Vermeer had een herdenkingsmis voor Vic laten doen. Jonas, mila en Lotte waren op weg naar de kerk. Vermeer en tori kwamen ze tegen en wandelden samen de kerk in. Lotte lag in de buggie te lachen en te tieren. Mila keek haar liefdevol aan. Lotte haar heldere blauwe ogen staarde in die van mila. Ze stak haar handen naar haar uit. Mila bood haar vinger aan. Lotte nam haar vinger vast. Ze liet niet snel los. Haar tutje viel uit haar mond en je kon haar oogjes zien zoeken naar haar tut. Mila nam haar tutje en stak die weer in haar mondje. Mila was zo blij met haar kleine meisje. Ze kon niet geloven dat haar kleine meisje volgende week al naar de crèche zou moeten omdat ze naar school moet. De mis begon vlot. Mila volgde niet echt. Lotte vond ze interessanter. Ze sliep rustig. Halverwege de mis begon ze te wenen. Mila nam haar uit de buggie. 'Moet ik even meekomen?', vroeg Jonas. Mila schudde haar hoofd. Ze ging naar buiten. Daar wiegde ze Lotte in haar armen. Ze werd al meteen rustig. 'M'n kleine meisje, je moest eens weten hoe gelukkig jij me maakt!', zei mila. Mila gaf haar een kusje op haar voorhoofd. Een man met een zwarte vest en z'n kap op kwam voorbij gewandeld. Mila vond dat verdacht. Ze klemde Lotte dicht tegen haar aan en draaide haar met haar rug naar de straat.
-
Jonas vond dat ze lang wegbleef en wou even gaan kijken hoe het ermee was. Hij wandelde onhoorbaar de kerk uit. Hij kon niet geloven wat hij voor zich zag.Die verdachte kerel stond plots achter haar en nam mila vast. Mila wrong haar uit z'n greep. Ze deed er alles aan dat er met Lotte niks zou gebeuren. De man greep naar Lotte. Hij had haar vast. Mila zou haar niet loslaten! Jonas kwam de kerk uit. Hij keek met grote ogen. 'HELP!', riep mila. Jonas kwam op haar afgerend en sloeg de man recht in zijn gezicht. Met een bloedneus rende de man weg. Mila haar tranen stroomden naar beneden. Ze stond te bibberen op haar benen. Ze zag hoe Lotte in paniek was geschoten. Mila suste haar. Zachtjes begon ze te zingen. Daar werd Lotte altijd al rustig van. 'Misschien zouden we beter naar huis gaan', zegt Jonas. Mila knikt. Moest er iets gebeurt zijn met Lotte dat zou ze haarzelf nooit vergeven.
-------------------(de grote verandering)-------------------
Gisteren zag ik een jongen. Hij is net dezelfde van in m'n droom. Het leek zo levensecht. M'n droom leek op een visioen. Ik weet dat hij Jonas heet en dat hij altijd met een jongen met krullen omgaat. Misschien is het tijd dat ik moet toegeven aan mezelf. Ik ben verliefd op hem. Ik had het gevoel al van toen hij voor het eerst in m'n ogen keek. Al van de eerste keer dat ik hem zag. Hij leek niet echt op een leerling van het DAM. Eerder van het college. Ik zag hoe hard hij zijn best deed om hier naar school te gaan. Zijn wilskracht en doorzettingsvermogen laten een hele grote indruk na. Ik vind het mooi dat hij er zo voor vecht om gitarist te worden. Het inspireert me. Als ik op m'n welker kijk zie ik dat de school al lang bezig is. Snel trek ik m'n kleren aan en prop ik een boterham in m'n mond. Normaal zou ik gewoon thuis blijven en zeggen dat ik ziek ben. Maar ik moet Jonas zien en vragen of hij met mij iets wilt gaan drinken na school. Ik word er nu al zenuwachtig van. Best raar. Ik heb me nog nooit zoveel stress gehad. En zeker niet om gewoon iets aan een jongen te vragen. Maar eigenlijk is het niet zomaar een jongen. Het is de jongen uit mijn dromen. De jongen VAN mijn dromen. Ik neem mijn fiets en fiets richting school. Naar Jonas toe.
Als ik aankom in de hal zijn er bijna geen leerlingen te zien. Ik bedenk me welke les ik nu heb en wandel rustig naar m'n lokaal. Ik heb muziek. Als ik even nadenk over wie er allemaal in deze les bij me zit komt het in me op dat Jonas nu ook muziek heeft. Zachtjes klop ik op de deur. Ik voel alle ogen in m'n lichaam prikken. Meneer Thijs vraagt me te gaan zitten. 'Agenda is nog niet nodig deze week vanaf volgende week agenda als je te laat bent'. Ik hoor iedereen klagen. Ik zoek een jongen. Jonas. Ik zie dat er naast hem nog plaats is en ga naast hem zitten. Onze blikken wisselen en ik glimlach hartverwarmend. Ik zie z'n oogjes twinkelen. Oh dit is té schattig.
