~35~

38 3 0
                                    

Ik zie bijna niets meer, mijn ogen lopen over van de tranen. Dan voel ik plotseling twee armen die me omhoog trekken. Ik voel dat ik op de kant lig, en de ruwe stenen maken schrammen in mijn armen. Maar ik voel de pijn niet eens meer. Ik voel alleen nog maar verdriet. Dan zie  ik dat er een deken om me heen word geslagen. Ik veeg mijn betraande ogen af, en dan zie ik al weer wat scherper. Ik voel dat er iemand naast me komt zitten, en ik kijk recht in de ogen van Corryn. 'Corryn! Wat doe jij hier?' vraag ik verbaasd. 'Ik zag dat je in het water lag, je zag helemaal blauw en je bent ijskoud. Het is niet echt het weer om te gaan zwemmen weet je. Waarom ben je er überhaupt  in gesprongen?'  'Ik...' mompel ik, maar ik kan niet verder praten, want mijn emoties nemen weer eens de overmacht en ik begin keihard te huilen. Tussen mijn snikken door probeer ik uit te leggen wat er met Nannie is gebeurd, en op wonderbaarlijke wijze begrijpt hij het ook nog. 'Wat verschrikkelijk voor je! Waarom ga je niet naar haar toe?' 'Ik weet het niet... Ik heb het de rest nog niet eens verteld...' mompel ik. 'Dat is nu niet belangrijk. Ik vertel het ze wel. Ga snel naar Nannie toe, die heeft je op dit moment harder nodig dan wij. ' zegt hij met een kleine glimlach. 'Ja... Dat ga ik doen. Ontzettend bedankt Corryn.' zeg ik, en ik geef hem een dikke knuffel. 'Graag gedaan. Voor het zusje van Zira doe ik alles.' zegt hij blozend. Ach wat schattig, hij vind haar echt leuk! 'O en Corryn?' 'Ja?' 'Zira houd van bloemen.' zeg ik met een knipoog, en dan laat ik Corryn stomverbaasd achter. Ik sla de deken om mijn schouders, en ren op mijn super snelheid naar huis.

Eenmaal thuis aangekomen, maak ik de deur open en loop ik naar binnen. Layla komt al aangetrippeld. Ik pak een glas water, en kijk op mijn mobiel. 3 gemiste oproepen van Marcus. Nou, hij kan echt het heen-en-weer krijgen. Laat hem lekker opdonderen naar zijn vriendin. Ik loop de keuken uit, en pak mijn fiets. Ik zet Layla in het mandje, want ze kan het nog niet lang genoeg naast de fiets rennen. Ik open de garage deur, adem de koude buitenlucht in, en ik fiets.

Niet veel later kom ik aan bij het ziekenhuis. Ik loop naar binnen, en ik zie de moeder van Tiffany aan de balie zitten. Ik wil eigenlijk naar een andere medewerker lopen, maar ik zie dat zij al iemand anders helpt, dus ik kan niet anders dan naar de moeder van Tiffany lopen. 'Hallo mevrouw, ik kom voor Nannie Schoonhoven.' zeg ik beleefd. Ze kijkt op, bekijkt me van top tot teen, en kijkt me dan aan alsof  niet ik  degene ben die voor de balie staat, maar iets walgelijks. Een hondendrol of zo. Ze rolt met haar ogen, en begint dan wat in te typen op haar computer. 'Voor wie kwam u?' vraagt ze zuchtend. 'Nannie Schoonhoven.' antwoord ik, terwijl ik nog steeds probeer om vriendelijk te blijven. 'O aha.Die heeft een hartaanval gehad zie ik. Nou ja, gelukkig maar, ze heeft het wel overleefd. Dat hoor je ook niet vaak.' zegt ze met een sluwe glimlach. Maar ik houd me in, en glimlach beleefd. 'Ja gelukkig maar.' zeg ik. 'Moet jij niet op school zitten trouwens? Of geeft de school tegenwoordig ook al vrij voor dit soort onbenulligheden?' 'Ja ik heb vrij gekregen. Maar Tiffany niet, en volgens mij zag ik haar net toch echt op een terrasje zitten zoenen, met zo'n jongen uit de 5de. Ik weet alleen niet meer hoe hij heet...' zeg ik, terwijl ik doe alsof ik heel diep nadenk over de naam. Ik zie mevrouw Mc Loren spierwit wegtrekken, maar ik ga gewoon verder. 'Najib volgens mij... Ja dat was het... Najib.' mompel ik zachtjes. Maar die ene naam is al genoeg om mevrouw Mc Loren gek te maken. Meneer Mc Loren was namelijk politicus, en hij is ooit een anti-Marokkanen campagne gestart om alle Marokkanen weg te krijgen. Dit mislukte natuurlijk, en sindsdien hebben de Mc Lorens een nog grotere hekel aan Marokkanen. Grote onzin natuurlijk, want alle mensen zijn hetzelfde. Maar daarom is het zo grappig dat ik Tiffany met Najib zag zoenen. Ik kon het gewoon niet laten om dat even te zeggen. En mijn payback werkt, want ik zie mevrouw Mc Loren kwaad worden. Ik hoor haar in haar zelf vloeken.  'Hallo Tailor!' hoor ik een stem achter me. Ik draai me om en zie dat het meneer Smitze is, de arts die mij eerder geholpen heeft met mijn been. 'Hallo!' antwoord ik vriendelijk. 'Wat heeft zij nou?' vraagt hij verbaasd als hij mevrouw Mc Loren kwaad hoort bellen naar Tiffany. 'Geen idee.' zeg ik schouderophalend. 'Ik heb het nieuws gehoord van Nannie...' mompelt hij meelevend. 'Wat vreselijk. Maar ik weet zeker dat ze er wel weer boven op komt.' zegt hij om me op te beuren. 'Tja, dat hoop ik maar.. Weet jij op welke afdeling ze ligt?' 'Ja hoor. Hier de gang door lopen, dan aan het einde van de gang rechts. Ze licht in kamer 12.' zegt hij terwijl hij naar het einde van de gang wijst. 'Bedankt!' antwoord ik.

Ik loop met Layla op mijn arm de gang door. Ik zie mensen in rolstoelen, aan infusen, allemaal ziek, maar toch niet te beroerd om even te glimlachen, of te zwaaien. Zo positief ingesteld. Ik ga rechts, en kijk naar de getallen op de kamerdeuren. 9...10...11... En dan is daar nummer 12. Ik moet bekennen dat ik best bang ben om naar binnen te lopen. Ik leg mijn hand op de deurklink, adem diep in, maar loop dan toch naar binnen. Ze ligt in een bed, met haar ogen dicht, en allemaal slangetjes aan haar lijf. Hoe ze daar ligt. Zo kwetsbaar. Totaal niet de sterke vrouw die ze normaal altijd is. Ik ga naast haar bed staan, en pak haar hand vast. Ik voel dat er onbedoeld toch een traan over mijn wang glijd. Hij druppelt naar beneden, en valt op Nannie's hand. Dan zie ik hoe ze langzaam haar ogen opent. Met de meest krakerige stem die ik ooit gehoord heb spreekt ze mijn naam uit. 'Tailor...'  

TailorWaar verhalen tot leven komen. Ontdek het nu