"The thing I miss most from home, is having a home."
―Anthony Liccione
''Ash?'' vroeg Elys terwijl de twijfel doorsijpelde in haar stem. ''Kan ik je iets vragen over je laatste herinnering die ik heb gezien?''
Het moment dat de woorden haar lippen hadden verlaten, wilde ze ze al terugnemen. Elys wist dat ze zich op glad ijs bevond, maar ze kon haar nieuwsgierigheid niet bedwingen. En daarbij, Ash had haar in Ossa beloofd om haar alles te vertellen. Dat nam echter niet haar onhebbelijke gevoel weg dat ze een ongewenste indringer was.
Ash' spieren spanden zich aan en de stilte tussen hen rekte zich uit. Elys had haar armen om zijn middel geslagen—iets wat ze nog nooit zo ongemakkelijk had gevonden—terwijl Ash Nhani aanspoorde om zo snel mogelijk naar Elodir te gaan.
''Je wilt weten wie Vye is...wat er gebeurd is, of niet?'' vroeg hij ogenschijnlijk kalm, maar Elys zag hoe zijn vuisten waren samengebald en zijn knokkels wit waren geworden.
''Ja.''
''Vye was...'' Ash zuchtte. Hij staarde even voor zich uit, ver verdwaald in gedachten en jeugdherinneringen, en haalde diep adem. ''Ik ontmoette haar voor het eerst toen ik twaalf was. Ze was de dochter van een generaal die in het Emberpaleis was voor een bespreking met mijn vader. Ze zat alleen bij een klein meertje op een binnenplaats een beetje voor zich uit te staren en ik liep toevallig langs.''
Ash glimlachte bij de herinnering. ''Sage was bij zijn familie en afgezien van Eroh was er niemand van mijn leeftijd dus ik besloot naar haar toe te gaan, maar ze wilde niets van me weten en zei geïrriteerd dat ik haar met rust moest laten.''
''Wat?'' vroeg Elys verbaasd. ''Waarom?''
Ze beet op haar lip. Als iemand—afgezien van Rhys—vroeger vriendelijk op haar was afgestapt om met haar te praten dan zou ze daar blij mee zijn geweest. Ze kende niet veel leeftijdgenoten in Elodir en de meeste lieten haar liever met rust, omdat ze haar raar vonden.
''Ze was van streek, omdat ze altijd mee moest met haar vader naar van alles en nog wat, maar hij haar totaal geen aandacht schonk,'' antwoord Ash. ''Maar ik verveelde me echt heel erg en ja...ik had nog nooit iemand zo erg zien huilen dus ik probeerde haar op te vrolijken met watervlinders.''
''Watervlinders?''
Ash haalde zijn hand door zijn haar en wierp haar een ongemakkelijk glimlachje toe. ''Ja. Ik gebruikte mijn watersturen om bewegende dieren te maken om haar op te vrolijken.''
Elys wilde een sarcastische opmerking maken, maar slikte haar woorden snel weg. In haar gedachten zag ze de kleine Ash uit zijn jeugdherinneringen nog zo voor zich, zo trots dat hij kon watersturen. Haar buik kriebelde.
''Dat is...dat is echt heel lief,'' stamelde ze en ze wenste dat iemand ooit zoiets voor haar had gedaan. ''Werkte het?''
Ash knikte. ''Ze moest glimlachen en zei dat ik haar eerste vriend ooit was. Haar naam was Vyolet, maar ik mocht haar Vye noemen.''
Zijn gezicht betrok. ''En toen kwam Eroh en liet hij lachend de watervlinders verdampen door zijn vuursturen.''
Elys trok verbaasd haar wenkbrauwen op, maar Ash haalde zijn schouders op. ''Ik neem aan dat dat een manier is van een 11-jarige jongen om indruk te maken op een meisje.''
Het was even stil.
''En toen?'' vroeg Elys. Tussen Ash' verhaal en Vye's dood zat iets van vijf jaar.
''We werden vrienden. Ze kwam regelmatig in het Emberpaleis door het werk van haar vader en hoe meer tijd passeerde, hoe leuker ik haar vond. Helaas was ik niet de enige.''
JE LEEST
The Frostfire Prince
Fantasy||WINNAAR VAN THE WATTYS 2016 'VERBORGEN JUWELEN' EN WATTNED'S CHOICE AWARDS (NETTIES 2016)|| Wat zou jij doen als je 's nachts alleen in een bos rent en achtervolgd wordt door je eigen volk? Zou jij de hulp van een knappe en mysterieuze vreemdeling...
