Isaac - Omega Pack

282 28 0
                                        


'Hij is niet hier!' Riep Jean toen hij terug de kamer in kwam.

'Ik kan hem ook niet vinden,' zei Aly.

Ik haalde opgelucht adem. 'Dat betekent dat hij weg is gekomen.'

'Misschien heeft hij meerdere mensen mee weten te krijgen,' zei Shane hoopvol.

We hadden het hele erf afgezocht. We hadden in het huis gekeken. Edgar was hier niet. Hij was ontsnapt.
De vraag was, waarheen?

'Shane, kijk in de kelder wat er met de jagers is gebeurd. Aly, ik wil dat je bij de gevangene in de buurt blijft.'
We hadden Tessa in de auto achtergelaten en de deuren op slot gedaan, maar ik had het toch liever niet dat ze ergens alleen was. Ik had geen zin om achter haar aan te rennen als ze toch ontsnapte.

Shane knikte en rende de vergaderkamer uit.

'Waarom moet ik de babysitter zijn,' klaagde Aly.

'Niet nu, Aly,' zei ik. 'Doe alsjeblieft gewoon wat ik van je vraag.'

Aly zuchtte maar deed toch wat ik zei.
Toen ze de kamer uit was keerde ik me tot Jean.

We waren allemaal verdrietig en gechoqueerd. Dit was ons huis geweest. Onze familie. We hadden niet iedereen persoonlijk gekend, maar er was toch een band geweest.
Jean had echter zijn moeder verloren. Een geweldige vrouw.
Ik, Shane en Aly hadden onze ouders al een hele tijd geleden verloren.
Jean zijn moeder was altijd een beetje als een tweede moeder voor ons geweest.
Ik gaf Jean een kneepje in zijn schouder.
'We zoeken een plekje voor haar, goed?'
Jean knikte.

We hadden niet de tijd om iedereen te begraven. Om iedereen een waardig einde te geven. Er was altijd nog de kans dat de jagers die dit hadden gedaan terug zouden komen. We konden hier niet blijven.

Ik wist dat Jean zijn moeder niet zo kon achterlaten. Dat hij zich voor eeuwig schuldig zou voelen als we haar niet zouden begraven.

We haalden een schep uit de tuinschuur en gingen aan de gang.

'Ze zijn vrij gelaten!' Riep Shane toen hij terug kwam van de kelder. 'Allemaal!'

Verdomme!
Nu wist ik zeker dat het jagers waren geweest.

'Hier zullen ze spijt van krijgen,' siste Jean.
Hij graafde met woeste bewegingen verder. Shane en ik gaven elkaar een blik.
Misschien was het beter als we Jean de aankomende dagen wat in de gaten hielden.
Mensen hadden de neiging om roekeloze dingen te doen als het op wraak aan kwam.
Tijdens de oorlog was geen goede tijd om roekeloos te zijn.
Ik wist hoe Jean zich voelde, maar ik stond niet toe dat hij ons allemaal in gevaar zou brengen.

Elkaar was alles wat we nog hadden.

Toen we klaar waren met het gat droegen we het lichaam van Jean zijn moeder erheen. Ze was nauwelijks terug te herkennen. Dat was hoe wreed de jagers waren.

Ik ging naar binnen en haalde een deken zodat we die over haar heen konden leggen.

We gooiden de kuil dicht.

Toen het gat helemaal dicht was vroeg Jean of we hem even alleen wouden laten.
Dat deden we.

'Wat moeten we nu doen?' Vroeg Shane aan mij. Hij keek met een droeve blik op zijn gezicht om zich heen.

'Ik ga naar Edgar zijn kamer. Misschien heeft hij een bericht achtergelaten. Daarna gaan we zijn spoor volgen.'

'Is dat wel zo slim?' Vroeg Shane fronsend. 'Wat als ze hem te pakken hebben gekregen? Het kan een val zijn.'

'Dat risico moeten we dan maar nemen,' zei ik.

Shane gaf me een blik, alsof hij het er niet mee eens was, maar er niet tegen in ging omdat hij wist dat ik niet van gedachten zou veranderen.
Ik zou ook niet van gedachten veranderen. Ik wou mijn oom vinden. Hij was het laatste familielid dat ik had.

This Is War (unfinished)Verhalen om door geobsedeerd te raken. Ontdek het nu