"Hoeveel Hernic zijn er nog?" fluisterde ik naar Kye.
Vanuit zijn ooghoek keek hij me geërgerd aan voordat hij me negeerde.
"Kom op, beantwoord alleen deze vraag. Bestaan ze nog of zijn ze uitgestorven?"
"Er zijn er echt nog maar een paar, maar geen hier in de buurt." antwoordde Kye zachtjes, terwijl hij doorliep.
"Waar dan?" vroeg ik.
"Hou op, straks horen de anderen het nog."
"Dat is nog zoiets, waarom weten de anderen het niet? Schaam je je ervoor?"
Kye fronste. "Waarom zou ik me schamen? De Hernic worden over ter wereld aanbeden, ze zouden me op hun handen dragen als ze het wisten."
Verwachtingsvol keek ik hem aan. "Dus... waarom weten ze het niet?"
Hij zuchtte. "Omdat ze dan gelijk van me verwachten het weer op te pakken."
"Wil je dat niet?"
Ik zag hoe de spieren in Kye's kaak zich aanspanden en even bleef hij stil. "Nee."
"Waarom niet?"
"Gewoon niet. Hou op met vragen stellen en laat me met rust." Kye snauwde dit naar me en beende bij me weg.
Nieuwsgierig keek ik hem na. Waarom werd hij zo geïrriteerd? Zou er iets zijn gebeurd?
Ik kon mijn nieuwsgierigheid niet bedwingen en liep achter hem aan naar de voorkant van de groep, met wie we nu al dagenlang door datzelfde bos dwaalden. Ik was me begonnen af te vragen hoe ver het nog was. Als mijn richtingsgevoel klopte, waren we ondertussen een paar honderden kilometers ten westen Sylvana's fort voorbijgelopen. Ik wist dat Kye had gezegd dat hij een aantal dingen, lees als stenen, op wilde halen, maar ik werd er toch onrustig van. Ik had het fort al binnen kunnen hebben gestormd.
"Als mensen zoveel respect hebben voor Hernic, waarom zou je je vader dan niet opvolgen?"
Ik had Kye ondertussen ingehaald en hervatte mijn vragenvuur. Hij sloeg zijn ogen op en spanden zijn schouders in irritatie. Ik moest eerlijk zeggen dat, ondanks dat ik overduidelijk de antwoorden wilde weten, ik er alleen al van genoot hoe opgefokt hij van mijn vragen werd. Prima, ik kon hem misschien niet neer laseren zoals hij met mij had gedaan of mijn magie op hem loslaten, maar mijn superkracht om mensen mateloos te irriteren had me nog niet verlaten.
Kye negeerde me ondertussen nog steeds, zijn kaken stevig op elkaar geklemd.
"Er moet iets gebeurd zijn," ratelde ik door, "dat je ervan hebt afgezien. Ik kan me niet voorstellen dat je simpelweg te bang was, van wat ik heb gezien ben je niet bepaald een watje. Is er iets met je vader gebeurd? Maar dat zou toch niet zo schokkend moeten zijn. Veel Hernic zijn op gruwelijke wijze vermoord.
"Niet zo raar ook, natuurlijk jaagden de heksen even hard op Hernic als andersom. Ik hoorde zelfs van een coven die op een gegeven moment een dorp had gevonden van Hernic. Kennelijk hebben ze alles afgebrand. De vrouwen en kinderen op afschuwelijke wijze gemarteld en uitgemoo...aahh!"
Met een flits greep Kye me bij mijn keel en duwde me tegen de dichtstbijzijnde boom. "Hou godverdomme je kop dicht!" schreeuwde hij, zijn hoofd enkele centimeters van de mijne verwijderd en zijn ogen smeulend van een woede groter dan wat ik tot dan toe bij hem had gezien.
Uit mijn keel kwam slechts een piepend geluid toen ik probeerde te ademen door mijn dichtgeknepen keel en mijn buik verkrampte. Ik probeerde me groot te houden terwijl mijn hoofd rood aanliep en mijn lichaam vocht tegen het plotselinge zuurstoftekort. Toch staarde ik Kye uitdagend aan.
"Kye! Kye, hou op!" riep Ysbel terwijl ze op ons afrende.
Trey en Liam stonden stomverbaasd naar ons te staren. Kye's ogen schoten snel naar Ysbel en weer terug naar mij en zijn grip op mijn keel verslapte iets, maar hij liet niet los.
