Kye en ik zwegen de hele weg terug naar het kamp. Beiden probeerden we deze nieuwe ontwikkelingen te verwerken en ons aan te passen aan het nieuwe plan.
Ik kon nog steeds moeilijk beseffen wat er allemaal was gebeurd en hoe mijn leven zo snel had kunnen veranderen. Ik had het eigenlijk al opgegeven. Ik had erop gerekend dat ik vermoord zou worden voordat ik enige kans maakte tegen de koningin. Maar als Kye echt zoveel stenen had als hij beweerde, was het misschien toch mogelijk om Sylvana te vermoorden.
Langzaam durfde ik naar de toekomst te kijken en te bedenken wat er zou gebeuren als het me daadwerkelijk zou lukken.
De wens die ik al jaren koesterde, het beeld dat mijn hele leven al voor mijn ogen danste, kwam naar boven. Ik, op Sylvana's troon, terwijl alle heksen voor me knielden. Ik zou oppermachtig zijn en iedereen zou naar mij luisteren.
Ik sloot mijn ogen en genoot van die gedachte. Eindelijk zou het allemaal uitkomen.
Deze gedachte maakte me zo blij dat, tegen de tijd dat we terug waren in het kamp, ik vrolijk met Ysbel babbelde tijdens het schoonmaken van de eekhoorn. Ook haar viel het op en ze keek me wantrouwend aan.
"Wat ben jij in een vrolijke bui, is er iets gebeurd tussen jou en Kye toen jullie alleen waren in het bos?"
Ik verstijfde. Ze zou toch niks vermoeden van ons plan?
Stamelend antwoordde ik. "Nee, nee, natuurlijk niet. Wat zou er gebeurd moeten zijn?"
Ysbel's ogen werden groot en haar gezicht kreeg een uitdrukking die ik niet kon plaatsen. "Ik wist het! De spanning was om te snijden tussen jullie twee! Je hebt je kans gegrepen, niet? Of heeft hij het initiatief genomen?"
Ik keek haar niet begrijpend aan. Waar had ze het over? Bedoelde ze initiatief van het plan? Maar hoe kon ze weten dat we een deal hadden gesloten? Volgens Kye wist niemand waar hij mee bezig was.
Ineens drong het tot me door wat Ysbel bedoelde. Met grote ogen keek ik haar aan terwijl mijn wangen rood werden.
Ik stamelde. "Nee, nee, dat is helemaal niet wat er gebeurd is. Kye en ik zouden nooit... ik zou nooit..."
De blik in Ysbel's ogen werd alleen maar ondeugender. "Ik wist het! Ik vond het al verdacht dat jullie zo lang wegbleven. Ik dacht, er is maar een ding dat die twee kunnen hebben uitgevoerd."
Mijn gezicht werd rood. Ik moest denken aan Cobe, de enige persoon waar ik wèl ooit iets mee had gedaan, en ik werd boos. Cobe zou ook de enige persoon zijn waar ik ooit nog iets mee zou doen. Ik zou hem nooit zo verraden, al helemaal niet slechts een paar weken na zijn dood. Hij was de enige in mijn hart, hoe kon iemand denken dat ik iemand anders had?
Boos stond ik op. Dit trok de aandacht van de jongens, die even verderop het vuur aan het aanmaken waren. Kye keek naar mijn rode gezicht en vervolgens naar Ysbel's ondeugende blik. Ysbel kennende begreep hij meteen wat er aan de hand was en hij begon te grinniken.
Woedend keek ik hem aan, waarna ik met grote stappen de open plek afbeende. Hoe kon hij dat grappig vinden?
Mopperend op Ysbel en Kye liep ik verder en verder het bos in. Ik snoof de lucht diep in mijn longen, hopend de geur van water te herkennen die me altijd tot rust bracht. Echter, teleurgesteld merkte ik dat zowel mijn neus als mijn magie te zwak waren geworden om iets op te pikken.
Door mijn aanvaring met Ysbel dacht ik aan Cobe. Wat zou hij vinden, als hij me zo zag? Zou hij gekwetst zijn door Ysbel's woorden?
De woede vlamde weer in me op. Hoe kon ze zoiets onvoorzichtigs zeggen? Ik wist dat Cobe er niet meer was en dus nooit gekwetst zou worden, maar nog steeds wilde ik niet dat zijn nalatenschap zo zou worden genegeerd. Al was ik waarschijnlijk de enige die zich hem herinnerde, ik zou hem eren.
