* ||||| ||||| ||||| ||||| *

31 1 0
                                    

Ik laat los en knuffel hem. Ik heb dit echt wel gemist. Ik sluit mijn ogen en geniet even van het moment. Zo lang mogelijk. Uiteindelijk laat ik toch maar los. Alice en Jade zijn er ook nog... Ik kijk hun een beetje beschaamd aan. Als Alice dat opmerkt moet ze lachen. "Je hoeft je niet voor me te schamen... Jullie zijn mates." Toch blijf ik blozen en Jake begint nu ook te lachen. "Je bent cute als je bloost." Zegt hij maar hij maakt het alleen maar erger. "Ooh Leah toch..." zegt hij en trekt me weer in een knuffel. Normaal ben ik nooit zo verlegen. Jake verandert me.

We hebben een groot gesprek gehad en het is tijd dat Jake weer gaat. Ik sta weer aan de grens. Alice en Jade zijn in de hut. Ik kijk hem aan. Hij mij. Een traan rolt over mijn wang. Waarom ben ik zo emotioneel? "Jake, nog even een vraagje nu we alleen zijn... Wat is er aan de hand in de roedel?" "Leah...." "Jake, ik zie dat er wat is. Deel dat met me." "Mijn moeder.... Ze ligt in coma en de hele roedel is in paniek." Zegt hij met een hese stem. Wat hem by the way wel sexy maakt. Len... wat? Ik heb toch gelijk.. yeah true. Ik sla mijn armen om hem heen. "Ik hoop gewoon dat het goed komt." Zegt hij stil. "Vast wel." "Bedankt Leah. Maar ik moet gaan." Ik knik en druk mijn lippen op de zijne. Als we loslaten vertrekt hij. Ik draai me meteen om en loop richting de hut.

"Jullie zijn echt cute." Zegt Alice enthousiast als ik de hut binnen kom. Ik knik en ga zitten. Ik zit nog zo in mijn hoofd met wat Jake zei. Zijn moeder ligt in coma. De Luna ligt in coma. Ik leef zo mee met Jake maar ik kan niks voor hem doen. Dat doet me pijn. "Leah, wat is er?" Ik zucht en schud mijn hoofd. "Leah, ik zie dat er wat is. Als je er niet over wilt praten, oké. Maar als er iets is kan je wel bij ons terecht." "Bedankt maar het gaat wel." Leah het gaat helemaal niet! Hoe durf je Jake zo achter te laten!? Lenna wat moet ik doen? Geen idee... wel hou je bek dan. Oké, ik ga al. Misschien was ik wat bot maar ik weet niet wat er is. Ik voel me gewoon echt niet goed. "Ik ga slapen." Zeg ik en leg me neer op het mos. "Slaap wel..." hoor ik Alice nog zeggen. Ja ik heb geen avondeten gehad maar maakt het wat uit? Ik wil gewoon nu slapen. Ik hoor Alice en Jade de hut verlaten. Waarschijnlijk gaan ze eten. Ik doe mijn ogen dicht en probeer in slaap te komen maar het wil maar niet lukken. Ik draai me om en om en om. Na een paar minuten open ik mijn ogen. Er komt maar een klein beetje licht door de hut. Voor de rest is het pikdonker. Ik zucht en kijk naar het plafond. Ik sluit weer lijn ogen. Draai me weer om. Draai me weer op mijn rug en open mijn ogen weer. Dit gaat zo niet werken. Ik ga rechter zitten en zucht. Misschien moet ik toch maar eerst iets eten. Ik wil niet de hut buiten gaan als ik mijn naam hoor. Het zijn Jade en Alice. Ze praten over mij. Ik luister af. "Ik denk wel dat ze et vertrouwen is." Zegt Jade. Voor het eerst hoor ik haar stem. Het is best wel schattig of zo. "Ja en ze is wel tof.... Maar zij kan terug naar haar roedel. Wij hebben niets meer. Dan blijven we weer alleen achter." "Ja oké maar dan nog. Alleen blijven is ook niet leuk. Ook al hebben we haar aanwezigheid maar heel even. Het si beter dan alleen rondtrekken naar waar dan ook." "Je hebt gelijk Jade. En ik denk ook echt wel dat ze te vertrouwen is. Haar mate is ook wel een toffe. En ze zijn echt heel schattig samen." "Ja. Ik denk het." "Hou jij je daar nog maar niet te veel mee bezig. Dat komt later wel." Ik kom dan tochn naar buiten. "Hey..." zeg ik voorzichtig. Alice antwoord. "Hey, tof dat je toch nog even mee eet. Er is nog wel wat over." Ze zijn begonnen aan het hert. Ik knik en neem een stuk vlees. Alice heeft het gebakken op een vuur. Het is nog lekker sappig. Ik eet en praat over van alles. Uiteindelijk gaan we met z'n allen slapen. Ik probeer maar het lukt niet. Ik draai mijn hoofdc naar Alice en Jade en zie dat zij wel slapen. Ik zucht en kruip de hut uit. Het is donker maar ik vind toch vrij snel de weg naar de rivier. Ik kijk ernaar. Het water. De kleine golfjes. Af En toe ook een vis. Het fascineert me wel. Dan kijk ik naar de maan. Hij staat daar maar mooi. Tussen al die sterren. In de duistere nacht. Het is muisstil in het bos. Er is geen wind dus ook geen geluid van bladeren. Koud is het ook niet echt. Ik kijk naar mijn spiegelbeeld in het water. Mijn lange blonde haren zitten helemaal door elkaar. Ik probeer het wat deftig te leggen en op zich lukt dat wel. Mijn groene ogen lijken er minder stralend uit te zien dan vroeger. Ik weet dat dat niet kan maar het lijkt gewoon zo. Lenna? Ben je boos? Vraag ik voorzichtig. Lenna? Wat? Je bent boos he? Nee natuurlijk niet! Zegt ze op een sarcastische manier. Lenna... sorry. Ik weet gewoon niet wat er met me is. Er is iets goed mis met jou. Je mag Jake niet laten gaan. Het kan niet anders. Hij kan toch ook gewoon dan paar dagen bij ons blijven. Dat lukt nooit. Dan moet hij liegen tegen iedereen. En nu zijn moeder in coma ligt.... ja nog zoiets. Kon je hem niet meer troosten of zo? Lenna... wat moest ik doen? Gewoon... Ik wil gewoon bij hem zijn. Ik ook.

Hate Her {werewolf story}Waar verhalen tot leven komen. Ontdek het nu