.' Hij schopt de man van de stoel af, terwijl hij me pijnlijk stevig vasthoudt. Als de man met een plof op de grond valt en hij weer in mijn gezichtsveld komt kots ik mijn maaginhoud eruit. Voorovergebogen dringt de metaal geur van het bloed in mijn neus, waardoor ik nog meer kokhals. Reduan sleurt me mee naar de stoel, die inmiddels naast Saliha staat. Hij duwt me hard op de stoel, waarop ik walgend naar het bloed kijk. Hij bindt me vast en stapt achteruit. Ik houd mijn hoofd naar beneden. 'Daar zitten de twee zusjes dan. Ik heb er lang op moeten wachten, maar eindelijk is het Samuel gelukt om je hier te krijgen.'

Mijn hoofd schiet omhoog. 'Wat ga je doen met Samuel?'

Hij maakt een achteloos gebaar. 'Maak je daar alsjeblieft niet druk om. Ik zal hem rijkelijk belonen dat hij je goed heeft ingepakt en je hierheen heeft gebracht. Hij heeft zijn werk gedaan, beetje jammer dat hij zo beïnvloedbaar is.' Hij loopt naar me toe en aait me over mijn wang. Ik draai mijn hoofd snel weg. 'Ik begrijp het wel. Je bent een pittige dame die er ook nog goed uitziet. Maar je weet wat er gebeurt als mijn gedrag ondermijnd wordt.' Hij wijst naar Saliha en de man op de grond. 'Dat zal voor Samuel niet anders zijn,' zegt hij al grijnzend.

'Klootzak!' Het komt er in een opwelling al schreeuwend uit.

Ik zie zijn ogen samenknijpen en zijn wenkbrauw gaat omhoog. 'Wat zei je?'

'Hoe durf je je eigen broer zo aan te pakken?' De tranen stromen over mijn wangen. 'Hij heeft niets verkeerd gedaan!'

Zijn ziekelijke grijns wordt breder en zijn ogen lichten op. 'Ah, het gevoel is wederzijds.' Beschaamd dat ik mezelf verraden heb, draai ik mijn hoofd weg. 'Wie weet laat ik je wel toekijken, dan zal je mijn aanbod zeker niet afslaan.'

Mijn ogen worden groot. 'Wat?'

'Doe nou niet net alsof je me niet gehoord heb.' Hij komt dichterbij en gaat door zijn hurken, terwijl hij me in mijn ogen aankijkt. 'Ik ga je een voorstel doen, waar je ja op gaat zeggen. Anders gaan je zusje hier,' hij wijst naar Saliha, 'en Samuel het heel zwaar krijgen. Dat wil je toch niet op je geweten hebben.' Ik knipper veelvuldig met mijn ogen. Ik weet nu al dat het niet leuk gaat zijn wat hij me gaat voorstellen. 'Je gaat met je zus hier,' hij wenkt met zijn hoofd naar Saliha, 'samen drugs smokkelen van Nederland naar Amerika. Er is een zending van mij tegengehouden door Saliha en dat zal niet nog een keer gebeuren. Met de kennis die Saliha heeft en jij, die oorspronkelijk uit Amerika komt, zullen geen argwaan wekken.'

Hij blijft stil en de radars in mijn hoofd maken overuren. Ik moet drugs naar Amerika smokkelen, terwijl daar in Amerika een fiks aantal jaren in de gevangenis op staat. Saliha tilt haar hoofd moeizaam op. 'Teres,' zegt ze zacht. Ik draai mijn hoofd haar kant op en schrik van het aanzicht wat ik van haar heb. Grote, bruine wallen hangen onder haar ogen. Haar mond is iets uitgezakt. Haar lippen zijn droog en gebarsten. Doffe ogen kijken me triest aan. 'Niet doen.' Uitgeput laat ze haar hoofd weer zakken.

Reduan lacht, waardoor ik zijn kant op kijk. 'Ik zou het ook niet doen Teresa, als je je zus en Samuel altijd op deze manier wil blijven zien. Het is jouw keuze.' Hij bukt weer tot op ooghoogte. Zijn ogen lachen mee. Zacht en honend zegt hij het volgende. 'Tik tak, tik tak.'

Forbidden Island (ON HOLD)Verhalen om door geobsedeerd te raken. Ontdek het nu