~ Hoofdstuk 23 ~

4K 68 9
                                        

Het was klokslag elf uur toen Clay zijn motor uitzetten en zijn helm afdeed. Zijn halflange, blonde haar schudde hij heen en weer, om het vervolgens in een knot vast te binden. De helm hing hij aan zijn motor.

Jones was nog niet op komen dagen. Niet dat de blonde man trouwens anders had verwacht - hij betwijfelde of hij überhaupt wel zou komen. Tijdens het gesprek in de Rode Dame leek hij niet al te enthousiast - geschrokken of geïrriteerd zelfs - en ergens had Clay het idee dat de man helemaal niets meer met hen te maken wilde hebben. Aan de andere kant, als hij er goed over nadacht, kon hij zich niet voorstellen dat Jones (aka Mckenzie aka de Tornado) een leven kon leven zonder zijn familie. Zijn broeders. Hij had, voor het incident van drie jaar geleden, zo'n beetje zijn hele puberteit en daarna volwassen leven gewijd aan het opzetten van de club. Als het zo'n groot deel uitmaakte van zijn leven, kon hij dan überhaupt afstand doen van dat leven? En voor wat eigenlijk? Voor elke dag drinken? Hij had zelfs een dochter, een bloedmooie dochter, en ook daar besteedde hij naar Clays idee weinig tot geen aandacht aan.

Maar zei dat wat? Was dat alles genoeg om hem te laten komen, om hem nog een kans te geven?

Na bijna twintig minuten gewacht te hebben gaf Clay de hoop op. Zoals hij al dacht was Mckenzie nog steeds niet komen opdagen, en er moest wel heel wat gebeuren wilde hij na twintig minuten nog komen.

Tenzij...

Clay stopte abrupt met lopen. Een gedachte was hem te binnen schoten, een andere mogelijkheid, en hoop nestelde zich meteen in zijn binnenste.

Wat als Mckenzie er al was?

'Ronald,' sprak Clay daarom hardop. 'Ik weet dat je daar bent.'

Zijn woorden echoden over het meer, weerkaatsten terug via de bomen en lieten vervolgens een dodelijke stilte achter. Afgezien van een zuchtje wind dat de bladeren deed ritselen, hoorde hij niets. Helemaal niets dat wees op de aanwezigheid van de Tornado.

Maar al die jaren ervaring in het veld, al die jaren van training, moesten de man natuurijk wel onzichtbaar kunnen maken. Stil en stiekem, zo dusdanig dat zelfs Clay hem niet zou opmerken.

'Ronald - kom gewoon tevoorschijn, man.'

En toen hoorde hij het. Lichte voetstappen, rechts achter hem, niet ver bij zijn motor vandaan. Snel draaide Clay zich om, terwijl hij verwachtte de man tussen de bomen vandaan te zien komen lopen.

Maar er was niets. Niets dan duisternis en natuur.

Wat hoorde hij dan? Of, beter gezegd, wie hoorde hij dan?

'Je moet echt beter opletten.'

Met een ruk draaide Clay zich om. Nog voordat hij zich besefte wat er gebeurde, voelde hij een enorme dreun tegen zijn kaak aan knallen. Vloekend deed hij een stap achteruit, terwijl hij met zijn rechterhand zijn wang vastgreep.

'What the hell, man!' riep Clay, waarna hij zijn wang losliet en naar de oude man opkeek. 'Als je wilt vechten, moet je het nu zeggen!'

Ricardo Jones, aka Ronald Mckenzie, lachte hardop. Het geluid beukte zich in Clays oren en woede borrelde op in diens binnenste. Hij voelde zijn nekharen omhoogschieten en een tinteling van pure boosheid door zijn lichaam vloeien. Het liet zijn vuisten jeuken en zijn kaken verstrakken - maar hij hield zich in.

Het was het niet waard.

'Laat dit een les zijn voor de volgende keer,' sprak Mckenzie toen, waarna hij zijn hand uitstak naar Clay. 'Blijf altijd op je hoede, en belaag me nooit weer zoals in de kroeg.'

De jonge, blonde man staarde naar de uitgestoken hand van zijn voormalige broeder, en voor enkele seconden twijfelde hij of hij deze überhaupt zou aanpakken. Wat dacht die vent wel niet? Dat Clay één of andere, onervaren snotneus was? Dat hij na hun gesprek in de Rode Dame ineens respéct voor deze gast moest hebben? Bullseye mocht hem misschien kennen van vroeger - maar Clay niet. Respect moest je verdienen.

Altijd.

'Kom op, stel je niet zo aan,' sprak de man toen. 'Je weet dat ik gelijk heb.'

Onder het motto van 'het doel heiligt de middelen', nam Clay Mckenzie's hand aan en schudde hij deze.

Voor het goeie doel.

'Nou,' zei de oudere man zodra ze elkaar loslieten. 'Vertel - waarom ben ik hier?'

'Alsof je dat niet weet,' snoof Clay. 'Ik heb het volgens mij vrij duidelijk gemaakt.'

'Klopt,' beaamde Mckenzie, terwijl hij een zilveren heupfles van zijn riem haalde en deze open schroefde. 'Maar waarom?'

'Omdat ik wil weten wat de waarheid is, Jones. Of Mckenzie... Ronald - Ricardo? Hoe wil je het?'

De oudere man gromde, maar ging er niet tegenin. Ergens moest hij ook wel weten dat Clay gelijk had.

'Wil je het echt weten?' zei hij toen, nog een slok uit de zilveren heupfles nemend. 'Het kan je hele wereldje doen instorten.'

Clay fronste. Zijn wereldje? Instorten? Wat voor informatie moest deze man dan wel niet hebben? Of, beter gezegd, wat was dan in godsnaam de waarheid wel niet? Het moest wel heel erg schokkend zijn, wilde zijn wereldje instorten.

Als dat überhaupt al kon.

'Vertel het nou maar.'

Mckenzie zuchtte, stopte zijn heupfles weg en gebaarde Clay om op de stenen bij de oever van de vijver te komen zitten. Meteen deed hij wat van hem gevraagd werd, waarna hij Mckenzie afwachtend aankeek.

De oudere man zuchtte.

'De reden waarom ik niet ben komen opdagen bij het gesprek met Bullseye,' begon hij zacht, alsof er meer mensen meeluisterden dan alleen hijzelf, 'is omdat precies hij de reden is dat ik drie jaar geleden verdwenen ben.'


***

gelukkig nieuwjaar lieverds! <3

His Lessons ft. Harry Styles [Nederlands] #WinnerWattys2019Waar verhalen tot leven komen. Ontdek het nu