37

479 21 1
                                        

Het gezicht van Ace bleef branden in mijn gedachten. Zijn ogen vol teleurstelling, zijn kaak aangespannen van woede. Het was alsof dat ene moment, die blik, mijn hart in tweeën gescheurd had. Hoe meer ik eraan dacht, hoe benauwder ik me voelde. Alsof elke ademhaling pijnlijk door mijn ribbenkast werd geperst.

Met zware stappen sjokte ik door de gangen richting het economielokaal. De stilte om me heen maakte het erger: geen geroezemoes van leerlingen, geen gehaast gedraaf van mensen die nog net hun les wilden halen. Alleen mijn eigen voetstappen die echoënd door de gang gingen, samen met de storm van mijn gedachten. Ik wist dat ik te laat was. Ik wist dat ik al vijftien minuten van de les gemist had. Maar de moed om er überhaupt binnen te stappen ontbrak me bijna volledig.

Toen ik eindelijk bij het lokaal aankwam, voelde het alsof ik lood in mijn schoenen had. Toch duwde ik de deur open. Alle hoofden draaiden tegelijk mijn kant op, alsof ik een scène binnenstapte die al lang aan de gang was en waar ik duidelijk niet in hoorde. Miss Rob zat al achter haar bureau, haar armen strak over elkaar gevouwen. Haar dunne lippen trokken zich in een lijn, en haar ogen boorden zich in de mijne.

'Ah, Miss Hale,' zei ze op een toon die trilde van irritatie. 'Toch maar besloten om vandaag aanwezig te zijn? En wat was uw onschuldige reden om een kwartier van mijn kostbare les te missen?'

Haar stem was als een nagel die over een schoolbord kraste. Ik sloeg mijn ogen neer en mompelde: 'Vertraging.' Het klonk zwak, maar ik kon geen energie vinden om een sterker excuus te verzinnen.

Ze trok haar wenkbrauwen op, duidelijk niet onder de indruk. Toch sloeg ze haar boek open en zei met zuur gezicht: 'Omdat dit de eerste keer is dat je te laat komt, laat ik het bij een waarschuwing. Maar geloof me, de volgende keer ben ik niet zo mild. Begrepen?'

Ik knikte zwijgend, slikte de neiging weg om mijn ogen te rollen. Haar autoritaire houding was lachwekkend, vooral omdat de meeste leerlingen haar nauwelijks serieus namen. Maar ik wist: één verkeerde blik en ik zou de rest van de les in de problemen zitten.

Ik liep zo onopvallend mogelijk naar een vrije stoel en liet me erin zakken. Terwijl ik mijn schrift opensloeg, ving mijn blik ongewild een glimp op van Abigaïl. Daar zat ze, nonchalant met haar haar spelend en overdreven smakkend op een stuk kauwgom. De irritatie gierde meteen door mijn lijf. Natuurlijk mocht zij dat ongestoord doen, terwijl ik nog geen snoepje in mijn mond kon steken zonder dat ik gedwongen werd het weg te gooien. Oneerlijk. Hypocriet. Typisch.

Ik pakte mijn pen en begon te tekenen. Het idee om naar Miss Rob te luisteren, naar die monotone stem die elk woord eruit perste alsof ze de wereld wilde straffen, was ondragelijk. Mijn pen kraste een cirkel die langzaam veranderde in een zon, maar zelfs die kreeg een boos gezicht. En telkens weer, tussen de lijnen en schaduwen door, doemde het beeld van Ace op in mijn gedachten. Zijn ogen. Zijn woede. Zijn teleurstelling.

Hij begreep het niet. Hij zag niet dat ik alles probeerde glad te strijken, alles probeerde op te lossen, ook al betekende dat dat ik mezelf ongelukkig moest maken. Hij was koppig. Eigenwijs. Hij wilde de wereld laten weten dat we vrienden waren. Maar hij had niet gezien hoe de ogen zich omdraaiden, hoe de fluisteringen in de gangen begonnen, hoe mensen als Abigaïl me viseerden. Hij zag alleen zijn eigen waarheid. En ik? Ik probeerde te redden wat er te redden viel.

Mijn hand begon harder te krassen. Donkere lijnen doorkruisten de bladzijde tot er niets meer over was dan een chaos van inkt. Alsof ik mijn frustratie in het papier wilde begraven.

Een tik op mijn schouder deed me opschrikken. 'Nerd?'

Ik draaide mijn hoofd langzaam om en zag James naast me staan. Ik liet mijn ogen rollen, draaide me terug naar mijn schrift en begon weer te kladderen. Maar James schoof gewoon de stoel naast me naar achter en ging zitten.

IMAGOWaar verhalen tot leven komen. Ontdek het nu