Deel 2 - Hoofdstuk 12

28 3 5
                                    

De woorden van Simone maakten de duisternis die Olivier omringde nog dieper en eindelozer. Leegten overheersten zijn gedachten, met verdriet aan het roer. En een afgrond was gauw gevonden in het labyrint dat het brein heet. 

Joséphine zat zwijgend naast hem, pratend tegen zichzelf en niemand in het bijzonder. Haar vriendelijke, betraande ogen waren op haar broertje gericht. Het liefst had ze een arm om hem heen willen slaan, maar het ging niet. Het was alsof haar gedachten en bewegingen geblokkeerd werden door dat stomme, domme verdriet.

Toen de familie het vreselijke nieuws over Lennard aangehoord had en bezig was met het verwerkingsproces, kon langzaam het verhaal over wat er precies was gebeurd, opgemaakt worden.

Claude en Lennard waren een eindje gaan rijden met de rode sportauto van Pierre D'Arnaud. Deze had hem niet langer nodig gehad en hem bij wijze van trouwgeschenk aan zijn nichtje cadeau gedaan. Joséphine, die niet kon rijden, was daardoor een beetje overweldigd geweest, en toen de jongens aan haar vroegen of ze een ritje mochten maken, dacht ze daar dan ook niet lang over na. En zo had Joséphine voor de rest van haar lange leven het gevoel dat háár trouwen de dood van haar broertje had veroorzaakt. Helaas had die arme meid op school nooit over schijncorrelatie geleerd. 

Hoe dan ook, Lennard en Claude waren een ritje gaan maken. Terwijl Claude vertelde over zijn nieuwste spirituele inzichten en Lennard gedwee luisterde, kwamen ze aan op een verlaten kruispunt. Het deed hen beiden denken aan die Franse weg van enkele jaren geleden. Er was iets aan eenzaamheid wat de jongens ongelooflijk aantrok. 

Terwijl Lennard een argument van Claude verwierp over de slechtheid van de mens, zagen ze de roekeloze, domme, hemeltergende sms-ende chauffeur die met een noodvaart op hen af kwam rijden, niet. Pas één seconden voor de knal die voor altijd in het geheugen van deze onverantwoordelijke, Russische man gegrift stond, had hij pas door wat er stond te gebeuren. De bestuurder heette Oleg Dmitrovski. Claude en Lennard zagen hem ook, maar er was niets meer wat zij konden doen. 

Omdat de auto tegen de linkerkant van de rode cabriolet aanreed, werd Claude het hevigst getroffen. Door de impact vloog hij met zijn hoofd tegen de voorruit. De airbags werkten niet, en ook een gordel, die beide heren keurig omhadden, kon hen niet tegen een dusdanige brute kracht beschermen. 

Claude was op slag dood. Door zijn trouwe geloof in een verbinding tussen lichaam, ziel en het universum, is hij misschien beloond met het eeuwige leven op een plek hier ver vandaan. Maar ik kan het niet weten, natuurlijk, omdat ik er, net als jij, nog nooit ben geweest. Claude geloofde ook dat als de mens, dus lichaam en ziel, zondigde, deze gestraft moest worden door het universum. En wellicht was dit wel zijn straf. Maar Claude was geen zondaar. Hij leefde juist altijd netjes, oplettend en vriendelijk. Misschien was het universum gewoon wreed. Of, misschien, hebben de jongens domweg pech gehad. We zullen het nooit weten. 

Lennard had minder 'geluk'. Doordat de auto aan Claude's kant indeukte, schoot zijn gordel los en werd hij uit de auto geslingerd. Hij kwam niet bepaald zachtzinnig op het koude asfalt neer en bleef daar beweginsloos liggen. Later zouden we leren dat hij niet dood was, maar hersendood. Al was dat misschien net zo erg. 

En dat brengt ons weer in het ziekenhuis, naast Lennards bed. De hele familie, ook Pierre en Eloise, zaten zwijgend en in zichzelf mompelend op stoelen. Lennards borst ging rustig op en neer, alsof hij sliep. Toch wist iedereen in de ruimte dat hij nooit meer zelfstandig zou ademhalen - een machine hielp hem daarbij, nooit meer met zijn ogen zou knipperen, niet meer op pijn zal reageren en nooit meer iets zou zeggen. 

Olivier bekeek de machines die om het bed van zijn tweelingbroer stonden. Eentje om de hartslag in de gaten te houden, eentje voor de ademhaling, eentje voor de bloedsomloop en nog wel tien andere machines die allemaal zoemden, bromden en piepten in een soort angstaanjagende symfonie van de dood, met de lugubere melodie voor de hartmonitor. 

De Geschiedenis van de Familie Fitzgerald ✓Waar verhalen tot leven komen. Ontdek het nu