Als de les gedaan is en Jonas wilt vertrekken pak ik hem vast bij zijn arm. Voor een moment kan ik niks bedenken dan enkel z'n gespierde armen. Maar dan voel ik hoe hij mij zit aan te staren vol verbazing. 'Ik vroeg me af...of..euhm' ik vervloek mezelf. Hoe kan ik nu niet uit m'n woorden komen. Straks is hij weg en heb ik het niet gevraagd. 'Wil je na school iets met me gaan drinken?', vraag ik snel. Ik zie hem grijnzen en vanbinnen zie ik hem ontploffen van geluk, of beeld ik me dat nu in? 'Ik zou heel graag met je iets gaan drinken', zegt hij. Ik ben betoverd door die stem van hem. Hij is zo geweldig. 'Jongens, ik ga de klas afsluiten dus willen jullie alstublieft naar buiten gaan?', vraagt meneer Thijs. We nemen onze rugzak en gaan naar de speelplaats.
Op de speelplaats zie ik Charlie alleen zitten. Ze staart voor haar uit met een gigantische glimlach. Ik kom bij haar zitten. 'Wat valt er zo te lachen?', vraag ik subtiel. Ze reageert niet en blijft staren. Ik knipper met m'n vingers voor haar ogen. 'Aarde aan Charlie?'. Ze schiet wakker. 'Ja, wat is er?', vraagt ze nog steeds even enthousiast. 'Waar droomde je net over?', vraag ik met een wenkbrauw omhoog. 'Oh over regenbogen en vliegende eenhoorns, pluche bever die dansen.', ze remde nog al hard af op het einde van haar zin. 'En wat nog?', vraag ik. Ik zie hoe verlegen ze wordt. 'Er is een kei schattige krullebol op school', fluistert ze. Ik lach. Die krulletjes zullen zeker schattig zijn, maar Jonas blijft de schattigste. Ik kijk naar Jonas en zie hem bij die jongen staan waar hij altijd bij staat. 'Is dat die schattige krullebol?', ik wijs richting de vriend van Jonas. Charlie knikt hevig. Ik zie Jonas naar me kijken. Ik word stokstijf en bloos. 'Bever? Bever..?', vraagt Charlie. Pas bij de derde keer draai ik me naar haar toe. 'Mmm?'. 'Waar staarde je naar? Of moet ik beter vragen, naar wie?!', ze kijkt me met grote ogen aan. 'Naar niemand Charls', ontken ik. Ze rolt met haar ogen. Ze beslist van onderwerp te veranderen. 'Wil je na school mee naar m'n thuis komen?', vraagt ze lief. Ik schud m'n hoofd. 'Ik heb vandaag al afgesproken, sorry', zeg ik. Ik vind het jammer voor haar, maar we spreken wel een andere keer af. 'Met wie? Met wie? Met wieeeeeee?', vraagt Charlie. 'Niemand speciaal', zeg ik kort. 'Je hebt toch niet afgesproken met die vriend van Jimmy', lacht Charlie. Ik kijk naar m'n schoenen en glimlach zacht. 'HEB JIJ EEN DATE MET HEM?!', vraagt/roept ze en ze wijst naar Jonas. Iedereen kijkt naar ons. Ik doe haar arm naar beneden. Ik glimlach verontschuldigend naar Jonas. 'Nee, gewoon afspreken, niks speciaal', zeg ik fluisterend tegen haar. Jimmy komt erbij staan. 'Hey bever!', zegt Charlie enthousiast en vliegt Jimmy om zijn nek. Jonas komt langzaam bij me staan. 'Het lijkt wel een jaar geleden dat ik je zag', zegt ze nog even enthousiast. Nou, ze gebruikt net zoals in m'n droom/visioen vaak het woord bever. 'Wie is die vriend van jou?', probeert Charlie tegen Jimmy te fluisteren maar we kunnen het toch horen. 'Dat is Jonas. M'n beste vriend!', zegt Jimmy trots. Charlie glimlacht. 'Over jouw heb ik al veel gehoord!'. Oh Charlie, moest je dat nu echt zeggen?! 'Is dat zo?', vraagt hij verward. 'Ja! Mila ve..'. Ik zet m'n hand voor haar mond zodat ze ophoud met praten. De bel gaat. Ik ben zo blij dat ik eindelijk een keer geluk heb. 'Tot straks', zeg ik en dan verdwijn ik weer.
Eindelijk. Het laatste uur van vandaag zit erop. Ik ga naar m'n kluisje en wacht op Jonas. Ik zie hem nergens. Ik sta hier al zo'n half uur. Ik besluit om naar buiten te gaan. Ik heb z'n nummer nog niet. Ik ken hem nog geen week. Als buiten sta zie ik Jonas aan de poort wachten. 'Jonas?!', vraag ik. Ik kom naast hem staan. 'Oh sorry, ik wist niet waar je was en ik wachtte aan de kluisjes. Oh echt sorry!', verontschuldig ik me. Hij waait het weg. 'Je hoeft geen sorry te zeggen, de volgende keer moeten we duidelijk afspreken waar we op elkaar wachten', zegt hij. De volgende keer. Dus dat wilt zeggen dat hij vaker met me wilt afspreken? 'Zullen we gaan?', vraag ik. Hij knikt. We beleefden het als vrienden. Maar diep vanbinnen wisten we dat het meer dan dat was.