Ik kon niet voorkomen dat ik een paar keer naar lucht hapte, maar herstelde me snel en dwong mijn blik licht geamuseerd te zijn.
"Dus zo zit het," fluisterde ik zachtjes naar hem, half omdat ik niet wilde dat Ysbel het hoorde en half omdat mijn stem schor was van de druk die er recent op was uitgeoefend. "Je familie is vermoord omdat je vader Hernic was."
Even flitste er een intens verdriet door Kye's ogen, voor ze zich weer verhardden. Ik voelde hoe de spieren in zijn handen zich aanspanden en zag in zijn ogen dat hij me het liefst weer terug tegen die boom had aangedrukt. Maar hij hield zich in voor Ysbel, Trey en Liam, die nog steeds stokstijf naar ons stonden te kijken, te bang om zich ermee te bemoeien.
Op deze manier stonden we elkaar een paar minuten lang aan te staren, Kye en ik elkaar uitdagend met onze blik. Toen liet Kye me langzaam los. Langzaam liet hij zijn arm naar beneden zakken en deed een stap achteruit. Even keek hij me nog aan, zijn ogen nog steeds met die harde blik. Vervolgens draaide hij zich om en verdween het bos in.
Wij volgden Kye met onze blik terwijl hij wegliep en bleven achter in stilte. Tot Ysbel een kreetje slaakte en op me af rende.
"Tamara, gaat het?"
Ik knikte kort, mijn ogen nog steeds op de bomen gericht waarachter Kye was verdwenen.
"Weet je het zeker? Ach het spijt me zo, ik heb Kye nog nooit zo gezien. Wat is er gebeurd?"
Ik verplaatste mijn blik naar Ysbel, die me zoals gewoonlijk met grote Bambi ogen aankeek. "Er is niks, maak je geen zorgen."
Toen draaide ik me van haar weg en gooide een stukje verderop mijn rugzak op de grond. "Het zal wel even duren voordat Kye terug is. Laten we hier ons kamp maar opslaan, het is lang geleden dat we hebben gerust en het zal binnenkort donker worden."
Ik merkte dat Ysbel me wantrouwend aankeek, maar negeerde het. Ik begreep dat de situatie net verdacht was, maar daar kon ik toch niks aan doen. Dus probeerde ik me maar zo normaal mogelijk te gedragen.
Trey en Liam aarzelden even, maar gingen algauw aan de slag om het kamp op te zetten. Ysbel keek me vertwijfeld aan, maar liep toen ook weg om te helpen.
Snel wierp ik een laatste blik op waar Kye het bos in was vertrokken. Ik vroeg me af of ik achter hem aan moest gaan, maar besloot er tegen. Waarschijnlijk wilde hij even alleen zijn.
In stilte zetten we het kamp op. Tenten opbouwen, houtvuur stoken, jagen, koken en meer. Uiteindelijk zaten we 's avonds allen rond het vuur, diep in gedachten verzonken.
Ik keek naar de paar sterren die door het bladerdak heen zichtbaar waren. Ik geloofde niet in de hemel of enig ander hiernamaals, maar toch vroeg ik me af of Cobe daar zou zijn, tussen de sterren. Het zou fijn zijn als het zo was.
Mijn gedachten dwaalden naar de dag na de eerste werving, toen Cobe was weggestormd het bos in. Hij was toen bijna verscheurd door een kaelpie. Ik voelde een steek van bezorgdheid om Kye, maar schudde het algauw van me af. Kye was Cobe niet en prima in staat zichzelf te beschermen, dat had hij wel bewezen.
Ysbel stond op en rekte zich uit. "Ik ga naar bed," mompelde ze.
De rest knikte instemmend. Een voor een verdwenen ze de tenten in.
Ik wierp een laatste blik op de sterren, fonkelend als altijd. Toen zocht ook ik mijn bed op. Van Kye was nog steeds geen spoor te bekennen.

JE LEEST
Ontsnapt aan de Wraak
Fantasy(English below) Sinds de heksen haar ontvoerden, is Raven opgeleid en getraind als heks. Gecontroleerd door de manipulatieve heksenkoningin, leeft ze met de heksen coven in een fort in La Fôret Noire. Ondanks dat ze nu gehoorzaam is, plant Raven het...