20

469 25 3
                                        

Alles bevroor toen ik mijn naam hoorde. Niet alleen de mensen in de kamer, maar ook de lucht zelf leek stil te staan, zwaar als water waarin je je adem inhoudt. Niemand bewoog, niemand durfde iets te zeggen. Het was alsof een onzichtbare hand de tijd had vastgeklemd en ons allemaal gevangenhield in dat ene moment. Mijn hart bonsde zo luid in mijn borst dat ik dacht dat iedereen het kon horen.

Misschien verwachten jullie dat mijn eerste kus één van die sprookjesmomenten was, een herinnering die je glimlachend meeneemt naar je volwassen leven. Dat ik hem met Alex zou delen, omdat hij er altijd is, omdat hij degene is die op het juiste moment naast me staat. Maar zo ging het niet. De werkelijkheid was veel minder romantisch en veel pijnlijker. Mijn eerste kus werd gestolen.

Het gebeurde toen ik twaalf was. We speelden Truth or Dare, dat domme spel dat kinderen altijd gebruiken om te doen alsof ze volwassen zijn, terwijl ze eigenlijk geen idee hebben waar ze mee bezig zijn. Ik herinner me nog dat ik op een oude houten stoel zat in een donkere kelder, de geur van chips en cola om me heen, terwijl mijn hart al dagen sneller sloeg voor één jongen: Kevin. In mijn ogen was hij bijzonder. Hij had een glimlach die net iets te lang bleef hangen, en een blik die ik soms dacht alleen aan mij te geven.

Toen hij voor Dare koos, grijnsde één van zijn vrienden vals en zei: "Kus Melissa." Mijn hart stopte even. Kevin keek niet eens naar me om toestemming te vragen. Hij boog gewoon voorover en drukte zijn lippen op de mijne. Het duurde maar een seconde, maar voor mij voelde het alsof de wereld explodeerde in vuurwerk. Ik was twaalf, naïef, en ik geloofde in dat moment dat dit het begin was van iets moois.

Maar toen trok hij zich terug, en brak mijn droom in duizend stukken. Hij lachte. Niet een beetje, maar hardop, scherp, alsof het allemaal een grap was. Zijn vrienden deden vrolijk mee. "Kom op, het was maar een dare! Alsof ik háár ooit echt zou willen kussen."

Zijn woorden waren als messen die in mijn borst werden geplant. Ik lachte niet mee. Ik zat daar, rood tot achter mijn oren, mijn keel dichtgeknepen. Dagenlang voelde ik me besmeurd, alsof hij iets van me had afgepakt waar ik niet klaar voor was. Wekenlang huilde ik 's nachts in stilte, omdat ik niet wilde dat iemand wist hoe kapot ik me voelde. Sindsdien walgt mijn maag bij de gedachte aan zijn naam.

Gelukkig verdween hij na een paar maanden van school. Niemand wist waarom. Maar ik was opgelucht dat ik hem nooit meer hoefde aan te kijken.

"Hoe dúrf je je hier te vertonen!" De schelle stem rukte me bruut terug naar het heden.

Ik draaide me om. Ace was verdwenen, zoals altijd wanneer het spannend werd. Mijn hand voelde warm – iemand hield hem vast. Toen ik omlaag keek, zag ik dat het Alex was. Zijn vingers waren stevig om de mijne gevouwen, beschermend maar ook gespannen. Zijn wenkbrauwen stonden strak, zijn blik boorde zich in de deuropening.

Iedereen volgde zijn blik. Langzaam draaide ik mijn hoofd dezelfde richting op en daar stond ze. De heks. Abigaïl. Haar gezicht was rood van woede, haar ogen fonkelden als gloeiend kooltjes. De lucht om haar heen leek bijna te trillen. Ze zag er niet alleen boos uit; ze zag eruit alsof ze iemand wilde vernietigen.

"Melisaaa..." De stem die volgde was dronken, slaperig bijna. Bekend, maar tegelijk zo vervormd dat ik er kippenvel van kreeg.

En toen zag ik hem. Achter haar. Een jongen die ik die dag al honderd keer in gedachten had vervloekt. Jordan.

Mijn hart bonsde in mijn keel. "Jordan?" fluisterde ik.

Geen antwoord. Hij stond er maar, alsof hij ver weg was in zijn hoofd. Abigaïl's stem steeg nog verder, schel en dwingend: "Hoe dúrf je me te negeren!"

Jordan leunde tegen de muur. Zijn hand sloeg er ritmisch tegenaan, tik, tik, tik, alsof hij gevangen zat in een trance. Zijn lippen vormden mijn naam. "Melissa..."

IMAGOWaar verhalen tot leven komen. Ontdek het nu