Hoofdstuk 26

3.9K 66 15
                                        

--- Een week later

-Kaj

Megan knijpt hard in mijn hand en staart bang voor zich uit. We staan voor de schuifdeuren van het politiebureau in Amsterdam-West, Megan staat naast me en houd mijn hand stevig vast.

‘Relax.’ Zeg ik zachtjes.

‘Hoe kan ik nou relaxed zijn?’ Antwoord Megan. ‘Ik moet mijn verhaal aan een vreemde gaan vertellen.’

‘Deze mensen gaan je alleen maar helpen.’ Verzeker ik haar. ‘Ze gaan ervoor zorgen dat die gek in de cel beland en daar ook blijft.’

Megan haalt diep adem, knikt dan en loopt met me mee naar binnen. In het politiebureau is het koel, de airco staat hard aan vanwege de warme buitenlucht. We lopen door naar de balie. Een vriendelijk uitziende man gaat voor ons staan.

‘Goedemorgen.’ Zegt hij en knikt naar ons.

‘Goedemorgen.’ Zeg ik. Megan blijft even stil.

‘Megan?’ Zeg ik aanmoedigend. Ze doet een stap naar boven en legt haar handen op de balie.

‘I-ik wil aangifte doen.’ Stamelt ze. Ik wrijf over haar rug om haar rustig te houden. De man achter de balie knikt.

‘Met betrekking tot de zaak van Stefan de Graaf.’ Zegt ze er dan snel achteraan. De man achter de balie lijkt nu geïnteresseerder.

‘Neem daar maar even plaats.’ Zegt hij en wijst naar de stoelen die tegenover de balie tegen de muur aan staan. Megan en ik gaan naast elkaar zitten. Ze pakt mijn hand en kijkt nerveus voor zich uit.

‘Je doet het heel goed.’ Zeg ik bemoedigend en geef haar een kus op haar wang. Ze glimlacht even kort naar me en kijkt dan weer voor zich uit. Na een minuut of twee komt er een vrouw aanlopen. Ze geeft ons allebei een hand en stelt zich voor als Marianne Wouters.

Marianne neemt ons mee naar een klein kamertje achter de balie. Het is een simpele kamer met een bureau, twee stoelen en een raam achter het bureau. Voor het raam hangen lamellen en op het bureau liggen dossiers en een laptop. Marianne gaat zitten achter het bureau, en Megan en ik op de stoelen ervoor.

‘Dus.’ Begint Marianne. ‘De zaak van Stefan de Graaf. Hij viel het huis van iemand binnen en dreigde deze persoon te vermoorden, werd vervolgens in zijn been geschoten door de politie omdat hij dreigend op hun af kwam met een honkbalknuppel, aangegeven door een zekere Dioni Jurado-Gomez.’

‘Die persoon ben ik, en Dioni is een goede vriend van me.’ Zegt Megan. Marianne knikt.

‘En je naam?’ Vraagt ze.

‘Megan Heesbrink.’ Zegt Megan. Dan kijkt Marianne naar mij.

‘En jij?’

‘Kaj van der Voort.’ Antwoord ik.

‘En waar pas jij in dit verhaal?’ Vraagt Marianne.

‘Ik ben Megan’s vriendje.’ Mompel ik. ‘Toen ze werd aangevallen belde ze mij, ik zei dat ze Dioni moest bellen omdat hij in de buurt woont.’

Marianne knikt. ‘Dat is een goede zet van je geweest Kaj.’

Ik glimlach even naar haar en kijk dan opzij naar Megan.

‘Ik begrijp dat je aangifte wil doen?’ Vraagt Marianne. Megan knikt.

‘Waarvan precies?’ Vraagt Marianne verder.

‘Mishandeling, bedreiging en poging tot moord.’ Zegt Megan zachtjes. Als ze het zo uitspreekt klinkt het nog ernstiger dan het al is.

‘Oké.’ Zegt Marianne. ‘Dan wil ik graag je verhaal horen, Megan.’

Get Lucky (B-Brave fanfiction)Verhalen om door geobsedeerd te raken. Ontdek het nu