Toch had ik een knagend gevoel in mijn maag. Eerde ik hem eigenlijk wel? Misschien was dat de reden dat ik zo uit mijn slof geschoten was tegen Ysbel. Misschien was ik eigenlijk niet boos op haar, maar op mezelf. Ik dacht aan het pact dat ik met Kye gesloten had en wist dat Cobe het niet oké zou vinden. Hij zou me proberen te overtuigen het niet te doen, om Sylvana te laten gaan. De duisternis in mij die me nu op deze wraakactie stuurde, was waar Cobe me altijd voor had willen behoeden. En het voelde alsof ik hem verraadde door het toch te doen.
Maar nu maakte het toch niks meer uit, bedacht ik me. Nu was het toch te laat. Die duisternis had Cobe weken geleden al vermoord, dus nu had het toch geen zin meer om me te verzetten. Cobe was al weg, en ik was alleen en had geen doel meer in mijn leven anders dan mijn laatste plan uit te voeren.
Er klonk geluid achter me in het bos en uit instinct dook ik onmiddellijk achter een boom, me verbergend voor mogelijk gevaar.
"Ten eerste," klonk een bekende stem, "ben je echt veel te laat. Ik heb je allang gezien."
Ik gromde naar Kye terwijl ik tevoorschijn kwam, chagrijnig dat hij mijn rust kwam verstoren.
"En ten tweede," ging hij door terwijl hij me aankeek, "maakte je zoveel lawaai tijdens het verstoppen dat, zelfs als ik je niet gezien had, ik makkelijk had kunnen horen waar je zat."
Ik draaide met mijn ogen naar hem. "Wat doe je hier? Kon je geen genoeg van me krijgen? Hoop je Ysbel's waanideeën waar te kunnen maken? Want ik beloof je, dat gaat echt niet gebeuren."
Kye grinnikte. "Je bent altijd zo defensief. Kan ik je niet gewoon opzoeken voor een gezellig gesprek?"
Ik trok een wenkbrauw op en keek hem verwachtingsvol aan, wachtend tot hij zou zeggen waarom hij me was gevolgd.
Kye zuchtte. "Goed dan. Ysbel was bang dat je gevaar zou lopen en wilde dat iemand met je meeging. Aangezien ik niemand wilde vertellen dat je een heks bent en dat je dus geen bescherming nodig hebt, of, sterker nog, dat jijzelf eigenlijk het grootste gevaar in deze bossen bent, en omdat ik ook niet wilde dat je per ongeluk een van mijn vrienden vermoord, dacht ik dat ik maar achter je aan zou gaan. Goed?"
Ik snufte verwaand, maar stond toe dat hij dichterbij me kwam staan. Het was stil tussen ons, beiden in gedachten verzonken.
Uiteindelijk vroeg Kye: "Waarom wil je de koningin eigenlijk vermoorden?"
Ik zuchtte luid terwijl ik antwoordde. "Stel jij altijd zoveel vragen?"
"Ach, kom op. Als we het samen doen, verdien ik tenminste het recht om te weten waarom."
Even was ik stil, voordat ik antwoordde. "Omdat ik koningin wil worden."
"En?"
Defensief draaide ik me naar Kye. "Wat 'en'?"
"Kom op, dat is echt niet de enige reden dat je haar wil vermoorden. Als dat zo was, dan had je het wel tactischer gedaan, in plaats van zonder magie door het bos te wandelen en te doen alsof je mens bent. Er is iets gebeurd, wat is het?"
"Dat gaat je niks aan."
Kye keek me afwachtend aan.
"Ik zei dat gaat je niks aan!" schreeuwde ik voordat ik weg beende, hopend het kamp te bereiken voordat Kye de kans had me in te halen.
Die laatste bleef verdwaasd achter.

JE LEEST
Ontsnapt aan de Wraak
Fantasy(English below) Sinds de heksen haar ontvoerden, is Raven opgeleid en getraind als heks. Gecontroleerd door de manipulatieve heksenkoningin, leeft ze met de heksen coven in een fort in La Fôret Noire. Ondanks dat ze nu gehoorzaam is, plant Raven het...